Klikzink
Een paardenstal met zonnepanelen erop is inmiddels een gewoon beeld op het erf. Het dakvlak is vaak groot, vrij van schaduw en precies op het zuiden georiƫnteerd, en de eigenaar gebruikt toch al stroom voor verlichting, een waterpomp of stalapparatuur. De vraag die bij ons binnenkomt is minder vaak of het kan, en vaker hoe je het bevestigt zonder het dak lek te maken en zonder het klimaat in de stal te verstoren. Dat laatste is bij een paardenstal een ander verhaal dan bij een woonhuis, en dat verschil bepaalt hoe wij het aanpakken.
Bij een woonhuis is een dak dat af en toe zweet een kwestie van comfort: een vlek op het plafond, een vochtige geur op zolder. Bij een paardenstal ligt dat anders. Onder het dak staan dieren die ammoniak, vocht en stof produceren, en die damp trekt omhoog naar de onderkant van de dakplaat. Condenseert die daar, dan druppelt het vocht terug naar beneden, vaak precies op het strooisel, de voerbak of de paarden zelf. Dat is niet alleen een onderhoudsvraag maar een gezondheidsvraag: een stal die structureel te vochtig is, is voor de luchtwegen van paarden merkbaar minder prettig. Bij het ontwerpen van een dak met zonnepanelen voor een paardenstal nemen wij die ventilatie daarom als uitgangspunt, niet als bijzaak die we er later bij regelen.
Ook het gewicht en de bevestiging liggen anders dan bij een woonhuis. Stalgebouwen zijn vaak opgetrokken uit een lichte stalen of houten spantconstructie, gedimensioneerd op het dakgewicht zelf en niet per se op extra belasting. Zonnepanelen, de montagerails en de bekabeling brengen gewicht en puntbelasting met zich mee die de constructie moet kunnen dragen, en dat is iets wat we vooraf narekenen, niet achteraf constateren.
Felsplaten hebben een fels van 35 millimeter die haaks op de plaat staat. Die fels is niet alleen de verbinding tussen twee platen, hij is ook het aangrijpingspunt voor de montage van zonnepanelen. Met klemmen die om de fels sluiten, zetten we de draagrails voor de panelen vast zonder dat er een schroef of boorgat in het dakvlak zelf komt. Geen perforatie betekent geen nieuw lekpunt, en bij een dak boven dieren en stof is dat precies waar het om gaat: elke doorboring is een plek waar vocht op termijn een weg naar binnen kan vinden, en in een stal met ammoniakdamp en een vochtig binnenklimaat is dat een risico dat je liever niet neemt.
Deze klemverbinding werkt op praktisch elke gangbare felshoogte en -breedte, en de belasting van de panelen wordt via de klem en de fels afgevoerd naar de onderliggende gordingen. Dat vraagt wel dat de klemmen op de juiste plek langs de plaat komen, dus we bepalen de positie van de rails in overleg over de spantafstand van de stal, niet los daarvan. Bij een oud stalgebouw met ongelijke gordingafstanden betekent dat soms schuiven met de rails, en dat overleggen wij liever vooraf op tekening dan tijdens de montage op het dak.
Bij een bestaand dak beginnen we met de vraag of de felsplaten er al liggen of nog moeten komen. Liggen ze er al, dan is de vervolgstap een controle van de fels zelf: is die nog strak gesloten, zit er geen vervorming in, is de plaat nog goed verankerd op de ondergrond. Onder gewicht van panelen en rails moet die fels zijn functie blijven vervullen, en een fels die al los begint te staan is geen goede basis voor een klemverbinding.
Daarna volgt de indeling van het paneelveld. Bij een paardenstal is de dakhelling vaak beperkt, en bij felsplaten kan dat al vanaf zes graden. Bij zo'n lage helling houden we rekening met de afwatering rond de rails en klemmen, zodat er geen vuil of bladafval blijft liggen op plekken waar het water minder snel wegloopt. Vervolgens komt de ventilatie in beeld: als er nog geen doorlopende nok- of gevelventilatie is, adviseren we die mee te nemen in hetzelfde traject, want een paneelveld op het dak mag de luchtstroming onder de plaat niet blokkeren. Pas als die twee dingen kloppen, gordingcontrole en ventilatie, plaatsen we de rails en de panelen.
Bij nieuwbouw of een dakvervanging ligt de volgorde net iets anders: dan bepalen we de plaatlengte en de felspositie al met de zonnepanelen in het achterhoofd, zodat er geen kritische fels precies onder een paneelrand valt. Dat is iets wat we op tekening meenemen, zonder extra kosten, en het scheelt achteraf puzzelen met de indeling.
De coating op onze platen is een organische laag van 50 micrometer die bestand is tegen de gangbare buitenomstandigheden, maar de binnenkant van het dak krijgt in een paardenstal met iets anders te maken dan bij een woonhuis: fijn stof van hooi en strooisel, en ammoniakdamp die opstijgt vanuit de mest. Die damp is corrosief voor onbeschermd staal, en dat is een van de redenen waarom Sendzimir verzinkt staal met een dubbelzijdige zinklaag hier meer is dan een technische specificatie: de onderkant van de plaat krijgt in een stal een zwaardere belasting te verduren dan de bovenkant, en die bescherming werkt aan beide zijden.
De ventilatie die we eerder noemden staat hiermee ook in verband. Een dak dat goed geventileerd is, voert niet alleen vocht af maar ook een deel van de ammoniakdamp, en dat is beter voor de plaat aan de binnenzijde en voor de lucht die de paarden inademen. Een dicht dak zonder luchtafvoer, met een paneelveld erop dat de luchtstroming verder beperkt, is in een stal een minder gunstige combinatie dan bij een schuur waar alleen materiaal ligt opgeslagen.
Er zijn situaties waarin wij afraden om zonnepanelen met klemmen op de fels te monteren. Is de bestaande dakconstructie marginaal gedimensioneerd, met spanten die nauwelijks de eigen dakbedekking dragen, dan is eerst een constructieve beoordeling nodig voordat er extra gewicht bij komt; wij passen dan liever het advies aan dan dat we een paneelveld plaatsen op een dak dat daar niet voor gebouwd is. Is de bestaande fels al aangetast door corrosie of mechanische schade, dan raden we aan die eerst te vervangen voordat er een klem op komt te zitten, want een klem op een verzwakte fels geeft geen betrouwbare verbinding.
Ook bij een dakvlak dat sterk noord gericht is, of grotendeels in de schaduw van bomen of andere gebouwen valt, is het de moeite waard om vooraf te bekijken of de opbrengst de investering rechtvaardigt; dat is overigens een vraag die meer met de zoninstraling dan met het materiaal te maken heeft. En bij een stal waar de ventilatie al marginaal is en waar geen ruimte is om die te verbeteren, adviseren we eerst dat probleem op te lossen voordat er een paneelveld bijkomt dat de luchtstroming verder beperkt.
Heeft u een paardenstal met een felsdak, of overweegt u een nieuw dak met het oog op zonnepanelen, dan denken we graag mee op basis van een tekening of een foto van de bestaande situatie. Daarbij kijken we naar de gordingafstand, de staat van de fels en de ventilatie, zodat u vooraf weet waar u aan toe bent voordat er een paneel op het dak ligt.