Klikzink

Felsplaten kapschuur: dakramen en doorvoeren

Een kapschuur heeft meestal geen plafond en geen isolatie. Wat er tegen de onderkant van de plaat gebeurt, ziet u dus meteen: als er 's nachts condens ontstaat, druppelt die op de opslag of het vee daaronder. Dat maakt elke doorvoer in het dak, of het nu een lichtstraat is, een afvoerpijp of een kabeldoorgang, een ander vraagstuk dan bij een woning met een geïsoleerde kap. Daar zit de coating aan de onderkant van de plaat achter een isolatiepakket verstopt en speelt condens vooral bij de aansluitdetails. Bij een open kapschuur is het hele dakvlak één groot koud oppervlak, en een doorvoer is een plek waar dat oppervlak onderbroken wordt. Die onderbreking moet twee dingen kunnen: water buiten houden en condensvocht niet laten vastzitten.

Waarom condens hier de eerste vraag is

Staal geleidt warmte snel weg. Zonder isolatie koelt de plaat 's nachts sterk af, sneller dan de vochtige lucht in de schuur. Die lucht komt in contact met de koude plaat en slaat neer als condens, precies zoals een fles bier beslaat op een warme dag. Bij een gesloten kap met isolatie speelt dit veel minder, omdat de plaat aan de onderkant nauwelijks afkoelt. Bij een kapschuur zonder isolatie is condens onder het dakvlak vrijwel de norm, niet de uitzondering. Dat op zich is meestal geen probleem: het vocht verdampt overdag weer, of het loopt weg over de plaat naar de dakrand. Een doorvoer verandert dat evenwicht. Rond een lichtkoepel of een afvoerpijp zit een opstand, een inbouwframe of een sok die de doorlopende plaat onderbreekt. Op die plek kan condens niet meer vrij wegstromen; het verzamelt zich tegen de opstand aan, en daar moet de detaillering op inspelen. Bouwt u de doorvoer zoals u dat bij een geïsoleerd dak zou doen, met een aansluiting die vooral op regenwater is berekend, dan loopt het condensvocht juist naar de plek waar u het niet wilt hebben.

De gordingafstand bepaalt waar u een doorvoer kunt plaatsen

Bij een kapschuur staan de gordingen vaak veel verder uit elkaar dan bij een woonhuis, omdat de open overspanning nu juist het punt van het gebouw is. Dat betekent dat de plaat tussen twee gordingen een langere vrije lengte overbrugt. Een lichtstraat of een dakraam moet altijd op de gording of vlak ernaast landen, anders krijgt u een doorbuiging in het vlak precies op de plek waar de plaat al onderbroken is door de opening. Bij een nieuwbouw kapschuur bepaalt u de gordingmaat vooraf mede op basis van waar de doorvoeren komen; bij een bestaande schuur waar u achteraf een lichtstraat wilt toevoegen, moet u eerst opmeten waar de gordingen liggen voordat u de positie van de opening vastlegt. Een lichtstraat die toevallig midden tussen twee gordingen valt, geeft op termijn meer kans op een lichte deuk in het vlak rond de opstand, en juist daar wilt u geen laagte waar water of condens kan blijven staan.

De opstand rond de opening

Rond elke doorvoer, of het een lichtkoepel, een ventilatiekap of een pijpdoorvoer is, komt een opstand die hoger is dan de felshoogte van 35 millimeter. Bij een dakhelling vanaf zes graden, wat voor felsplaten het minimum is, loopt water traag over het vlak; een lage opstand is dan sneller een punt waar water tegenaan kan lopen bij wind uit een ongunstige hoek. Bij een kapschuur, waar het dakvlak vaak lang en onbelemmerd doorloopt zonder de onderbrekingen die een complexer dak wel heeft, kan windbelasting over een groter oppervlak optrekken en meer druk op een enkele opstand zetten. Daarom werken wij de opstand altijd door tot boven de fels, met een eigen waterkerende rand die los staat van de plaat zelf, zodat de aansluiting niet afhankelijk is van kit of een enkele overlap. Bij de klimaatgestuurde kant van het verhaal, het condensvocht aan de onderkant, geldt iets anders: daar is geen opstand nodig maar juist ventilatie. Een lichtstraat met een gesloten voet houdt de lucht onder het dak stil op die plek, en stilstaande lucht condenseert eerder dan lucht die kan bewegen. Een frame met een kleine ventilatiespleet aan de onderzijde, of een doorvoer die wat verder van de nok af staat waar de luchtstroom onder de kap sterker is, voorkomt dat het gewoon een verzamelplek voor vocht wordt.

Doorvoeren voor leidingen en kabels

Bij een kapschuur lopen vaak leidingen voor een drinkbak, een lichtpunt of een ventilator dwars door het dak. Anders dan een lichtstraat is dit een kleine, ronde doorvoer, meestal met een sok van rubber of EPDM die om de leiding sluit. Het knelpunt hier is niet de waterdichtheid aan de bovenkant, die is met een goede sok eenvoudig op te lossen, maar de plek waar de sok tegen de koude plaat aan zit. Rond die aansluiting condenseert vocht net zo makkelijk als elders op het dak, en bij een kleine doorvoer valt dat sneller op omdat het rechtstreeks op de vloer of de installatie eronder drupt. Plaats een kleine doorvoer daarom niet vlak boven een gevoelige plek, zoals een schakelkast of een voederbak, ook al is dat de kortste route voor de leiding. Een paar meter verzetten, met een iets langere leidingloop, is vaak de eenvoudigste oplossing.

Wanneer een doorvoer hier geen goed idee is

Soms is de conclusie dat u beter geen opening in het dakvlak maakt. Bij een zeer ondiepe dakhelling, dicht bij de ondergrens van zes graden, staat water al langer op het vlak dan bij een steiler dak; een doorvoer die daar niet feilloos is uitgevoerd, geeft eerder een lek dan bij een dak met meer verval. Ook bij een kapschuur die vooral droge opslag herbergt, zoals hooi of stro, is een lichtstraat met een risico op condensdruppels eronder een reden om liever te kiezen voor lichtstraten in de gevel, boven de deuren, in plaats van in het dakvlak zelf. Dat geeft daglicht zonder het vochtrisico rechtstreeks boven de opslag. Bij dieren daarentegen is een lichtstraat in het dak vaak juist wel gewenst, omdat het daglicht boven de dieren zelf voor het welzijn meetelt; daar is het dan zaak de opstand en de ventilatie wel goed te regelen in plaats van de opening te vermijden.

Wat u nu kunt doen

Als u een lichtstraat, een pijp of een kabeldoorvoer in het dak van een kapschuur overweegt, is het verstandig om eerst de gordingmaat en de functie van de ruimte eronder in kaart te brengen voordat u de positie van de opening vastlegt. Wij denken op basis van een tekening mee over waar een doorvoer wel en niet goed uitkomt, en dat kost u niets.

Terug naar het overzicht

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink