Klikzink
Een boerenschuur staat zelden stil voor de bouwvakker. Er moet geoogst worden, er staat vee binnen dat niet weken droog kan zitten onder een halfopen dak, en vaak zit er nog een asbestdak boven de dieren of de opslag dat er wettelijk eerst af moet. Dat is de reden waarom dakramen en doorvoeren bij dit gebouwtype een ander verhaal zijn dan bij een loods die leeg staat of een nieuwbouwstal die nog niet in gebruik is. Hier gaat het niet alleen om waterdicht krijgen van een doorvoer, maar om de volgorde waarin dat moet gebeuren terwijl het bedrijf doorloopt.
Bij dakpannen werkt een doorvoer met een loden slab die je om de pijp plooit en onder de pannen erboven steekt. Bij een felsdak werkt dat niet, want de platen liggen strak tegen elkaar met een opstaande naad van 35 millimeter en er is geen ruimte om iets onder een volgende rij te schuiven. Een doorvoer in klikfels wordt daarom altijd vooraf ingepast: op de plek waar de buis, kap of lichtkoepel komt, wordt de plaat zelf voorzien van een pasgesneden opening, met een manchet of een gesoldeerde kraag die aansluit op de fels ernaast. Dat betekent dat de maat van de doorvoer bekend moet zijn voordat de platen gewalst worden. Bij een schuur waar de melkstal-afzuiging, de mestkelderventilatie en misschien een lichtstraat boven de voergang allemaal op andere plekken zitten, meten we dat samen met u op tekening op, en dat kost niets. Een verkeerd ingemeten doorvoer is op een dak dat al ligt veel lastiger te repareren dan een verkeerd ingemeten doorvoer die nog gewalst moet worden.
Bij veel boerenschuren van deze leeftijd ligt er nog asbesthoudende golfplaat of asbestleien onder wat er nu op moet komen. Dat verandert de volgorde van werken. De asbestplaten moeten eerst gecertificeerd verwijderd worden voordat er iets nieuws op de gordingen komt, en tijdens die sanering ligt het dak open. Voor een schuur waar dieren onder staan is dat een venster dat u zo kort mogelijk wilt houden, en voor een schuur met opgeslagen ruwvoer geldt dat nog sterker. Wij leveren de platen op maat en op de millimeter, inclusief de uitsparingen voor doorvoeren en de kaders voor dakramen, zodat het moment waarop het dak open ligt beperkt blijft tot het strippen en het direct daaropvolgend dichtleggen. Improviseren met doorvoeren nadat het dak al ligt, is dan geen optie meer: de tijdsdruk van de sanering dwingt tot voorbereiding.
Veel schuren krijgen een lichtstraat of een paar losse lichtkoepels boven de voergang, de melkstal of de werkplaats, vaak op de plek waar vroeger een golfplaat met lichtdoorlatende kunststofstrook lag. In een felsdak wordt dat opgelost met een prefab kader dat in de plaat is ingewerkt, met de fels van de aangrenzende banen die er overheen doorloopt of tegenaan sluit. Dat kader moet op de juiste plek in de baan vallen, niet toevallig midden op een fels, want daar zit de klem die de plaat aan de gording bevestigt. Bij een schuur met een ongelijke gordingmaat, wat bij oudere gebouwen vaker voorkomt dan bij nieuwbouw, meten we daarom de bestaande maatvoering op locatie na voordat we de platen walsen. Een lichtstraat die een paar centimeter verschuift ten opzichte van de tekening is bij een fabrieksloods een esthetisch probleem, bij een schuur waar het licht precies op de looppaden van het vee moet vallen is het een functioneel probleem.
Een tweede verschil met andere gebouwen is de belasting die specifiek bij veehouderij en opslag optreedt: zware afzuigkokers voor mestgassen, ventilatoren die aan het dakvlak hangen, of een graanafvoerbuis die door het dakvlak van een opslagschuur gaat. Die onderdelen hangen vaak met eigen gewicht aan de constructie, niet aan de felsplaat zelf. Bij de aansluiting van de plaat om die doorvoer heen houden we daar rekening mee: de plaat krijgt de waterkerende functie, de gording of een aparte drager het gewicht. Wie dat omdraait en de doorvoer aan de plaat laat hangen, krijgt op termijn een lekkage op precies de plek waar je hem het minst wilt, namelijk boven het vee of boven de opslag.
Op een schuur die in bedrijf is, wordt het dak vaak in vakken aangepakt: eerst het deel boven de opslag, dan het deel boven de stallen, met het vee tussentijds verplaatst naar een ander deel van het gebouw of naar buiten. Doorvoeren en dakramen die in dat tussenliggende vak vallen, moeten dus precies op het moment dat dat vak aan de beurt is klaarliggen, met de juiste positie al vooraf bepaald. Dat is een andere planning dan bij een leegstaand pand, waar je in willekeurige volgorde kunt werken en fouten in de laatste fase nog kunt herstellen zonder dat het iemand hindert. Bij een werkende schuur plant u de doorvoeren dus niet aan het einde van het traject in, maar aan het begin, samen met de rest van de maatvoering.
Niet elke gewenste positie voor een dakraam of doorvoer is een goede positie. Een lichtstraat precies op de plaats waar een spanriem of een gording extra belast wordt, is constructief onhandig. Een afzuigkanaal vlak naast een felsnaad geeft een aansluiting die weliswaar te maken is, maar meer kwetsbare naad oplevert dan nodig. In dat soort gevallen adviseren we de doorvoer een baanbreedte te verschuiven, ook als dat betekent dat de looppaden van de dieren er net anders bij komen te liggen dan u in gedachten had. Dat is geen kwestie van esthetiek, maar van hoeveel naad en aansluiting er straks in het dak zit die onderhoud kan gaan vragen.
Als er dakramen of doorvoeren in uw nieuwe felsdak moeten komen, is het verstandig om eerst een lijst te maken van alles wat door het dak moet: lichtstraten, afzuiging, ventilatiekokers, eventuele doorvoeren voor toekomstige zonnepanelen. Stuur die lijst met een tekening of foto van de bestaande situatie naar ons op. Wij kijken mee naar de positie ten opzichte van de gordingen en de fasering van de sanering als er nog asbest onder ligt, en werken de platen met de juiste uitsparingen uit voordat ze gewalst worden. Zo staat het dak weer dicht op het moment dat de oogst binnen moet of het vee weer naar binnen kan.