Klikzink
Bij een paardenstal krijgen we regelmatig de vraag of de oude dakpannen kunnen blijven liggen en of daar overheen een nieuwe dakbedekking van felsplaten kan komen. Het antwoord is dat het kan, maar niet vanzelfsprekend, en dat de afweging bij een stal anders ligt dan bij een woonhuis of een schuur zonder dieren. De reden zit niet alleen in de constructie, maar vooral in wat er onder dat dak leeft en ademt.
Dakpannen die nog goed liggen en waarvan de onderconstructie droog en recht is, vormen een prima drager voor een nieuw dakvlak. Er wordt dan een raat- of panlattenconstructie op de bestaande pannen aangebracht, waarop de felsplaten vervolgens verankerd worden. Dat scheelt sloopwerk, scheelt afvoer van puin en scheelt vaak een paar werkdagen. Voor een aannemer die met paarden in de buurt moet werken, is dat geen overbodige luxe: hoe minder dagen er boven onrustige dieren gewerkt wordt, hoe beter. Ook is er tijdens de werkzaamheden geen moment waarop het dak volledig open ligt, wat bij een gebruikte stal praktisch is omdat de dieren niet weg hoeven.
De nieuwe panlatten of een houten regelwerk voegen een paar centimeter toe aan de dakopbouw. Bij een lage stal met een beperkte nokhoogte of een dakhelling die al aan de ondergrens van zes graden zit, telt elke centimeter. Wij kijken daarom altijd eerst naar de bestaande hoogte ten opzichte van de goot en de aansluiting op de gevel. Bij een paardenstal met een lage borstwering, waar de dakrand vaak net boven de deur- of raamopeningen doorloopt, kan een paar centimeter extra opbouw al genoeg zijn om de aansluiting op kozijnen of luiken te verstoren. Dat is op te lossen, maar het vraagt aanpassingen aan de goot, de daktrim en soms aan de kozijnen zelf, en die aanpassingen horen in de planning vanaf het begin, niet als verrassing achteraf.
De goot verdient in dit verhaal apart aandacht. Bij een stal loopt de goot vaak laag boven een paddock, een uitloop of een looppad waar paarden en mensen elkaar passeren. Een paar centimeter hoger dakvlak betekent een paar centimeter lagere vrije hoogte onder de goot, of een goot die verlegd moet worden. Bij een stal met een royale nokhoogte is dit zelden een probleem. Bij een lage, oudere stal, vaak gebouwd voor pony's of kleinere paarden, kan het net het verschil maken tussen een goede en een ongelukkige oplossing.
Bij een woonhuis is condensvorming onder het dakvlak vooral een kwestie van comfort en het voorkomen van vochtplekken. Bij een paardenstal is dat een andere orde van vraag. De lucht onder het dak van een stal bevat fijn stof van hooi en stro, ammoniak uit mest en urine, en een hoge relatieve luchtvochtigheid door de adem en de warmte van de dieren. Die lucht moet weg kunnen, en het dakvlak mag niet de plek worden waar vocht condenseert en vervolgens neerdruppelt op de dieren, het strooisel of de balen boven de box.
Een dak dat over bestaande pannen heen wordt gelegd, krijgt bijna automatisch een spouw tussen de oude pannen en de nieuwe felsplaten. Die spouw kan een voordeel zijn: als hij aan beide zijden geventileerd is, helpt hij vocht en ammoniakdamp afvoeren voordat ze de onderzijde van de stalen platen bereiken. Wordt die spouw echter dichtgezet, of is er geen aan- en afvoer bij de gootlijn en de nok, dan wordt het juist een gesloten ruimte waarin vochtige, ammoniakhoudende lucht blijft hangen. Dat tast op de langere termijn niet alleen de houten constructie aan, maar is ook merkbaar voor de dieren: een stal die niet goed ventileert, ruikt er ook naar.
Bij klikfelsplaten komt daar nog een detail bij dat bij een stal zwaarder telt dan elders. Het staal van de platen is verzinkt en gecoat, en bestand tegen een normaal buitenklimaat. Een blijvend vochtig binnenklimaat met ammoniakdamp is een ander verhaal. Ammoniak is agressief voor metalen, en een dak dat aan de onderzijde continu met vochtige, ammoniakrijke lucht in aanraking komt, vraagt om een doordachte ventilatie van de spouw en soms om een dampopen onderlaag die de damp reguleert zonder hem vast te houden. Dat is bij een paardenstal geen kwestie van comfort, maar van de levensduur van het dak zelf en van de gezondheid van de dieren die er onder staan.
Bij een stal met bestaande pannen die blijven liggen, beginnen we altijd met een beoordeling van de onderconstructie: liggen de pannen nog vlak, is het houtwerk droog, is er al een vorm van ventilatie in de nok of bij de gootlijn aanwezig. Daarna volgt de keuze voor de tussenconstructie, meestal een raatwerk dat voldoende luchtruimte biedt tussen oude pannen en nieuwe felsplaten. Pas als die luchtroute vaststaat, bepalen we de maatvoering van de felsplaten. Omdat wij op de millimeter leveren, kan de platenmaat precies afgestemd worden op de beschikbare lengte van goot tot nok, inclusief de ruimte die de nieuwe opbouw vraagt. Aansluitend wordt gekeken naar de gootdetails: blijft de bestaande goot bruikbaar, of moet die verlegd of vervangen worden om de nieuwe hoogte op te vangen. Pas in de laatste fase worden de platen zelf gelegd en blind bevestigd met klemmen onder de fels, zodat er geen schroefgaten in het zicht komen die bij vochtige, ammoniakrijke lucht sneller kunnen gaan roesten dan bij een droge schuur.
Liggen de bestaande pannen scheef, zijn de panlatten verrot, of is er nu al schimmel of houtrot te zien aan de binnenzijde van het dak, dan is doorbouwen op die ondergrond geen besparing maar uitstel van een groter probleem. Bij een stal waar de ammoniakconcentratie hoog is, bijvoorbeeld door een intensieve bezetting of een gesloten stalsysteem zonder frisse lucht van buiten, is een dichte tussenconstructie zonder goede ventilatie geen optie: dan is het verstandiger om het dak wel open te leggen, de oude pannen te verwijderen en een nieuwe onderconstructie te maken die vanaf het begin op ventilatie is doorgerekend. Ook als de nokhoogte al beperkt is en de goot al laag boven de uitloop hangt, kan het optellen van een extra laag de bruikbaarheid van de stal onder het dak te veel beperken. In die gevallen loont het om eerst met ons op tekening te kijken naar wat er wel en niet kan, dat kost niets en voorkomt dat er een dak op komt te liggen dat op papier klopt maar in de praktijk niet ademt.
Wilt u weten of uw stal geschikt is om over de bestaande pannen heen een nieuw dakvlak van felsplaten te krijgen, dan is het verstandig om eerst de staat van de onderconstructie te laten beoordelen en de huidige ventilatie van de stal in kaart te brengen. Stuur ons een tekening of een aantal foto's van de bestaande dakopbouw en de gootlijn, dan denken wij vrijblijvend mee over de maatvoering, de ventilatie van de spouw en de vraag of dit voor uw stal de juiste route is.