Klikzink

Felsplaten kapschuur tussen de bomen

Een kapschuur die tussen de bomen staat, krijgt een ander regime dan een kapschuur op open terrein. Niet omdat het materiaal anders reageert op vocht, maar omdat de omstandigheden waarin het moet werken structureel afwijken. Blad valt in de goot, mos zet zich op het noorden vast, en schaduw houdt het dakvlak langer nat dan bij een schuur die vrij in de wind staat. Bij een kapschuur komt daar nog iets bij dat weinig te maken heeft met bomen op zichzelf: de grote open overspanning, gordingen op ruime afstand en het ontbreken van isolatie. Die combinatie maakt condens hier de vraag waar alles om draait, en de bomen versterken die vraag alleen maar.

Waarom condens hier de hoofdvraag is

Een kapschuur heeft meestal geen isolatie onder het dakvlak. Dat is functioneel: het gebouw is bedoeld om iets droog te zetten, niet om in te verblijven. Zonder isolatielaag zit de onderkant van de plaat direct in contact met de buitenlucht van de ruimte daaronder. Als die lucht warmer en vochtiger is dan de plaat, slaat het vocht neer tegen de onderzijde. Dat gebeurt het sterkst bij heldere, koude nachten, wanneer de plaat snel afkoelt terwijl de lucht onder het dak nog warmte en vocht bevat.

Staat de schuur tussen bomen, dan verandert er iets specifieks aan dat proces. De kroon van de bomen werkt als een deken die uitstraling naar de heldere nachtlucht deels tegenhoudt op de plekken waar takken boven het dak hangen, maar juist niet boven het open middendeel van een grote overspanning. Het resultaat is een dakvlak dat ongelijk afkoelt: onder de takken iets minder, in het midden van de overspanning voller bloot aan de nachtelijke uitstraling. Bij een kapschuur met een gordingafstand die vaak groter is dan bij een kleinere schuur, ligt de plaat over een langere vrije lengte tussen de steunpunten. Die vrije lengte is precies het deel waar de temperatuurwisseling het meest voelbaar is, omdat er geen gording is die als contactpunt de warmte een beetje afvoert of vasthoudt.

De praktische consequentie is dat condensvorming bij een kapschuur tussen de bomen niet gelijk verdeeld optreedt over het dakvlak, maar geconcentreerd op de vrije velden tussen de gordingen. Wie daaronder iets opslaat dat vochtgevoelig is, hooi, gereedschap met houten stelen, kartonnen dozen, merkt dat het probleem zich niet manifesteert als een lek maar als een langzaam vochtig worden van spullen die maandenlang droog stonden. Dat wordt vaak verward met een fout in de plaat of de fels, terwijl het een gevolg is van de opbouw zonder isolatie in combinatie met de omgeving.

Wat dit betekent voor de opbouw

De oplossing zit niet in een andere plaat, maar in wat er onder de plaat gebeurt. Een condenserende folie of een dampopen onderlaag tussen de gording en de plaat geeft het vocht een plek om te verdampen zodra de temperatuur weer stijgt, in plaats van dat het blijft hangen op het staal. Bij een kapschuur met een grote overspanning is dat een reëlere maatregel dan bijkomende ventilatie alleen, omdat de vrije veldlengte simpelweg te groot is om te vertrouwen op luchtcirculatie langs de gordingen. Ventilatieroosters in de gevelranden helpen, maar lossen niet op wat er midden op een veld van enkele meters breed gebeurt.

Hier is meteen de grens van wat zinvol is. Staat de kapschuur open aan alle zijden, zodat de lucht onder het dak vrijelijk met de buitenlucht meebeweegt, dan is er nauwelijks een vochtverschil tussen binnen en buiten om condens te veroorzaken. In dat geval voegt een condensfolie weinig toe: het probleem waar de folie een antwoord op is, doet zich dan niet voor. Het is dus geen standaardtoevoeging bij elke kapschuur, maar een maatregel die pas zin heeft zodra de schuur aan een of meer zijden dicht is, of zodra er onder het dak iets opgeslagen ligt dat vocht vasthoudt en daardoor de lucht binnen vochtiger maakt dan de lucht buiten.

Blad, mos en de gootlijn

De bomen brengen een tweede, meer zichtbare kwestie mee: blad dat in de goot valt en mos dat zich op de noordzijde van het dakvlak vestigt. Dat raakt niet de plaat zelf, de gecoate stalen ondergrond is hier niet gevoelig voor, maar wel de afvoer. Een dichtgeslibde goot bij een kapschuur met een groot dakvlak en dus een aanzienlijke hoeveelheid afstromend water loopt sneller over dan bij een klein bijgebouw, simpelweg omdat er meer water per strekkende meter goot aankomt. Overlopend water langs de gevel is op zich geen dakprobleem, maar het maakt de aansluitingen aan de onderkant van het dakvlak wel vochtiger dan bedoeld, en dat raakt weer de houten delen van de constructie als die er zijn.

Mos op het noorden is vooral esthetisch, het tast de plaat niet aan, maar het houdt de oppervlaktetemperatuur van het dakvlak lokaal lager en het vocht langer vast. Op een groot, ononderbroken vlak zoals bij een kapschuur is dat verschil met de rest van het dak soms met het oog te zien: een donkerder, vochtiger baan aan de kant waar de bomen schaduw geven. Voor de plaat zelf hoeft dat geen actie te betekenen. Voor het onderhoud betekent het dat de goot bij een kapschuur onder bomen op een andere frequentie leeggehaald moet worden dan gebruikelijk, niet omdat de fabrikant dat voorschrijft, maar omdat de hoeveelheid blad dat simpelweg vraagt.

Wat niet verandert

De fels zelf, de klemmen onder de rand en de coating ondervinden geen wezenlijk ander effect van bomen of schaduw dan op een dak in de volle zon. De temperatuurwisselingen die de plaat opvangt door het materiaal koud te kunnen zetten tot vrij lage temperaturen, spelen zich af op een andere schaal dan het lokale condensvraagstuk onder een grote overspanning. Ook de uitzetting van de plaat, die bij staal beperkter is dan bij zink, wordt niet noembaar beïnvloed door de aanwezigheid van bomen. Wie dus vooral bezig is met de vraag of de plaat de schaduw wel aankan, stelt eigenlijk de verkeerde vraag; de plaat kan dat prima. De vraag die wél telt, is wat er onder de plaat gebeurt zodra er geen isolatie is en de overspanning groot genoeg is om plaatselijk anders af te koelen dan de rest.

Wilt u weten of een condenslaag bij uw kapschuur zin heeft, of speelt de vraag vooral bij de gootafwerking langs de bomen? Stuur ons een tekening of een foto van de bestaande situatie. Meedenken op tekening kost niets, en dan bekijken we samen waar in uw geval het vocht daadwerkelijk vandaan komt.

Terug naar het overzicht

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink