Klikzink

Felsplaten schuurwoning: hoe lang het meegaat

Bij een schuurwoning lopen dak en gevel meestal in één lijn door, zonder de knik die bij een traditioneel huis het dak van de muur scheidt. Dat is precies waarom de vraag hoe lang het meegaat hier anders beantwoord moet worden dan bij een gebouw met een los dakvlak en losse gevelbekleding. Bij dit type gebouw is er geen aparte overgang die apart verweert; het is één plaat, één materiaal, van goot tot maaiveld of van nok tot fundering, afhankelijk van de kaprichting. Wat er met die plaat gebeurt in de eerste twintig jaar, gebeurt dus overal hetzelfde, en dat is zowel het voordeel als het punt waar u op moet letten.

Wat er niet verandert

De kleur van de coating vervlakt heel licht, dat gebeurt met elke matte poedercoating in de buitenlucht, maar de drie kleuren die wij leveren zijn met een glansgraad onder de 5 al zo mat gekozen dat dit nauwelijks opvalt. Nordic Night Black op de gevel van een schuurwoning ziet er na een aantal jaren nog steeds uit als een donkere, egale plaat, niet als een gebleekt vlak met glans. De verzinklaag onder die coating is aan beide zijden van de plaat aangebracht, dus ook de kant die u niet ziet, tegen de regel of de damp uit de constructie, is beschermd. Bij een schuurwoning met een geïsoleerde spouw achter de plaat is dat relevant: de binnenzijde van de gevelplaat krijgt met vocht te maken dat u niet ziet, en dat wordt niet minder omdat het jaren goed gaat.

De fels zelf, de opstaande naad van 35 millimeter die de platen blind verbindt, verandert evenmin. Er zitten geen schroeven in het zicht die kunnen gaan lekken of roesten, de klemmen liggen onder de fels en werken onafhankelijk van weer en jaargetijde. Bij een schuurwoning waar het dakvlak overgaat in het gevelvlak, loopt die fels vaak in dezelfde richting door of sluit hij haaks aan op de gevelbeplating. Op dat aansluitpunt, waar de baanrichting van het dak de baanrichting van de gevel ontmoet, wordt in het ontwerp al bepaald hoe het water daar wegkomt. Als dat bij de bouw goed is opgelost, is er na tien of vijftien jaar niets aan die aansluiting dat om onderhoud vraagt. Er zit geen kit in die uitdroogt, geen loodslab die los kan trekken.

Wat wel verandert, en waar het op een schuurwoning net iets anders uitpakt

Stalen platen zetten uit en krimpen met temperatuurwisselingen, ongeveer half zoveel als zink, maar bij een schuurwoning waar het dakvlak en het gevelvlak in elkaars verlengde liggen, werkt die uitzetting in dezelfde richting door over een langere afstand dan bij een gebouw met een aparte dakrand. Een plaat die vanaf de nok helemaal doorloopt tot de gevelvoet is een langere baan dan een plaat die stopt bij de dakrand. Dat is in de meeste gevallen geen probleem, de felsverbinding is daar juist op gemaakt en de klemmen laten die beweging toe, maar het is wel de reden waarom de baanindeling bij dit gebouwtype vooraf goed doordacht moet zijn. Een schuurwoning van tien meter lang met platen die van nok tot druiplijn doorlopen, gedraagt zich anders dan dezelfde lengte opgedeeld in een dakvlak en een separaat gevelvlak. Wij denken daar bij de tekening al over mee, zonder kosten, juist omdat een fout in die indeling zich pas na jaren laat zien, als de plaat op een punt onder spanning komt waar hij dat niet zou moeten.

De plaatdikte van 0,55 millimeter en het gewicht van ongeveer 5 kilo per vierkante meter veranderen niet in de tijd, dat is geen slijtageonderdeel. Wat wel kan optreden, is oppervlaktevuil: op een dakvlak dat overgaat in een gevelvlak spoelt regen het vuil van boven naar onder mee, zodat de onderste gevelmeters van een schuurwoning er na een aantal jaren iets vuiler uitzien dan het dakvlak zelf. Dat is geen aantasting van de plaat, het is een cosmetisch effect dat u met een gewone regenbeurt grotendeels weer ziet verdwijnen. Bij een gebouw waar dak en gevel gescheiden zijn door een dakrand, spoelt dat vuil niet over de gevel heen; bij een schuurwoning met een doorlopend vlak is dat wel zo, en dat is een van de weinige dingen die in het aanzicht na verloop van tijd merkbaar anders zijn dan op de dag van opleveren.

Waar de eerste twintig jaar wél om vragen

De plaat zelf vraagt in die periode niets. Wat aandacht verdient, zijn de aansluitingen die niet van staal zijn: het lood of de rubberprofielen rond een doorvoer, de kitvoegen bij een raam dat in het gevelvlak is gezet, de bevestiging van een hemelwaterafvoer die tegen de gevelplaat is gemonteerd. Bij een schuurwoning met veel raamopeningen in het gevelvlak zijn dat er behoorlijk wat, en die onderdelen verouderen wel, ook al doet de plaat daaromheen dat niet. Een aannemer die na tien jaar een kitvoeg vervangt, doet dat aan het raam, niet aan de plaat. Het is verstandig dat bij oplevering vast te leggen, zodat niemand over tien jaar denkt dat de felsplaten iets doen wat in werkelijkheid aan een ander onderdeel ligt.

Op plekken met veel wind of zilte lucht, bijvoorbeeld een schuurwoning direct aan de kust, kan de verzinklaag iets sneller reageren dan in een luwe polder. Dat is geen reden om een ander materiaal te kiezen, maar wel iets om bij de plaatsing van doorvoeren en bevestigingsmiddelen rekening mee te houden: hoe minder beschadiging van de coating tijdens de bouw, hoe minder aangrijpingspunten er zijn voor de jaren daarna. Bij een schuurwoning waar de gevel op ooghoogte bereikbaar is, gebeurt schade aan de coating nu eenmaal makkelijker dan op een dak dat niemand aanraakt; dat is een bouwplaatsdiscipline, geen eigenschap van de plaat.

Wanneer dit niet de juiste keus is

Als de schuurwoning een complexe vormgeving heeft met veel dakkapellen, hoeken en aftimmeringen die het doorlopende vlak onderbreken, verdwijnt precies het voordeel waarom felsplaten hier zo goed passen: de rust van één materiaal over één ononderbroken vlak. Dan krijgt u alsnog een reeks aansluitingen zoals bij elk ander gebouw, en is de vraag hoe lang het meegaat niet anders dan bij een pand met een normaal dak en een normale gevel. Ook als er wensen zijn voor een sterk gestructureerd of glanzend oppervlak, is dit niet de juiste plaat: onze kleuren zijn mat en de plaat blijft in zijn eenvoud, dat is het hele punt van deze toepassing op een schuurwoning met een doorlopend vlak.

Wilt u weten hoe de baanindeling voor uw schuurwoning het beste kan lopen, stuur ons de tekening. Wij kijken vrijblijvend mee naar de aansluiting tussen dak en gevel, en leveren de platen op maat vanaf 450 tot 8000 millimeter.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink