Klikzink
Een schuurwoning met een lessenaarsdak dat zonder knik overgaat in de gevel, heeft in de praktijk maar één oppervlak. Wat op het dak neerkomt, loopt gewoon door naar de gevel, en andersom trekt vocht van de gevel soms omhoog richting de daklijn. Bij een gewone rechthoekige loods met een plat dak en verticale gevels zijn dat twee aparte vlakken met eigen belasting. Bij deze schuurwoning niet. Dat is het uitgangspunt voor alles wat volgt, en het is ook precies waarom de vraag naar industrie in de buurt hier anders uitpakt dan bij een schuur die los aan de rand van een erf staat.
GreenCoat Pural BT, de coating die wij op onze felsplaten aanbrengen, is een organische laag van 50 micrometer op verzinkt staal. Die laag is gemaakt om weersinvloeden te weerstaan: regen, uv, temperatuurwisselingen. Fijnstof en industriële neerslag zijn een ander verhaal. Roetdeeltjes en stikstofverbindingen die uit de lucht neerslaan, hechten zich aan het oppervlak. Op een normale plek spoelt regen dat grotendeels weer weg. Dicht bij industrie komt er sneller nieuw materiaal bij dan er wegspoelt, zeker op vlakken die weinig regen krijgen of waar water blijft hangen in een hoek.
Het gevolg is in de meeste gevallen cosmetisch: een grijzige waas of donkere strepen op de lichtere kleuren, vooral zichtbaar op Metallic Dark Silver in fel licht. Bij Nordic Night Black valt het nauwelijks op. De coating zelf wordt er niet direct door aangetast; het is vervuiling op het oppervlak, niet corrosie van het staal daaronder. Dat onderscheid is voor de keuze die u maakt vaak belangrijker dan de vervuiling zelf. Een vuil vlak is een onderhoudspunt. Een aangetast vlak is een probleem met de levensduur. Bij normale industriële blootstelling, zonder chemische uitstoot die zuur of agressief is, blijft het bij het eerste.
Bij een gewoon zadeldak met verticale gevel is de aansluiting tussen dak en gevel een aparte detaillering: een daktrim, een druiplijst, een overgang die je apart ontwerpt en apart afwerkt. Bij een lessenaarsdak dat doorloopt in de gevel is die knik er niet, en dat is precies waarom vervuiling en vocht hier anders werken dan op een gebouw met een duidelijke breuk tussen dak en wand.
Op een vlak zonder knik loopt vervuild regenwater van boven naar onder over de hele lengte van het vlak, zonder dat het ergens wordt onderbroken of afgevoerd. Bij industrie in de buurt betekent dat: fijnstof dat op het bovenste, vlakke deel van het dak neerslaat, spoelt bij regen mee naar beneden en trekt strepen over het deel dat als gevel dient. Op een gebouw met een aparte gevel blijft die vervuiling grotendeels op het dakvlak zelf, en is de gevel eronder vaak schoner omdat hij minder plat ligt en minder neerslag opvangt.
Dat is geen reden om af te zien van de doorlopende lijn; het is een reden om bij het ontwerp na te denken over waar het water vandaan komt en waar het naartoe gaat voordat het de gevel bereikt. Een overstek, ook een klein exemplaar van een paar centimeter aan de kop van het vlak, breekt de waterloop en voorkomt dat het hele vlak als één lange goot voor vervuild water gaat werken. Zonder die onderbreking ziet u op een gegeven moment een duidelijk verschil tussen het bovenste dakdeel en het onderste gedeelte dat als gevel fungeert, ook al zijn het dezelfde platen in dezelfde kleur.
De opstaande fels van 35 mm die de platen met elkaar verbindt, loopt bij dit type gebouw vaak in één lijn door van dakvoet tot muurvoet. Dat is visueel de kracht van het ontwerp: geen onderbreking, geen knik, één doorgaande band. Diezelfde felsen zijn ook de plek waar vervuiling het langst blijft liggen. Regen spoelt het vlakke deel van de plaat redelijk schoon, maar in de hoek van de fels, waar het profiel een klein randje vormt, blijft fijner stof en roetdeeltjes achter. Op een dak dat schuin genoeg staat spoelt dat mettertijd mee weg. Op het gedeelte dat als gevel dient, met een veel steilere of verticale stand, gebeurt dat minder: daar hangt het meer af van slagregen dan van gewone neerslag.
Het praktische gevolg is dat de felsen op het gevelgedeelte van een doorlopend vlak er na een aantal jaar donkerder uit kunnen zien dan de felsen op het dakgedeelte, terwijl het om identiek materiaal gaat. Dat is geen gebrek aan de plaat; het is het resultaat van hoe water erover heen beweegt. Bij een reiniging, waarvoor doorgaans water en een zachte borstel voldoen, verdwijnt dat verschil weer grotendeels, al blijft het raadzaam om de felsen zelf niet hard te schrobben.
Niet elke vorm van industrie in de buurt is voor dit gebouw een aandachtspunt. Bij lichte, niet-chemische bedrijvigheid, zoals een magazijn, een timmerwerkplaats of een klein bedrijventerrein zonder schoorstenen, is het effect op de coating vergelijkbaar met normale stedelijke vervuiling: een beetje grijzer over de jaren, weg te halen met een gewone reiniging. Ook de doorlopende lijn van dak naar gevel maakt in die situatie weinig verschil uit voor de keuze van het materiaal zelf. De felsplaten, de kleur en de opbouw met klemmen onder de fels blijven dezelfde keuze die ze zonder die industrie zouden zijn.
Het wordt anders bij uitstoot die zuur, chloorhoudend of anderszins chemisch actief is, zoals bij sommige metaalbewerking, bepaalde chemische processen of intensieve veehouderij met hoge ammoniakconcentraties in de directe omgeving. Dat is een andere categorie dan gewoon fijnstof, en daar is niet de vorm van het dak het probleem, maar de vraag of verzinkt staal met een organische coating wel de juiste keuze is op die specifieke plek. In dat geval is het zinvol om, voordat u een baanindeling of kleur vastlegt, in kaart te brengen wat er precies wordt uitgestoten en hoe dicht het gebouw daarbij staat. Dat is geen vraag die met de vorm van het dak te maken heeft, maar met de lucht die erover strijkt.
Als u een schuurwoning ontwerpt of laat bouwen met een doorlopend vlak van dak naar gevel, en er staat industrie in de buurt, is het zinvol om vooraf te bekijken waar het overstek komt, hoe het water van het dakdeel wordt afgevoerd voordat het over de gevel loopt, en welke kleur het minst laat zien wat er in de loop van de jaren op het oppervlak neerslaat. Wij denken op tekening mee over de baanindeling en de plaats van zo'n overstek, zonder dat daar kosten aan verbonden zijn. Heeft u een tekening of een schets van de situatie, dan bekijken we samen waar de aansluiting tussen dak en gevel het beste valt.