Klikzink

Felsplaten of echt zink op een oude boerderij

Wie een offerte aanvraagt voor het dak van een oude boerderij krijgt vroeg of laat de vraag of het zink of felsplaten moet worden. Beide zijn metalen dakbedekkingen met een staande naad, beide ogen van de weg af bijna hetzelfde, en toch zit er een wezenlijk verschil in de manier waarop ze op een gebinte van honderd jaar oud reageren. Dat verschil zit in drie dingen: de prijs, de mate waarin het materiaal uitzet en krimpt, en de vraag of er gesoldeerd moet worden.

Waarom de ondergrond hier het gesprek bepaalt

Een boerderijkap die in de negentiende of vroege twintigste eeuw is opgetrokken, is vrijwel nooit strak en recht. De balken zijn met de hand bekapt, het hout is in honderd jaar gaan werken, en er zit vaak een verzakking of een lichte torsie in de nok. Bij nieuwbouw is dat geen probleem, want daar wordt het dakbeschot vlak gelegd voordat er iets op komt. Bij een oude boerderij ligt dat anders: de oneffenheden in het gebint werken door in het beschot en dus in de manier waarop de dakbedekking erop moet aansluiten. Dit is de reden waarom bij dit gebouwtype de keuze tussen zink en felsplaten anders uitpakt dan bij een nieuwbouwschuur of een recent gerenoveerd pand.

Wat echt zink hier meebrengt

Echt zink wordt op de bouwplaats op maat gemaakt en gesoldeerd. Een zinkwerker plooit de banen ter plekke, soldeert de naden en de hoekoplossingen, en kan daardoor inspelen op een dakvlak dat net iets anders ligt dan op de tekening staat. Bij een gebint dat niet overal even vlak is, is dat een reëel voordeel: de zinkwerker corrigeert ter plaatse. Daar staat een prijs tegenover die hoger ligt dan bij felsplaten, vooral omdat het solderen en het op maat plooien veel meer arbeidsuren kosten dan het monteren van geprefabriceerde platen. Zink zet ook meer uit en krimpt meer dan staal bij temperatuurwisselingen, wat betekent dat een zinkwerker in het ontwerp rekening moet houden met voldoende schuifruimte in de naden en de aansluitingen. Bij een lang, ononderbroken dakvlak op een boerderij, zoals je vaak ziet bij een wolfseind dat van goot tot nok in één stuk doorloopt, is die uitzetting een factor waarmee gerekend moet worden. Gebeurt dat niet goed, dan gaat een naad na een paar jaar trekken of gaat een soldeerverbinding scheuren.

Wat felsplaten hier meebrengen

Felsplaten van Klikzink zijn stalen banen die in de fabriek op maat gewalst worden, tot op de millimeter, met een haaks opstaande fels van 35 millimeter en een werkende breedte van 475 millimeter. Ze worden blind bevestigd met klemmen onder de fels, zonder dat er gesoldeerd wordt en zonder zichtbare schroeven. Staal zet ongeveer half zoveel uit als zink, wat het materiaal minder gevoelig maakt voor de spanning die bij lange dakvlakken en grote temperatuurverschillen ontstaat. Het is ook kouder te verwerken: koud vouwbaar tot min vijftien graden, wat in de wintermaanden praktisch is. En de plaat is per stuk goedkoper dan zink, wat voor een boerderij met een groot dakoppervlak in de begroting kan doorslaan.

Het punt waar felsplaten tegen een grens lopen, is precies de onvlakheid die we hierboven beschreven. Een geprefabriceerde plaat is recht en strak gewalst. Ligt het beschot eronder niet vlak, dan zie je dat terug in het aanzicht van de plaat: een lichte welving of een schaduwlijn die bij zink minder opvalt omdat de zinkwerker de plooien ter plekke aanpast. Bij een boerderij met een enkelvoudig, recht dakvlak is dat zelden een probleem. Bij een kap met bulten, een verzakte nok of een gebint dat zichtbaar uit het lood staat, is het iets om vooraf te bespreken met wie het beschot aanbrengt, zodat dat vlak genoeg wordt gemaakt voor het platmateriaal.

Een voorbeeld uit de praktijk

Stel een T-boerderij met een hoofdgebint uit 1910 en een lager aangebouwd zijschip uit dezelfde tijd. Het hoofddak is in de loop der jaren enigszins doorgezakt bij de nok, een verzakking van een paar centimeter over de lengte van het vlak. Bij zo'n dak kan het lonen om voor het zichtbare hoofdvlak zink te overwegen, juist omdat een zinkwerker de plooien op de bouwplaats kan afstemmen op die kleine oneffenheid, terwijl voor het zijschip, dat wel recht is, felsplaten een nuchtere en aanmerkelijk goedkopere keuze zijn. Zo'n gecombineerde oplossing komt in de praktijk voor, al vraagt het wel overleg tussen de aannemer en de leverancier van het staal over de aansluiting tussen beide materialen.

De monumentale status als extra factor

Bij een boerderij met een monumentale of beeldbepalende status komt er nog een overweging bij die los staat van prijs en uitzetting: wat de welstandscommissie of de monumentencommissie toestaat. Zink heeft in de restauratiewereld een lange staat van dienst en wordt in sommige gevallen als vanzelfsprekend gezien bij historische daken, vooral bij details zoals dakkapellen, gootbekleding en aansluitingen rond schoorstenen, waar de ambachtelijke plooibaarheid van zink zich al eeuwen bewijst. Felsplaten worden in de praktijk steeds vaker geaccepteerd voor grote, vlakke dakvlakken, zeker in de matte kleuren die qua uitstraling dicht bij traditioneel zink liggen, zoals Slate Grey of Metallic Dark Silver. Voor een pand met een beschermde status is het daarom verstandig om deze vraag apart met de commissie te bespreken, los van wat hier over prijs en materiaaleigenschappen gezegd wordt.

Wanneer de ene keuze de andere overbodig maakt

Het is niet zo dat de duurdere oplossing automatisch de betere is voor elk deel van het dak. Bij rechte, lange vlakken zonder complexe overgangen is zink vaak een dure oplossing voor een probleem dat er niet is: de plooibaarheid van zink levert daar geen voordeel op, terwijl de hogere prijs en de grotere uitzetting wel meespelen. Omgekeerd is het onverstandig om felsplaten te forceren op een gebint dat zichtbaar krom of verzakt is zonder dat het beschot eerst is gecorrigeerd, want dan zie je de oneffenheid terug in het dakvlak. De praktische vraag is dus niet alleen zink of felsplaten, maar ook: hoe vlak is dit specifieke dakvlak, hoe lang is het, en hoeveel detaillering rond schoorstenen en dakkapellen is er.

Wat u nu kunt doen

Loop het dak van uw boerderij vlak voor vlak langs en beoordeel per vlak hoe recht het beschot is en hoe lang de ononderbroken vlakken zijn. Is de kap grotendeels recht, dan is een gesprek over felsplaten op maat een logische volgende stap; wij denken op basis van een tekening of een paar foto's kosteloos mee over de haalbaarheid en de kleurkeuze. Twijfelt u over de vlakheid of heeft het pand een monumentale status, dan is het verstandig om zowel een zinkwerker als ons te vragen naar hun inschatting van dat specifieke dakvlak, zodat u de keuze maakt op basis van de situatie zoals die op uw dak ligt, en niet op een algemene regel.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink