Klikzink
Een kapschuur is meestal een simpel gebouw met een groot dakvlak, weinig obstakels en veel zon erop. Dat maakt het aantrekkelijk om er zonnepanelen op te leggen. Bij felsplaten hoeft dat niet te betekenen dat er in het dak geboord wordt, en dat is precies waar dit gebouwtype anders werkt dan een woonhuis met dakpannen of bitumen. Maar de reden dat mensen ons over een kapschuur bellen, is meestal niet de bevestiging van de panelen. Het is de vraag wat er onder die panelen gebeurt, op een dak zonder isolatie, met gordingen die soms wel twee meter uit elkaar staan.
Op een fels van 35 mm kunnen we montageklemmen zetten die om de staande naad grijpen. Er gaat dan geen schroef of bout door de plaat, en dus ook geen gat in het dakvlak dat afgedicht moet worden. Voor een kapschuur is dat praktisch, want dit soort gebouwen staat vaak jarenlang zonder dat iemand het dak controleert. Een lekkage die begint bij een verkeerd afgedichte doorvoer, valt hier niet snel op tot er water op de vloer staat of tot een gording gaat rotten. Met klemmen op de fels blijft het dakvlak dicht zoals het gelegd is, wat er ook bovenop komt te hangen.
De klemmen zelf drukken de belasting van de panelen en de montagerail door naar de ondersteuning eronder. En daar zit voor een kapschuur de eerste vraag die beantwoord moet worden voordat er iets gemonteerd wordt: waar liggen de gordingen precies, en hoe zwaar zijn ze berekend. Bij een woonhuis met een dichte dakconstructie zit er vaak een dichte onderconstructie of een dik pakket sporen onder de platen, met steun om de paar honderd millimeter. Bij een kapschuur is dat anders. Daar is het dakvlak vaak alleen gedragen door gordingen op een paar meter afstand, gebouwd om het gewicht van de dakbedekking te dragen en niet meer. Een rij zonnepanelen met rails erbovenop is een extra belasting die niet automatisch past bij die oorspronkelijke berekening. Dat is geen reden om het niet te doen, maar wel een reden om eerst te kijken of de klemmen precies op de gordingposities vallen, en niet ergens in het midden van een overspanning waar de plaat het meeste moet werken.
De reden dat we dit apart benoemen voor de kapschuur, is dat vrijwel geen van deze gebouwen geïsoleerd is. Er is geen dampscherm, geen isolatielaag, vaak niet eens een onderdak. Aan de binnenzijde van de felsplaat hangt dan alleen lucht, en die lucht in een kapschuur is meestal precies zo vochtig als de buitenlucht, soms vochtiger door opslag van hooi, machines, of gewoon door de aard van het gebruik.
Staal koelt 's nachts snel af, en als de plaat kouder wordt dan het dauwpunt van de lucht eronder, slaat er condens neer aan de binnenzijde. Bij een leeg dakvlak druppelt dat meestal onopgemerkt naar beneden of verdampt het weer overdag. Leg er zonnepanelen op, en de situatie verandert. De panelen schaduwen een deel van het dakvlak af, waardoor dat deel minder snel opwarmt overdag en dus langer nat blijft. Onder de rails en de montagebeugels ontstaat een plek waar lucht minder goed langs kan stromen, en waar condenswater kan blijven liggen in plaats van weg te lopen. Op een kapschuur waar onder de panelen materiaal of machines staan, is dat vervelender dan op een leeg dakvlak.
De oplossing zit niet in een andere dakbedekking, maar in hoe het paneel gemonteerd wordt. Rails die de plaat op enige afstand van de felsplaat houden, geven lucht de ruimte om te blijven bewegen. Een montagesysteem dat het paneel plat tegen de plaat drukt, doet dat niet. Bij een kapschuur waar we vooraf weten dat er geen isolatie bij komt, adviseren we daarom bewust op ventilatieruimte onder de rails te letten, en niet alleen op de sterkte van de klem. Dat is iets anders dan bij een woonhuis waar vaak juist wél isolatie en een dampscherm liggen: daar is condens aan de binnenzijde van de plaat een kleiner probleem, omdat de warme, vochtige binnenlucht niet rechtstreeks tegen het staal komt.
Op een bestaande kapschuur beginnen we met de gordingen. We willen weten waar ze liggen, hoe oud de constructie is en wat er oorspronkelijk op berekend is. Bij een schuur die twintig of dertig jaar geleden gebouwd is voor alleen een dakbedekking, is dat niet altijd meer op tekening te vinden, en dan meten we het gewoon na op locatie.
Daarna bepalen we de plaatsing van de panelen in verhouding tot die gordingposities, niet in verhouding tot de mooiste indeling van het dakvlak. Dat betekent soms dat een rij panelen een halve meter opschuift, omdat de klemmen anders tussen twee gordingen in de plaat zelf moeten steunen. De felsplaat is sterk in de lengterichting van de fels, maar is niet gemaakt om puntbelasting op een willekeurige plek in het vlak op te vangen.
Als de plaatsing vaststaat, monteren we de klemmen op de fels en de rails erboven, met ruimte voor luchtcirculatie zoals hierboven beschreven. Pas daarna gaan de panelen erop. Bij een nieuwe kapschuur is de volgorde net iets anders, want dan kan de dakhelling en de gordingafstand al bij het ontwerp worden afgestemd op de zonnepanelen die er straks op moeten, wat achteraf een hoop puzzelwerk bespaart. Voor de plaat zelf verandert er in dat geval niet veel: vanaf zes graden dakhelling is een fels toepasbaar, en de plaatbreedte en kleur worden gewoon op maat gewalst zoals bij elk ander dak.
Er zijn kapschuren waar we afraden om zonder meer panelen op te leggen. Als de gordingen zichtbaar te licht zijn voor de bedoelde belasting, en er geen ruimte is om extra ondersteuning aan te brengen, dan is de eerste stap de constructie beoordelen, niet de dakbedekking kiezen. Een felsplaat kan nog zo geschikt zijn voor montage zonder doorboring, als de gording eronder het gewicht niet aankan, verplaatst het probleem alleen naar een plek die je niet ziet.
Ook bij een kapschuur die intensief gebruikt wordt voor opslag van vochtgevoelig materiaal, zoals hooi, granen of bepaalde soorten hout, is condens onder een gedeeltelijk afgeschaduwd dakvlak een risico dat serieuzer meegewogen moet worden dan bij een schuur die alleen machines of gereedschap herbergt. In dat geval kan het verstandiger zijn om eerst te kijken of er toch een vorm van ventilatie of een onderdak aangebracht kan worden, ook zonder volledige isolatie, voordat de panelen erop gaan.
Wilt u weten of uw kapschuur geschikt is voor zonnepanelen op de felsplaten, dan is het handigst om te beginnen met een paar simpele gegevens: de afstand tussen de gordingen, de leeftijd en staat van de constructie, en waar de schuur precies voor gebruikt wordt. Stuur dat door, eventueel met een foto van de dakconstructie vanaf de binnenzijde, en wij kijken vrijblijvend mee of dit voor uw situatie een goede combinatie is, en zo nodig hoe de plaatsing van de panelen het beste afgestemd kan worden op de bestaande gordingen.