Klikzink

Nieuwbouw woonboerderij met felsplaten combineren

Wie op een boerenerf een nieuw bijgebouw, een aanbouw of een volledig nieuw hoofdvolume plant naast een bestaande woonboerderij, heeft een voordeel dat bij verbouw of renovatie ontbreekt. De indeling van het dakvlak ligt nog niet vast. Er staat geen bestaande dakconstructie die de maatvoering dicteert, geen bestaand dakraam dat toevallig net verkeerd valt, geen bestaande goot die de plaatlengte beperkt. Dat betekent dat de felsplaten al in de ontwerpfase mee kunnen worden getekend, in plaats van er later op maat te worden bijgeknipt.

Dat is meteen het grootste verschil met een gewoon woonhuis waar felsplaten achteraf op een bestaand dak komen. Bij nieuwbouw bepaalt niet het bestaande dak de platen, maar bepalen de platen mee hoe het dak wordt ingedeeld. Onze platen zijn leverbaar van 450 tot 8000 millimeter op de millimeter nauwkeurig, en de fels zelf is overal 35 millimeter hoog met een werkende breedte van 475 millimeter. Wie dat van tevoren weet en erover meedenkt met de architect of aannemer, kan een dakvlak zo indelen dat er geen rare restlengtes of onnodige naden ontstaan. Dat meedenken op tekening kost niets en gebeurt het liefst voordat de eerste spade de grond raakt, niet nadat de dakconstructie al staat.

Twee daken, twee materialen, één erf

Wat dit gebouwtype specifiek maakt, is dat er op één erf vaak twee verschillende dakmaterialen naast elkaar komen te liggen. De bestaande woonboerderij houdt zijn riet of zijn pannen, en dat blijft ook meestal zo: rieten kappen worden zelden vervangen door een ander materiaal, en pannendaken op een monumentaal of beeldbepalend pand blijven om esthetische of vergunningstechnische redenen vaak in stand. De nieuwbouw ernaast krijgt dan een ander dak, en dat is precies waar felsplaten hun waarde bewijzen: ze vragen niet om aansluiting op de oude dekking, ze staan er nadrukkelijk los van.

In de praktijk werkt dat het beste wanneer het nieuwe volume een eigen, herkenbare vorm krijgt in plaats van een kopie te zijn van de boerderij. Een schuurwoning met een strak hellend dak in Nordic Night Black naast een rieten kap oogt niet als een mislukte poging om bij te passen, maar als een bewuste keuze voor twee tijden op één erf. Veel welstandscommissies waarderen dat verschil juist, omdat het voorkomt dat nieuwbouw doet alsof het oud is. Bij twijfel is dit wel het moment om met de gemeente te overleggen over welke mate van contrast wordt toegestaan, want dat verschilt sterk per welstandsnota en per beschermd dorpsgezicht.

De volgorde van het werk

Bij nieuwbouw naast een bestaande boerderij loopt het proces net iets anders dan bij een dakvervanging. Eerst staat de constructie: de dakhelling, de dakvorm en de plaats van eventuele lichtstraten of dakkapellen worden vastgelegd door de architect of aannemer, in overleg met de constructeur. Pas daarna volgt de keuze voor de felsplaten zelf, en juist in die fase loont het om ons er al bij te betrekken. Wij kunnen op basis van de tekening meedenken over de te bestellen plaatlengtes, de looprichting van de banen en de plek van de felsnaden ten opzichte van ramen, dakranden en aansluitingen op de gevel.

Daarna komt de dakconstructie zelf tot stand, met de juiste ondergrond: op houten dakbeschot worden de platen met schroeven bevestigd, op een stalen ondergrond met zelfborende schroeven. De klemmen onder de fels zorgen ervoor dat er geen schroef door het zicht komt, wat bij een nieuw dak nog belangrijker is dan bij een oud dak, want een nieuw dak moet meteen goed staan zonder zichtbare reparatieplekken. Pas als die ondergrond klaar is, volgt de eigenlijke plaatsing, die ook bij lage temperaturen door kan gaan: het staal is koud vouwbaar tot -15 graden, wat betekent dat een bouwplanning niet vastloopt zodra de winter aanbreekt.

Een voorbeeld uit de praktijk: bij een nieuw bijgebouw naast een woonboerderij met rieten kap werd het dak van de nieuwbouw bewust een stuk vlakker uitgevoerd dan het riet, met een helling net boven de zes graden die wij als minimum aanhouden. Omdat dat al bij het tekenwerk bekend was, kon de plaatlengte worden afgestemd op de exacte dakspanten, zonder overlap of kapwerk op de bouwplaats. Dat scheelde niet alleen materiaal, het gaf ook een strakker eindresultaat omdat de felsnaden precies in lijn kwamen met de nokrichting.

Waar de aansluiting op oud en nieuw om vraagt

De overgang tussen het rieten of pannen dak van de boerderij en het nieuwe felsdak zit zelden op het dakvlak zelf, maar bij de erfgrens, de goot of een verbindend tussenlid zoals een lage aanbouw of een overkapping. Daar moet iemand een knoop doorhakken over hoe de twee daken elkaar ontmoeten: strak naast elkaar met een duidelijke vertanding, of met een verbindend bouwdeel dat een geleidelijke overgang maakt. Dat is een ontwerpvraag die de architect samen met ons het beste vroeg oppakt, want een felsplaat die met de kop tegen een rieten dakrand aanloopt vraagt om een andere aansluitdetaillering dan een felsplaat die overgaat in een lage stalen goot.

Ook het gewicht speelt hier een rol, al is dat meestal geen probleem: met ongeveer 5 kilo per vierkante meter is het systeem licht genoeg om op een nieuwe, relatief lichte spantconstructie te leggen zonder dat de constructeur de doorsnedes hoeft op te hogen. Bij een rieten kap ligt dat anders, riet is aanmerkelijk zwaarder, en dat verschil in belasting is precies een van de redenen waarom het vaak niet wenselijk is om het bestaande dak ook te veranderen: de bestaande spanten zijn daar niet voor berekend, en de felsplaten juist wel geschikt zijn voor de nieuwbouw omdat die spanten nog ontworpen moeten worden.

Wanneer dit niet de aangewezen weg is

Er zijn situaties waarin het combineren van felsplaten met een bestaand rieten of pannen dak niet de voor de hand liggende keuze is. Als de gemeente of de welstandscommissie voor het gehele erf, inclusief de nieuwbouw, een traditioneel pannendak voorschrijft omdat het een beschermd dorpsgezicht betreft, is er simpelweg geen ruimte voor een ander materiaal, hoe goed het ook past bij de rest van het ontwerp. Ook wanneer de nieuwbouw juist bedoeld is om optisch te verdwijnen tegen de bestaande boerderij, bijvoorbeeld bij een inpandige uitbreiding onder één doorlopende kapvorm, ligt een zichtbaar ander materiaal minder voor de hand dan het doortrekken van het bestaande pannendek.

En bij een dakhelling onder de zes graden is felsplaat sowieso niet inzetbaar, wat bij sommige moderne platte aanbouwen naast een boerderij wel voorkomt. Dan is een andere dakbedekking nodig, en heeft de discussie over aansluiting op het riet of de pannen een andere invulling nodig dan via dit materiaal.

Wat u nu kunt doen

Heeft u een schets of een eerste ontwerp van de nieuwbouw naast uw woonboerderij, dan kunt u die met ons delen voordat de aanbesteding of de bouwaanvraag de deur uitgaat. Wij kijken mee naar de maatvoering, de plaatindeling en de aansluiting op het bestaande dak, en dat kost u in dit stadium niets.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink