Klikzink
Bij een opbouw op een stacaravan komt de vraag felsplaten of sandwichpanelen meestal pas op het moment dat er een offerte op tafel ligt met twee heel verschillende bedragen. Het verschil zit niet in de kleur of de uitstraling, maar in waar de isolatie zit. Een sandwichpaneel isoleert zichzelf: de kern van hardschuim of mineraalwol zit al tussen twee dunne stalen platen in. Een felsplaat isoleert niets. Het is een dunne stalen huid die je over een bestaande, al geïsoleerde opbouw heen zet. Voor een stacaravan met een dak van staal of kunststof dat al een dakplaat, een isolatielaag en een binnenafwerking heeft, is dat verschil precies waar de knoop ligt.
Een sandwichpaneel vervangt de huid en de isolatie in één keer. Dat is aantrekkelijk als het bestaande dak zelf op is: verweekt schuim, een kunststofplaat die is gaan bollen, of een isolatiewaarde die niet meer voldoet aan wat u vandaag wilt. Maar een sandwichpaneel is een dikker en zwaarder element dan een felsplaat, en het moet als zelfstandige constructielaag worden bevestigd op de bestaande spanten of gordingen. Bij een stacaravanopbouw, waar het dak vaak is opgebouwd uit lichte houten regels of een dunne stalen ligger die nooit berekend is op veel extra gewicht, is dat een reële belasting. Er moet ruimte zijn om het paneel goed door te schroeven tot in draagkrachtig hout of staal, en de ondersteuning moet dat kunnen dragen zonder dat het dak op termijn doorbuigt. In de praktijk betekent dit vaak dat er eerst een nieuw stramien van gordingen bij moet, wat het project groter en duurder maakt dan de vierkante meterprijs van het paneel zelf laat vermoeden.
Een felsplaat van 0,55 mm staal weegt ongeveer 5 kilo per vierkante meter. Dat is een fractie van wat een sandwichpaneel met kern erbij optelt. Voor een opbouw waarvan de constructie niet is ontworpen op extra belasting, is dat vaak de doorslag. De felsplaat wordt blind bevestigd met klemmen onder de fels, zonder dat er schroeven doorheen komen die de bestaande dakhuid beschadigen. Op een stalen ondergrond gebruiken we zelfborende schroeven om de klemmen vast te zetten, op hout gewone schroeven; in beide gevallen blijft het bestaande dak intact en draagt het alleen het gewicht van een nieuwe, lichte huid. De isolatie die er al in zit, blijft gewoon liggen. Dat is precies waarom deze route zo vaak wordt gekozen bij een opbouw: niet omdat felsplaten mooier zijn, maar omdat ze het minst van de bestaande constructie eisen.
Een voorbeeld uit de praktijk maakt het verschil concreet. Bij een opbouw met een dak van gecoat plaatstaal op houten regels van 4 bij 6 centimeter, met daaronder 8 centimeter PIR-isolatie die nog in goede staat is, heeft een sandwichpaneel geen functie: de isolatie die het paneel zou toevoegen, ligt er in feite al. Wat dan telt is alleen een nieuwe, waterdichte en onderhoudsarme buitenhuid, en dat is precies waar felsplaten voor bedoeld zijn. Ligt de isolatie er niet, of is die verzakt en vervangen door lucht, dan verandert het verhaal: dan lost een nieuwe huid alleen het lek op en niet het warmteverlies, en is een sandwichpaneel, of een aparte na-isolatie onder een felsplaat, wel aan de orde.
Er zijn opbouwen waar een sandwichpaneel wel de juiste route is, en het is niet eerlijk om dat weg te laten. Als de bestaande dakconstructie zelf vervangen moet worden, bijvoorbeeld omdat het houtwerk is aangetast of de kunststofplaat structureel meewerkt aan de stevigheid van het geheel, dan heeft het geen zin om daar met een lichte felsplaat overheen te gaan: de onderliggende zwakte blijft dan gewoon zitten. Ook als er geen enkele bruikbare isolatie in de opbouw zit en de gording wel zwaar genoeg is gedimensioneerd, kan een sandwichpaneel in één werkgang isolatie en afwerking leveren zonder dat er een extra laag nodig is. En bij een geheel nieuwe opbouw, waar de constructie nog op de tekentafel staat, kan de ontwerper de zwaardere belasting van een sandwichpaneel gewoon meenemen in de dimensionering van de spanten. Dat is een andere situatie dan een bestaand dak waar u zo weinig mogelijk gewicht bij wilt zetten.
De vraag is dus niet welk materiaal beter isoleert in absolute zin, maar waar in de opbouw de isolatie al zit en hoeveel extra gewicht de bestaande constructie kan hebben. Is de isolatie in orde en is het probleem alleen de buitenhuid, dan is een felsplaat de lichtste en minst ingrijpende oplossing: de bestaande dakplaat, of die nu van staal of kunststof is, blijft gewoon liggen en krijgt er een dunne, blind bevestigde stalen laag overheen. Is de isolatie op, of was die er nooit, dan moet die eerst worden aangepakt, en dan is de keuze tussen een apart isolatiepakket onder een felsplaat of een volwaardig sandwichpaneel een kwestie van wat de constructie kan dragen en wat er in de resterende dakopbouw past qua hoogte.
We kijken dat het liefst na op basis van een foto of een tekening van de bestaande opbouw: hoeveel centimeter isolatie erin zit, van welk materiaal het draagvlak is, en hoe de spanten of regels zijn gedimensioneerd. Op basis daarvan is snel te zien of de bestaande constructie een felsplaat kan dragen zonder aanpassing, of dat er eerst iets aan de onderbouw moet gebeuren voordat er een nieuwe huid op kan. Meedenken op tekening kost niets, en juist bij een stacaravanopbouw, waar de marges in draagvermogen vaak klein zijn, is dat de stap die voorkomt dat er achteraf toch een dakconstructie versterkt moet worden.