Klikzink

Felsplaten of dakpannen bij een schuurwoning

Bij een schuurwoning krijgen wij deze vraag vaker dan bij andere gebouwen, en dat is niet toevallig. Het silhouet van een schuurwoning is juist bedoeld om strak en ononderbroken te zijn: het dak loopt door in de gevel, zonder dakrand die het oog stopt. Die vormgeving stelt andere eisen aan het materiaal dan een traditionele woning met een duidelijk dak en een duidelijke gevel. Dakpannen en felsplaten kunnen beide op een schuurwoning, maar ze doen iets anders met de kap en met die ene doorlopende lijn die het hele ontwerp draagt.

Het gewicht is waar de afweging vaak begint, en terecht. Keramische dakpannen wegen doorgaans ergens tussen de 40 en 45 kilo per vierkante meter, afhankelijk van het type. Felsplaten van staal wegen ongeveer 5 kilo per vierkante meter. Dat verschil is niet een kwestie van net iets lichter, het is een factor acht tot negen. Op een bestaande kap die berekend is op pannen, merkt u daar in de praktijk weinig van: de constructie kan het gewicht van felsplaten met gemak aan, en er verandert niets aan de sterkte die nodig is. Andersom is het interessanter. Bij een nieuwe schuurwoning met een lichte houten spantconstructie, of bij een verbouwing waarbij de bestaande kap grotendeels blijft staan, kan het gewicht van pannen vragen om zwaardere ordinantie, meer stijlen, of een extra berekening door de constructeur. Kiest u voor felsplaten, dan is die extra berekening vaak niet nodig en blijft de bestaande spanten- of gordingmaat toereikend. Dat scheelt geen sier op de tekening, maar wel op de bouwkosten en op de vrijheid die de architect heeft om het dakvlak te laten zweven boven een lichte gevel.

Waarom de aansluiting hier het hele ontwerp is

Bij een gewone woning is het dak één onderdeel en de gevel een ander, met een dakrand, een boeideel of een goot die de knip maakt. Bij een schuurwoning is die knip er niet, of nauwelijks. Het vlak loopt door, van nok tot maaiveld, en de manier waarop dat gebeurt bepaalt of het gebouw ontworpen aanvoelt of samengeraapt. Dakpannen zijn gemaakt om op een hellend dak te liggen, overlappend, met een minimale hellingshoek waaronder ze niet meer werken. Zodra het dakvlak overgaat in een gevel die verticaal staat, of bijna verticaal, houdt de pan op. Er moet dan een andere gevelbekleding aansluiten, met een profiel, een overgang, een detail dat oog wil hebben. Dat is op te lossen, en het gebeurt op veel schuurwoningen ook, maar het blijft een aansluiting van twee verschillende materialen die elkaar moeten raken.

Felsplaten hebben dat probleem niet, of in elk geval een ander probleem. Dezelfde plaat, met dezelfde fels en dezelfde kleur, kan van het dakvlak doorlopen de gevel in. Wij leveren de banen op maat tot 8000 millimeter, dus in veel gevallen is de plaat van nok tot fundering één ononderbroken stuk staal, zonder horizontale naad op de knik waar dak en gevel elkaar ontmoeten. Dat is precies waar de schuurwoning om vraagt: één vlak, één kleur, één ritme van felsen dat niet stokt op het punt waar het oog het meest kijkt. Op een project waar wij meedachten, liep het dakvlak onder een hoek van ongeveer twintig graden over in een verticale gevel zonder enige goot of overstek te zien. De opdrachtgever wilde uitdrukkelijk geen breekpunt in het materiaal, en dat was met stalen felsplaten op te lossen zonder toegift op het ontwerp.

Dat wil niet zeggen dat een pannendak per definitie slechter oogt op een schuurwoning. Er zijn schuurwoningen waarbij de architect juist kiest voor een duidelijk pannendak op de kap, met een eigen textuur en schaduwwerking, en een losstaande gevelbekleding van hout, steen of plaatmateriaal eronder. In die opzet is de knik tussen dak en gevel een bewust statement in plaats van iets om te verbergen, en dan is de doorlopende felsplaat geen voordeel maar een gemiste kans om die twee materialen juist te laten contrasteren. De keuze hangt dus niet alleen af van de techniek, maar ook van wat de architect met die lijn wil zeggen.

Wanneer de pan toch de betere keuze is

Er zijn situaties waarin wij zelf zouden adviseren om bij pannen te blijven, ook op een schuurwoning. Als de dakhelling flauw is, richting het ondergrens van waar een pan nog functioneert, wordt de marge voor waterdichtheid smal en is een ononderbroken stalen vlak vaak veiliger. Maar dat pleit juist voor felsplaten, niet tegen: vanaf zes graden hellingshoek is een felsdak nog te leggen, ruim onder wat voor een pan haalbaar is. De pan wint eerder terrein wanneer de opdrachtgever gehecht is aan het beeld van een traditioneel dak, met de textuur en de warmte die keramiek geeft, en wanneer de gevel toch al een ander materiaal krijgt waardoor de doorlopende lijn niet relevant is voor het ontwerp. Ook bij een schuurwoning in een omgeving met een beeldkwaliteitsplan dat uitdrukkelijk pannen voorschrijft, is de discussie snel beslist, hoe mooi de doorlopende plaat ook zou zijn.

Er is nog een praktisch punt waarin de pan soms voorligt: reparatie na lokale beschadiging. Een enkele pan vervangen is eenvoudig en goedkoop. Bij felsplaten vervangt u in de regel een hele baan, van nok tot goot of tot maaiveld bij een doorlopend vlak, omdat de fels de banen aan elkaar koppelt. Dat is voor de meeste schuurwoningen geen dagelijkse zorg, maar het is wel een verschil dat we niet onbenoemd laten.

Wat te doen met deze afweging

De kern is dus dat het gewicht van felsplaten de constructie ontzien, terwijl de doorlopende plaat de aansluiting tussen dak en gevel oplost zonder knip. Voor een schuurwoning waarbij dat doorlopende vlak het ontwerp is, ligt de keuze voor felsplaten voor de hand. Voor een schuurwoning waarbij dak en gevel bewust twee verschillende materialen krijgen, of waar een beeldkwaliteitsplan pannen eist, is de pan een net zo eerlijke keuze. Heeft u een tekening met de aansluiting tussen dak en gevel al uitgewerkt, dan kijken wij daar kosteloos naar mee en zeggen we u concreet wat wij op uw schuurwoning zouden adviseren.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink