Klikzink

Felsplaten op plat dak met afschot kapschuur

Een kapschuur met een plat dak dat net iets afschot heeft, is een ander verhaal dan een schuur met een steil zadeldak. Bij zes graden helling, of soms nog minder, zit u aan de ondergrens van wat wij voor felsplaten aanhouden. Dat betekent niet dat het niet kan. Het betekent wel dat de manier waarop de banen zijn ingedeeld en waarop de randen zijn afgewerkt, doorslaggevend wordt voor de vraag of het dak droog blijft. Op een steil dak vergeeft de hoek kleine onvolkomenheden in een detail. Op een flauw dak vergeeft niets.

Waarom de helling hier de kern van de zaak is

Bij een kapschuur is de opzet vaak simpel: een open overspanning, gordingen op flinke afstand van elkaar, en geen wanden die het zicht op de onderkant van het dak belemmeren. Die eenvoud is precies waarom afschot en ventilatie hier zoveel aandacht verdienen. Water dat op een steil dak vanzelf wegloopt, blijft op een flauw vlak langer staan, zoekt de weg van de minste weerstand en vindt daarbij elke naad, elke overlap en elke doorvoer die niet helemaal in orde is. Bij zes graden helling loopt water nog weg, maar traag. Bij wind tegen de looprichting van het water in kan er tijdelijk opstuwing ontstaan tegen de fels. Onze felsverbinding is daar geschikt voor omdat de fels haaks opstaat en de klemmen onder de fels blind bevestigen, zonder doorboringen in het vlak. Maar de plaatsing van de banen ten opzichte van de waterloop moet dan wel kloppen, en dat is precies waar het bij een flauw hellend dak op een kapschuur nauwkeuriger moet dan bij een steil dak.

Hoe de baanindeling op dit dak werkt

Bij een kapschuur met een grote open overspanning is de verleiding groot om de banen zo lang mogelijk te maken en het aantal dwarsnaden te beperken. Dat is op zich een goed uitgangspunt: hoe minder dwarsnaden, hoe minder plekken waar water kan binnendringen. Onze platen zijn op de millimeter leverbaar tot acht meter, dus bij veel kapschuren is een doorlopende baan van goot tot nok, of van rand tot rand bij een enkelzijdig hellend vlak, goed haalbaar. De banen lopen in de richting van de waterafvoer, dus in de richting van het afschot, nooit dwars erop. Dat lijkt een open deur, maar bij een kapschuur met een breed overspannen dak zonder duidelijke nok of daklijn als visuele leidraad, wordt er in de uitvoering nog wel eens een baan verkeerd om gelegd. Bij zes graden helling is die fout niet zomaar op te lossen met een extra laag afdichting; de baan moet dan eruit.

Waar de fout wel voorkomt, is bij de plek waar het dakvlak aansluit op een muurtje, een overstek of een aangrenzend platter gedeelte. Op een kapschuur met een enkelzijdig hellend vlak is dat vaak de kant tegenover de goot, waar het dak overgaat in een verticale rand of een lichte opstand. Daar moet de plaat voldoende opstaan, met een omgezette rand die het water tegenhoudt, en niet simpel afgekort tegen de rand aan. Wij werken dat detail vooraf op tekening uit, juist omdat op een groot overspannen dak zonder onderverdeling in vakken een verkeerd geplaatste eindafwerking zich over de volle breedte van het dak herhaalt.

De randen en de aansluitingen waar het misgaat

Bij een kapschuur zijn er doorgaans geen dakkapellen, schoorstenen of andere opgaande delen die het vlak doorbreken. Dat is een voordeel: minder doorvoeren betekent minder risicovolle details. Maar de randen die er wel zijn, de goot, de nok als die er is, en de zijkanten bij een enkelzijdig hellend dak, moeten des te zorgvuldiger worden afgewerkt, want dat zijn de enige plekken waar het nog mis kan gaan.

De gootrand is bij een flauw hellend dak het meest kritische punt. Het water dat over de volle lengte van een lange baan naar de goot toe loopt, moet daar zonder hindernis in kunnen stromen. Een gootrand die net iets te hoog is aangezet, of een overstek die te kort is, kan bij een harde regenbui met wind ervoor zorgen dat water achter de gootrand omhoog wordt gestuwd. Op een steil dak duwt de zwaartekracht dat water snel weer naar buiten. Op een dak van zes graden blijft het langer hangen, en juist daar zit de fels het dichtst bij de rand. Wij maken de gootaansluiting daarom met een ruimere overslag dan bij een steiler dak gebruikelijk is, en raden aan om de gootrand iets verder door te laten lopen dan bij een kapschuur met een fors hellend dak nodig zou zijn.

De nokafwerking, als het dak een lichte knik heeft in het midden, verdient ook aandacht. Bij een kapschuur met twee vlakken die elkaar in het midden ontmoeten onder een zeer flauwe hoek, is het verloop van de nokkap net zo belangrijk als bij een steil dak, maar de marge is kleiner. Een nokkap die net niet voldoende overlap heeft met de laatste baan, laat bij weinig helling sneller water door dan bij een dak dat het water met meer kracht wegvoert.

Condens als hoofdvraag bij een kapschuur zonder isolatie

Bij dit soort schuren is er meestal geen isolatie aangebracht. Dat scheelt in de opbouw, maar het verandert wel waar het risico zit. Zonder isolatielaag is de temperatuur aan de onderkant van de plaat sterk afhankelijk van de buitentemperatuur, en bij een grote open overspanning met vee, machines, opgeslagen hooi of gewoon vochtige buitenlucht die vrij onder het dak circuleert, kan er 's nachts condens ontstaan aan de onderzijde van de stalen plaat. Dat condens druppelt vervolgens naar beneden, precies boven de plek waar het niet gewenst is.

Dit is geen probleem van de felsplaat zelf, en het is ook geen probleem dat opgelost wordt door een dikkere coating of een ander soort staal. Het is een kwestie van voldoende ventilatie tussen de onderkant van de plaat en de ruimte daaronder, zodat de lucht kan bewegen en het temperatuurverschil dat condens veroorzaakt, kleiner blijft. Bij een kapschuur met gordingen op ruime afstand is er van nature al enige luchtruimte, maar dat is niet automatisch voldoende ventilatie; het gaat om doorstroming, niet om afstand alleen. Wij denken hierover mee op basis van de tekening van de schuur, maar de uiteindelijke keuze voor wel of geen ventilerende onderconstructie ligt bij de aannemer of de eigenaar, in overleg met wie de leefomgeving onder het dak gaat gebruiken.

Waar dit niet de aangewezen oplossing is

Als de dakhelling van een kapschuur onder de zes graden komt, of als het dak zo lang is dat een enkele doorlopende baan niet meer haalbaar is zonder dwarsnaad op een plek waar water blijft staan, dan is een felsplaat niet de vanzelfsprekende keuze. Ook als de open overspanning zo groot is dat de kans op stilstaand water bij windstil weer reƫel wordt, kunt u beter een andere dakbedekking overwegen, of het afschot eerst laten aanpassen voordat er metaal op komt. Wij zeggen dat liever vooraf dan dat u achteraf met een lekkage zit.

Wat u nu kunt doen

Heeft u een tekening van de kapschuur met de exacte hellingshoek, de lengte van de dakvlakken en de plek van de gordingen, dan kunnen wij daarmee de baanindeling en de randdetails voor u uitwerken. Dat meedenken op tekening kost niets, en juist bij een dak op de grens van wat haalbaar is, is dat de stap die duidelijkheid geeft voordat er een plaat wordt besteld.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink