Klikzink
Een aanbouw of uitbouw met een plat dak heeft bijna nooit echt geen helling. Er zit meestal een afschot in van een paar graden, aangelegd om regenwater richting een kant of een put te laten lopen. Voor felsplaten is dat een grensgeval. Vanaf zes graden dakhelling kunnen wij het materiaal toepassen, maar bij een aanbouw met een afschot van vijf of zes graden zit u precies op die grens, en dan bepaalt niet het materiaal zelf of het gaat werken, maar de manier waarop de naden en de randen zijn uitgevoerd.
Bij een steil dak lost een fels van 35 mm vrijwel elk knelpunt op, water loopt eraf voordat het ergens kan blijven staan. Bij een afschot van een paar graden ligt dat anders. Regenwater trekt trager weg, blad en vuil blijven eerder liggen bij de felsnaad, en bij wind uit de verkeerde hoek kan water tijdelijk tegen de opstaande fels aan drukken in plaats van eraan langs. Dat is op zichzelf geen probleem zolang de fels hoog genoeg is en goed dicht, maar het maakt de uitvoering minder foutvergevend dan bij een dakvlak met veel helling. Een detail dat op een steil dak nooit opvalt, kan op een dak met minimaal afschot wel de plek worden waar het misgaat.
Bij een plat dak met afschot leggen wij de banen altijd in de richting van het water, dus van hoog naar laag over het afschot heen, en niet in de richting die vanaf de gevel het mooiste aanzicht geeft. Dat is een keuze die bij sommige aanbouwen wringt met de wens van de eigenaar, die de banen liever laat doorlopen in het verlengde van een raamindeling of een bestaande gevellijn. Wij raden dat af zodra het niet samenvalt met de waterrichting. Een baan die dwars op het afschot ligt, krijgt een felsnaad die het water moet kruisen in plaats van volgen, en bij een helling van een paar graden is dat een naad die eerder gaat lekken dan een naad die met de stroming meeloopt.
De werkende breedte van 475 mm betekent dat het aantal banen op een aanbouwdak vaak beperkt is, drie of vier banen is bij een gemiddelde uitbouw van vier tot zes meter breed geen uitzondering. Dat is meteen het voordeel van een klein dakvlak: er zijn weinig langsnaden nodig, en elke naad die u niet hoeft te maken is een naad die niet kan gaan lekken. Bij een plat dak met minimale helling proberen wij daarom zoveel mogelijk met hele lengtes te werken, van de hoge kant van het afschot tot de dakrand aan de lage kant, zonder koppelnaad halverwege. Onze platen zijn op maat leverbaar tot 8000 mm, dus voor de meeste aanbouwen is een koppeling in de looprichting niet nodig. Alleen bij een ongewoon diepe uitbouw, verder dan acht meter vanaf de gevel, komt een dwarsnaad in beeld, en die leggen wij dan aan de hoge kant, waar het minste water overheen moet.
Het dakvlak zelf, plat met een licht afschot, is voor felsplaten technisch geen probleem zolang de baanrichting klopt. Waar het bij een aanbouw vaak wel misgaat, is de aansluiting op de bestaande gevel van het hoofdgebouw. Die overgang van nieuw dak naar oude muur is het punt waar twee verschillende bouwdelen, twee verschillende materialen en soms twee verschillende zettingen samenkomen, en dat is precies waar wij bij een aanbouwdak de meeste aandacht aan besteden.
Een aanbouw wordt meestal tegen een bestaande gevel aangebouwd die niet perfect vlak is, niet overal even hoog uitkomt en soms een oude pleisterlaag of een reeds aanwezige loodslabbe heeft. Wij maken de aansluiting met een opstaande rand van de felsplaat die onder een inwatergoot of achter een nieuw aan te brengen kraal in de gevel komt, afhankelijk van wat de gevel toelaat. Bij een gemetselde gevel kan die kraal in een voeg gefreesd worden, bij een gevel met een pleisterlaag is dat lastiger en werken wij vaker met een aparte afdeklijst die tegen de gevel wordt bevestigd en over de opstaande rand van de plaat sluit. Welke oplossing passend is, hangt af van wat er tegen die gevel al zit, en dat kunnen wij pas beoordelen als we de aansluiting op tekening of op de bouwplaats zien.
Het gaat hier vaker mis dan bij het dakvlak zelf, en wel om een simpele reden: de aanbouw wordt vaak weken of maanden na de rest van de gevel gebouwd, en de aannemer die het dak legt is niet dezelfde als degene die ooit de gevel heeft gemetseld of gepleisterd. Als de hoogte van de opstaande rand niet is afgestemd op de werkelijke positie van de gevel, komt de aansluiting net te laag of net te hoog uit, en dan moet er ter plekke worden bijgewerkt met een minder waterdichte oplossing dan gepland. Wij denken daarom liever vooraf mee op tekening, dat kost niets, en dat voorkomt dat op de bouwplaats een noodgreep nodig is voor een detail dat met een paar centimeter marge in de planning geen probleem was geweest.
Aan de lage kant van het afschot, waar al het water samenkomt voordat het de dakrand overgaat, zit het tweede aandachtspunt. Bij een aanbouwdak is dat vaak een strook van hoogstens een halve meter waar per vierkante meter veel meer water passeert dan verder op het dak. De dakrand zelf, of dat een goot is of een rechte druiplijn, moet breed genoeg zijn om die hoeveelheid zonder terugslag af te voeren, en de felsplaten moeten daar met een rand van voldoende overslag op aansluiten. Bij een aanbouw met een erg beperkt afschot, minder dan de ondergrens van zes graden, adviseren wij hier soms een net iets grotere overlap of een aangepast profiel aan de onderrand, om te voorkomen dat water bij harde regen over de rand terugslaat in plaats van erin.
Als het afschot van de aanbouw minder is dan zes graden, of als de bestaande situatie het niet toelaat om een fatsoenlijke opstaande rand tegen de gevel te maken, bijvoorbeeld omdat de gevel van hout is en al aan vervanging toe, dan is een systeem met felsen minder geschikt en ligt een naadloze dakbedekking eerder voor de hand. Ook als de aanbouw op meerdere punten tegen ongelijke geveldelen aansluit, met verspringingen die op elk punt een ander detail vragen, wordt het aantal bijzondere aansluitingen soms zo groot dat de eenvoud van een felsdak met weinig naden wegvalt tegen de hoeveelheid maatwerk aan de randen. In dat geval bespreken wij liever vooraf of een andere dakopbouw niet passender is, in plaats van een oplossing die op papier past maar in de uitvoering meer risico geeft dan nodig.
Heeft u een aanbouw of uitbouw met een plat dak en een afschot rond de zes graden, stuur ons dan een tekening of een paar foto's van de bestaande gevelaansluiting. Wij kijken vrijblijvend mee naar de baanindeling en het detail bij de gevel, en zeggen u eerlijk of felsplaten hier de aangewezen keuze zijn of niet.