Klikzink

Felsplaten op plat dak met afschot bedrijfsloods

Een bedrijfsloods met een plat dak heeft bijna altijd een minimale helling nodig om water af te voeren. Vaak is die helling net genoeg om onder de grens te vallen waarbij felsplaten nog verantwoord toe te passen zijn. Wij hanteren zes graden dakhelling als ondergrens. Bij een loods met een afschot van bijvoorbeeld twee of drie procent zit u daar net onder of net op. Dat betekent niet automatisch dat het niet kan, maar het betekent wel dat de naadafwerking het verschil maakt tussen een dak dat droog blijft en een dak dat na een paar jaar toch water doorlaat op de plekken waar u het niet wilt.

Bij een steil dak met veel helling loopt water snel weg en heeft een minder perfecte naad weinig gevolgen. Bij een dakhelling die op de ondergrens zit, staat water langer op de plaat en op de fels voordat het wegloopt. Elke onvolkomenheid in de felsverbinding, elke overlap die niet goed is uitgevoerd, elke aansluiting bij een randdetail wordt dan een zwakke plek. Dit is de reden dat wij bij loodsen met een afschot rond de ondergrens altijd eerst naar de detaillering kijken voordat we naar de plaat zelf kijken.

Waarom de baanlengte hier de doorslag geeft

Een bedrijfsloods heeft meestal lange, ononderbroken dakvlakken. Dat is precies waar felsplaten goed op hun plek komen, omdat wij ze op de millimeter leveren tot een lengte van acht meter. Maar een lange baan zet ook meer uit dan een korte. Staal zet minder uit dan zink, ongeveer de helft, maar bij een baanlengte van dertig of veertig meter aan een dakvlak telt ook die kleinere uitzetting op tot een waarde die u niet kunt negeren.

Bij een dakhelling die ruim boven de ondergrens ligt, kan die uitzetting nog enigszins opgevangen worden door de manier waarop de klemmen onder de fels bewegingsruimte bieden. Bij een minimale helling is die marge kleiner, omdat elke misvorming in de plaat direct invloed heeft op hoe water over het oppervlak beweegt. Een lichte bolling of golving die op een steil dak onopvallend is, kan op een vlak dak met afschot een plek worden waar water blijft staan in plaats van doorstromen naar de afvoer.

Daarom delen wij de baanlengte bij dit soort daken anders in dan bij een dak met een duidelijke helling. In plaats van te werken met de langst mogelijke baan over het volle dakvlak, kijken wij naar het punt waar een dwarsverbinding nodig is om de uitzetting per baan te beperken. Dat dwarsverbinding is dan wel weer een detail dat op een minimale helling extra aandacht vraagt, want een overlap die op een steil dak vanzelf droogloopt, moet op een vlak dak echt waterdicht liggen omdat er geen tweede kans is via de helling zelf.

De randen en de kop van de baan

Bij een bedrijfsloods met een plat dak en afschot ligt de kritieke plek niet in het midden van het dakvlak, maar aan de randen en bij de kopse kant van de baan. Aan de zijkant, waar de fels tegen een opstand of een dakrand aansluit, moet het water dat over de plaat naar beneden loopt netjes worden opgevangen en afgevoerd. Bij een steile helling gebeurt dat vanzelf door de snelheid van het water. Bij een minimale helling ligt het water langer tegen dat randdetail aan, en dan telt elke centimeter overlap en elke afwerking van de kopse eindstukken.

Een praktijkvoorbeeld: bij een loods van veertig bij zestig meter met een dakhelling van net iets meer dan zes graden, gemeten in het midden van het dakvlak, bleek na tekening dat de werkelijke helling bij de hoeken van het dak lager uitkwam door een lichte verzakking in de onderconstructie. Op die plek moet de naadafwerking dus zwaarder uitgevoerd worden dan op het middendeel van het dak, terwijl de rest van het dakvlak met de standaard felsverbinding prima uit de voeten kan. Dit soort verschillen binnen één dakvlak zijn precies waarom wij altijd vragen om een tekening van de bestaande of geplande onderconstructie voordat we een indeling maken.

Ook de aansluiting bij dakdoorvoeren, zoals een luchtafzuiging of een lichtkoepel, vraagt bij een minimale helling meer zorg. Bij een steil dak loopt water om zo'n doorvoer heen zonder dat u daar veel voor moet doen. Bij een vlak dak met afschot moet de plaat rond de doorvoer zo worden ingedeeld dat er geen laagte ontstaat waar water blijft staan voordat het de doorvoer kan passeren.

Waar het misgaat in de praktijk

Het gaat meestal niet mis bij het materiaal zelf, maar bij de aannames over de helling. Een dakhelling van zes graden op de tekening is niet altijd zes graden in de uitvoering. Verzakking van de onderconstructie, afwijkingen in de balklaag, of een dakvlak dat in het midden van het gebouw net iets minder afschot heeft dan aan de randen: dat zijn allemaal factoren die bij een dak met veel helling weinig verschil maken en bij een dak op de ondergrens direct een probleem kunnen worden.

Een tweede plek waar het misgaat is bij de keuze van de baanrichting. Bij een minimale helling is het verstandig om de banen in de richting van de afwatering te leggen, zodat de fels als geleiding werkt in plaats van als hindernis. Wordt de baanrichting gekozen op basis van de lengte van het dakvlak in plaats van op basis van de afwateringsrichting, dan ontstaan er dwarsnaden die het water juist moeten kruisen. Dat werkt op een steil dak nog wel, maar op een dak met minimale helling is dat de meest gemaakte fout die achteraf lekkage veroorzaakt.

Een derde punt is de overgang tussen het platte deel van het dak en een eventueel opgaand deel, zoals een lichtstraat of een technische opbouw op het dak van de loods. Die overgangen hebben vaak een steilere helling dan het hoofddak, en de naad tussen het vlakke deel en het steile deel moet zo worden uitgevoerd dat water dat van het steile deel afkomt niet tegen de rand van het vlakke deel blijft staan.

Wanneer dit niet de aangewezen oplossing is

Is de gemeten dakhelling op meerdere punten van het dakvlak lager dan zes graden, dan raden wij felsplaten in de standaard uitvoering af, ook al is de gemiddelde helling net voldoende. Ligt de onderconstructie er zodanig bij dat plassen op het dak blijven staan, dan is dat een probleem dat niet door de dakbedekking wordt opgelost, van welk materiaal dan ook. In die situatie is het verstandiger om eerst de onderconstructie of het afschot aan te pakken voordat er een keuze voor de dakbedekking gemaakt wordt.

Wat u nu kunt doen

Heeft u een loods met een plat dak waarvan de helling op of net onder de zes graden ligt, dan is het verstandig om eerst een goede opname van de bestaande of geplande onderconstructie te maken, met de helling op meerdere punten van het dakvlak gemeten in plaats van alleen in het midden. Stuur die tekening naar ons toe. Wij kijken op basis daarvan mee naar de baanindeling, de richting van de banen en de detaillering van de randen, en dat meedenken op tekening kost u niets.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink