Klikzink
Een gebogen dak op een bedrijfsloods is voor ons een ander gesprek dan een recht zadeldak of een plat dak. Niet omdat het product anders is, maar omdat de plaat moet meebewegen met een kromming, en dat kan niet tot in het oneindige. Wie dit type dak overweegt met felsplaten, wil weten waar de grens ligt, hoe de baanindeling dan wordt opgelost, en wat er misgaat als daar geen aandacht aan wordt besteed.
Een felsplaat is een stalen baan van 0,55 millimeter dik met een haaks opstaande fels van 35 millimeter. Die plaat is koud vouwbaar, ook tot ver onder het vriespunt, maar koud vouwbaar betekent niet dat hij zich in elke richting naar wens laat buigen. In de lengte van de baan, over de kromming van het dak heen, volgt de plaat een cirkelboog. Hoe kleiner die straal, hoe meer spanning er in het materiaal komt en hoe eerder je tegen de fysieke grenzen van het staal aanloopt. Bij een ruime welving, zoals je vaak ziet bij grotere loodsen met een licht gebogen kap, is dat in de praktijk geen probleem. Bij een krappe boog, zoals bij een tongewelfdak op een kleinere spanwijdte, moet er vooraf gerekend en gepast worden. Wij kijken dan naar de kromtestraal op tekening en bepalen of de platen op de bouwplaats voorgebogen moeten worden, of dat er met kortere segmenten gewerkt moet worden die de boog benaderen in plaats van er exact in te liggen.
Bij een te krappe straal ontstaat er een ander probleem: de fels zelf, die opstaand blijft op elke plaatsbreedte van 475 millimeter, kan de kromming niet volgen zonder dat er plooien of golving in het vlak ontstaan naast de sluiting. Dat is precies waarom wij bij een gebogen loodsdak altijd eerst vragen naar de exacte straal en de lengte van het gebogen deel, voordat we een uitspraak doen over wat wel en niet kan.
Bedrijfsloodsen met een gebogen dak hebben vaak juist heel lange dakvlakken: de boog loopt over een aanzienlijke afstand door, van goot tot goot of van gevel tot nok. Die lengte is op zichzelf al een aandachtspunt, los van de kromming. Staal zet uit onder temperatuurinvloed, ongeveer half zoveel als zink maar toch merkbaar genoeg om in de baanindeling mee te nemen. Op een lang recht vlak lossen we dat op met de plaatsing van de klemmen en met voldoende speling in de bevestiging. Op een lang gebogen vlak komt daar de kromming nog bovenop, en dat vraagt om een andere aanpak van de baanindeling dan bij een plat of licht hellend dak.
In de praktijk verdelen we het gebogen vlak in het aantal banen dat de breedte van de loods vereist, en bepalen we per baan of de volledige lengte in één stuk gelegd kan worden of dat er een naad in de lengterichting nodig is. Bij een lang gebogen dakvlak van een grote loods is dat laatste vaak het geval: de baan wordt dan in twee of meer delen aangeleverd, met een overlap die op de kromming is afgestemd. Die naad moet zorgvuldig gepositioneerd worden, niet op de plek waar de kromming het sterkst is, maar waar het vlak wat vlakker verloopt, meestal richting de gevel en niet op de top van de boog.
Omdat wij op de millimeter leveren, denken we in dit soort gevallen liever vooraf mee op tekening dan dat we achteraf een probleem oplossen op de bouwplaats. Dat meedenken kost niets en voorkomt dat er op het dak zelf nog geknipt en gepast moet worden, wat bij een gebogen vlak altijd meer risico geeft dan bij een recht vlak.
Bij een gebogen dak zitten de kritieke punten niet alleen in het vlak zelf, maar vooral op de randen. Aan de kop- en zijkanten van de boog, waar het gebogen vlak overgaat in een recht stuk gevel of in een verticale opstand, verandert de richting van de plaat abrupt. Dat is de plek waar felsplaten het meest gevoelig zijn voor een verkeerde aansluiting. Een randdetail dat op een recht dak probleemloos werkt, kan op de rand van een gebogen vlak juist een zwakke plek worden, omdat de plaat daar niet meer vlak ligt maar onder een wisselende hoek de rand nadert.
Bij de daktrim aan de gevelzijde van een gebogen loodsdak werken we met een randafwerking die is aangepast aan de aflopende hoek van de boog, in plaats van met een standaard recht profiel. Bij de overgang naar de nok, als de boog daar uitloopt in een vlakkere top, is de fels vaak minder gespannen en is de aansluiting eenvoudiger. Bij de overgang naar de gootzijde, waar de boog het steilst afloopt, moet de klem onder de fels net iets anders geplaatst worden om te zorgen dat de plaat niet gaat werken onder z'n eigen gewicht en de wind die eronder grip krijgt.
Hemelwaterafvoer is bij een gebogen dak ook een ander verhaal dan bij een dak met een vaste helling. Het water volgt de kromming en kan, afhankelijk van waar de boog het vlakst wordt, langzamer afvoeren dan op een recht hellend vlak. Dat is op zichzelf geen bezwaar voor felsplaten, die vanaf een helling van zes graden toepasbaar zijn, maar het is wel een reden om de gootdetaillering op de laagste punten van de boog extra aandacht te geven.
De meeste problemen die wij zien bij gebogen loodsdaken ontstaan niet doordat felsplaten ongeschikt zijn, maar doordat de kromming niet vooraf goed is doorgerekend. Een veelgemaakte fout is het bestellen van standaardlengtes zonder rekening te houden met de werkelijke straal, waardoor de plaat op de bouwplaats met kracht in de boog gedrukt moet worden. Dat geeft spanning die zich later toont als een lichte golving in het vlak, vooral zichtbaar bij een gladde, matte kleur zoals Slate Grey of Metallic Dark Silver waar laaginval het meeste opvalt.
Een andere fout is de naad in een lange baan op de verkeerde plek leggen, precies op het punt waar de kromming het grootst is. Daar komt de meeste spanning samen en daar is een overlap het kwetsbaarst voor lekkage bij wind uit een ongunstige hoek. Ten derde gaat het mis wanneer de randdetails worden overgenomen van een recht dak zonder aanpassing aan de aflopende hoek van de boog: de klem grijpt dan niet goed aan, of de daktrim sluit niet strak aan op de golvende rand.
Er zijn ook gevallen waarin een gebogen dak simpelweg een te krappe straal heeft voor felsplaten in de standaard uitvoering, en waarbij voorbewerking of een andere plaatindeling nodig is om het werkbaar te maken. Dat is geen reden om meteen een ander materiaal te overwegen, zoals u elders op onze site kunt lezen over de keuze tussen felsplaten en andere dakbedekking, maar het is wel een reden om dat gesprek te voeren voordat er iets besteld wordt.
Heeft u een bedrijfsloods met een gebogen dak en wilt u weten of felsplaten daar passen, dan helpt het als u de kromtestraal, de lengte van het gebogen vlak en een tekening van de dakvorm bij de hand heeft. Wij kijken daar kosteloos naar mee en geven aan of de platen in de standaardmaat kunnen, of dat er een aangepaste baanindeling en randdetaillering nodig is. Zo weet u vooraf waar u aan toe bent, in plaats van dat het probleem zich op het dak zelf aandient.