Klikzink

Montage felsplaten aanbouw: de volgorde op de bouw

Bij een aanbouw of uitbouw is de montage van felsplaten zelf niet het lastige onderdeel. Het dakvlak is meestal klein, overzichtelijk en zonder gekke hoeken. Waar het op aankomt, is de plek waar de nieuwe kap tegen de bestaande gevel van het huis aan komt. Die aansluiting bepaalt de volgorde op de bouwplaats, en die volgorde bepaalt weer wanneer het dak echt dicht is. Wij leggen hier uit hoe dat in de praktijk verloopt, en waar het misgaat als die volgorde niet klopt.

Een dakvlak leg je in een dag, een aansluiting niet

De platen zelf gaan snel. Ze zijn op maat gewalst, de fels wordt overeind gezet en met klemmen onder de opstaande rand vastgezet, zonder dat er een schroef doorheen zichtbaar is. Op een gordingconstructie van hout gaat dat met houtschroeven, op een stalen dakplaat met zelfborende schroeven. Bij een aanbouw van bijvoorbeeld vier bij vijf meter ligt het dakvlak, als de ondergrond droog en vlak is, vaak in een dagdeel. Dat is niet de bottleneck.

De bottleneck is de rand waar het nieuwe dak tegen de oude gevel aan sluit. Bij een vrijstaand bijgebouw heeft u dat probleem niet: daar loopt het dak rondom vrij uit. Bij een aanbouw loopt minimaal één, en vaak twee of drie zijden van het dak dood tegen een bestaande muur, een kozijn of een dakoverstek van het hoofdgebouw. Die muur is er al, met zijn eigen scheefstand, zijn eigen voegwerk en soms een isolatielaag die net iets anders ligt dan op de tekening staat. Daar moet de nieuwe felsplaat waterdicht op aansluiten, en dat kan niet met een standaard randprofiel uit de catalogus. Dat werk vraagt opmeten op de bouw zelf, corrigeren waar de muur niet helemaal recht is, en vaak een inwatering of muurloodaansluiting die op maat gemaakt wordt.

Waarom de volgorde omgedraaid is ten opzichte van een nieuwbouwschuur

Bij een vrijstaand gebouw begint u met de kopgevels, werkt u het dakvlak af en sluit u af met de nok. Bij een aanbouw draait die volgorde om. De aansluiting op de bestaande gevel is de eerste stap, niet de laatste, omdat die aansluiting de maatvoering van de rest van het dak bepaalt. Wordt de aansluitrand een centimeter anders dan getekend, dan schuift de hele plaatverdeling mee. Daarom wordt bij een aanbouw eerst de bestaande muur opgemeten en de aansluitdetail vastgelegd, pas daarna wordt de plaatlengte definitief besteld.

Dat heeft gevolgen voor de planning. Bij Klikzink werken we met levering op maat, tot op de millimeter. Dat werkt in uw voordeel bij een aanbouw, want de platen worden pas gewalst als de aansluitmaat op de bouw bevestigd is, niet op basis van een tekening die nog niet geverifieerd is aan de bestaande situatie. Dat scheelt een teleurstelling op de dag dat de vrachtwagen komt.

Een dag op de bouw: wat er wel en niet dicht kan

In de praktijk ziet een montagedag er bij een aanbouw ongeveer zo uit. De ochtend gaat op aan het afwerken van de aansluiting: het muurloodwerk, de overgang bij het bestaande dakoverstek, en waar nodig het doorvoeren van een regenpijp of ventilatiekanaal dat al in de gevel zit. Dat is precisiewerk, en het gaat niet sneller door er meer mensen op te zetten. Pas als die randen kloppen en waterdicht zijn, wordt het dakvlak zelf belegd. Dat gaat, bij droog weer en een vlakke ondergrond, aanmerkelijk sneller: de platen liggen op maat, de klemmen komen erop, en de kliklijnen sluiten strak aan.

Het gevolg is dat een aanbouwdak vaak pas aan het einde van de dag, of soms pas de volgende ochtend, echt regendicht is, terwijl het dakvlak zelf al vroeg in de middag ligt. Wie voor de zekerheid meubels of vloerbedekking al naar binnen laat brengen omdat "het dak erop ligt", loopt risico als de gevelaansluiting nog niet is afgerond. Dat is het detail waar bij een aanbouw vaker misverstand over ontstaat dan bij een vrijstaand gebouw.

Wat er anders is als het om een uitbouw tegen een verdieping gaat

Bij een uitbouw die tegen een hogere gevel van het hoofdhuis aankomt, zoals een keukenuitbouw onder een slaapkamerraam, speelt nog een extra factor: de hoogteverspringing. Daar moet de felsplaat niet alleen zijdelings aansluiten, maar ook omhoog langs de gevel, vaak tot onder een kozijndorpel of tegen een bestaande spouwmuur. Die opstand moet hoog genoeg zijn om bij slagregen droog te blijven, en dat is een andere maat dan bij een laag aansluitend dak. Hier ligt het risico niet in het dakvlak, dat verandert niet, maar in de hoogte en de afwerking van die opstand. Dat wordt op de bouw bepaald, niet vanaf een standaardtekening.

Wanneer dit niet de goede oplossing is

Er zijn situaties waarin felsplaten op een aanbouw niet de aangewezen route zijn. Is de bestaande gevel van het hoofdgebouw zelf nog niet klaar, bijvoorbeeld omdat er nog gevelisolatie op moet, dan is het verstandiger die volgorde eerst af te ronden voordat de aansluiting definitief gemaakt wordt. Een felsplatendak dat nu aansluit op een onafgewerkte gevel, moet later mogelijk opnieuw open om de isolatie erachter te krijgen. Ook bij een aanbouw met een dakhelling onder de zes graden is deze plaat niet geschikt; dan ligt een oplossing met een andere dakbedekking meer voor de hand. En als de aansluiting op de bestaande gevel constructief nog niet vaststaat, bijvoorbeeld omdat de fundering van de aanbouw nog kan zakken ten opzichte van het bestaande huis, is het verstandiger die zetting eerst te laten uitzakken voordat er een strakke, blind bevestigde plaat op komt die geen ruimte geeft voor beweging.

Wat u nu kunt doen

Wilt u weten hoe de aansluiting op uw eigen gevel er in uw situatie uit zou moeten zien, stuur dan een tekening of een paar foto's van de bestaande gevel op de plek waar de aanbouw komt. Wij denken kosteloos mee over de aansluitdetails en de maatvoering, en werken de platen pas op maat uit als die aansluiting vaststaat.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink