Klikzink
Wie ons belt over felsplaten wil vaak niet alleen weten wat het materiaal is, maar ook hoe de montage op de bouw eigenlijk verloopt. Hoeveel dagen staat het dak open, wat gebeurt er eerst, en waar moet een aannemer rekening mee houden in de planning. Dat is een terechte vraag, want de volgorde op de bouwplaats bepaalt vaak meer over de doorlooptijd dan het materiaal zelf.
Voordat de eerste plaat wordt gelegd, moet de ondergrond klaar zijn. Bij een dak betekent dat meestal een aaneengesloten, vlakke ondergrond van hout of een dakplaat, met daarop een dampopen onderdak of folie. Bij een gevel is dat vaak een regelwerk waarop de platen bevestigd worden, met daarachter eventueel isolatie en een windkering. Welke ondergrond precies nodig is, verschilt per situatie en hangt af van wat er al staat; dat werken we op de pagina over de ondergrond verder uit. Voor de montageplanning is vooral belangrijk dat deze onderlaag klaar en droog moet zijn voordat wij beginnen, anders staat de boel na een paar dagen stil.
Als die onderlaag eenmaal ligt, wordt vaak dezelfde dag of de dag erna gestart met de felsplaten. Dat is een van de dingen die aannemers waarderen aan dit soort dakbedekking: er is geen droogtijd nodig zoals bij sommige andere materialen, en zodra de platen liggen, is het dak in principe waterdicht.
Felsplaten worden in de regel gelegd vanaf één kant van het dak of de gevel naar de andere kant, meestal beginnend bij de laagste of de meest windgevoelige rand, afhankelijk van de situatie op de bouwplaats. Elke plaat wordt aan de ondergrond bevestigd met klemmen die onder de fels vallen, dus zonder dat er schroeven door het zichtbare vlak gaan. Op een houten ondergrond gebeurt dat met schroeven in de regels, op een stalen ondergrond met zelfborende schroeven. Vervolgens wordt de volgende plaat ernaast gelegd en wordt de fels van de ene plaat over de fels van de andere geklikt en dichtgezet. Dat klikken is een handmatige bewerking met gereedschap, geen lijmwerk en geen kit, en dat is meteen ook de verbinding die het geheel waterdicht maakt.
Omdat de platen op maat en op de millimeter geleverd worden, past de laatste baan meestal ook precies. Dat scheelt op de bouwplaats aanzienlijk in versnijden en pasmaken, wat weer invloed heeft op hoeveel vierkante meter er op een dag gelegd kan worden.
Hoeveel vierkante meter dak of gevel er op een dag afgewerkt kan worden, hangt af van de grootte en vorm van het vlak, het aantal hoeken, doorvoeren en aansluitingen, en van het aantal mensen dat op het dak werkt. Een eenvoudig rechthoekig dak zonder dakkapellen of schoorstenen gaat sneller dan een dak met veel inspringende hoeken, dakramen of aansluitingen op een bestaande gevel. Bij een eenvoudige situatie kan een ervaren ploeg op een dag een aanzienlijk deel van een gemiddeld woonhuisdak dichtleggen; bij een complex dak met veel details ligt dat aantal vierkante meters een stuk lager, simpelweg omdat er meer tijd gaat naar het afwerken van randen en aansluitingen dan naar het leggen van de platen zelf.
Ook het weer speelt een rol. Felsplaten zijn koud vouwbaar tot -15 graden, wat betekent dat vorst op zichzelf geen reden is om te stoppen. Regen en vooral wind zijn eerder de bepalende factoren: met sterke wind is werken op een hoog dak niet verantwoord, en dat kan een dag stilleggen die verder prima zou zijn gelopen. Een aannemer die dit weet, plant meestal wat marge in en probeert de meest kwetsbare delen, zoals nokken en randen, als eerste af te werken zodra het weer omslaat.
De volgorde die wij hier beschrijven, geldt in de basis voor elk gebouwtype, maar de praktijk verschilt wel. Bij nieuwbouw is er meestal alle ruimte om de ondergrond precies te maken zoals gewenst, en verloopt de montage daardoor voorspelbaar. Bij een bestaand dak dat vervangen wordt, hangt de planning sterk af van wat er eerst gesloopt of verwijderd moet worden, en bij montage over bestaande dakpannen heen valt die sloopfase juist weg, wat de doorlooptijd flink kan bekorten. Ook een dak na stormschade, een dak waar eerst asbest vanaf moet, of een dak waar tegelijk isolatie wordt aangebracht, hebben allemaal hun eigen volgorde en eigen aandachtspunten voor de planning. Wij werken die situaties op de bijbehorende pagina's verder uit, zodat u kunt lezen wat specifiek voor uw geval geldt.
Zodra het veld van platen ligt, volgen de randafwerkingen: de nokstukken, de goot- en windveren, de aansluitingen bij schoorstenen en dakramen, en eventuele hoekstukken bij een gevel. Dat is vaak het meest tijdrovende deel van het werk, ook al is het in vierkante meters de kleinste oppervlakte. Een dak dat voor negentig procent uit rechte banen bestaat, kan toch een paar dagen langer op de bouwplaats staan vanwege een lastige aansluiting bij een dakkapel of een schoorsteen die niet helemaal haaks staat.
Als er op het dak ook nog voorzieningen komen voor zonnepanelen, wordt daar vaak al tijdens de montage van de platen rekening mee gehouden, bijvoorbeeld door montagerails te plaatsen die aan de fels klemmen zonder dat er geboord moet worden. Hoe die combinatie precies werkt, leest u op de pagina daarover.
Deze manier van bouwen, met platen op maat die op de bouwplaats aan elkaar geklikt worden, werkt goed wanneer er een duidelijk plan en een redelijk toegankelijk dak of gevel is. Bij extreem ingewikkelde vormen met heel veel kleine facetten kan het zijn dat een andere dakbedekking, met meer flexibiliteit in kleine stukken, praktischer is. Ook wanneer de ondergrond nog niet vaststaat en er eerst nog constructief werk moet gebeuren, heeft het weinig zin om nu al over de montage van de platen te praten; dan is de bouwkundige voorbereiding eerst aan de orde.
Heeft u een tekening of een schets van het dak of de gevel, dan kunnen wij daar kosteloos naar kijken en aangeven hoe de platen het beste ingedeeld kunnen worden en welke volgorde op de bouwplaats logisch is. Dat scheelt u en de aannemer op de planken van tevoren al veel gepuzzel op de bouwplaats zelf.