Klikzink
Een tiny house dat op een open plek staat, los van andere bebouwing en vaak ook nog een stuk hoger dan de omgeving, krijgt de wind van alle kanten. Dat is een andere situatie dan een huis dat tussen andere huizen staat of tegen een schuur aan. Bij een vrijstaand, hoog gebouwtje loopt de windbelasting op het dakvlak sneller op, en dat werkt door tot in de details van hoe wij de felsplaten bevestigen.
Felsplaten worden blind bevestigd met klemmen die onder de fels vallen. Hoeveel klemmen er per strekkende meter nodig zijn, hangt af van de windbelasting die op dat dakvlak komt. Bij een tiny house dat vrij staat, zonder beschutting van bomen, andere gebouwen of een talud, is de zuigkracht op het dakvlak hoger dan bij een vergelijkbaar dak dat ergens tussen bebouwing in staat. Dat geldt vooral bij de randen en de hoeken van het dak, waar de wind het hardst aan de plaat trekt. Wij bepalen de klemafstand daarom niet op basis van een vaste vuistregel, maar op basis van de concrete situatie: hoogte van het gebouw, dakhelling, en de mate waarin het vrij in het veld staat of ergens beschut. Een tiny house op een kavel met bomen rondom vraagt een andere klemafstand dan hetzelfde huisje op een kale wei of op een open plek naast een sloot.
Dit is een rekenkwestie, geen gevoelskwestie. Wij denken mee op tekening en dat kost niets, maar de tekening moet dan wel de werkelijke situatie laten zien: hoe hoog het huisje straks staat, hoe vrij het ligt, en of het op een vaste plek blijft staan of van tijd tot tijd verplaatst wordt. Een tiny house dat regelmatig van standplaats wisselt, moet worden doorgerekend op de meest open plek waar het ooit kan komen te staan, niet op de eerste, beschutte locatie.
Bij een groot dak op een gewoon huis kan een enkele baan die iets zwaarder belast wordt, opgevangen worden door de rest van het vlak. Bij een tiny house is het dakvlak klein, vaak niet meer dan een paar banen breed. Dat betekent dat elke baan een groter deel van het totale dakvlak draagt en dus relatief harder werkt. Een dak van vier meter breed met banen van 475 mm werkende breedte bestaat uit acht, negen banen; valt er één baan verkeerd of zit de klem net te ver uit elkaar, dan is dat een groter deel van het probleem dan bij een dak van twintig meter breed.
Dit werkt ook door in de randafwerking. De rand van het dakvlak is de plek waar de wind het meest trekt, en bij een klein dakvlak is de rand relatief een groter deel van het totale oppervlak dan bij een groot dak. Bij een tiny house van vier bij zes meter is bijna elke baan een randbaan of grenst aan een randbaan. Daar past dus geen standaard-klemafstand die voor het midden van een groot dakvlak bedoeld is; de hele plaat moet behandeld worden als randzone.
Felsplaten wegen ongeveer 5 kilogram per vierkante meter. Op een gewoon huis is dat een verwaarloosbare bijdrage aan het totale gewicht van de constructie. Bij een tiny house dat op een aanhanger staat of ooit verplaatst moet worden, telt elke kilogram wel mee, want er is een maximaal toelaatbaar gewicht voor de constructie en vaak ook voor het transport. Een dak van 4 bij 6 meter met felsplaten weegt in materiaal ongeveer 120 kilogram, exclusief de ondergrond en isolatie. Dat is meestal geen probleem, maar het is wel iets om vooraf mee te nemen in de gewichtsberekening van het hele huisje, samen met de wanden, de vloer en de inrichting.
Waar het gewicht wél gaat knijpen, is bij een tiny house dat al aan de bovengrens van het toelaatbare aslastgewicht zit. In die situatie is elke kilogram op het dak een kilogram die ergens anders vanaf moet, en dan wordt de discussie over het gewicht van de dakbedekking relevant. Vergeleken met dakpannen is een felsplatendak aanzienlijk lichter, en dat scheelt in zo'n geval merkbaar. Maar bij een tiny house dat vast op een fundering staat en niet meer verplaatst wordt, speelt dit argument niet; dan is het gewicht van het dak net zo weinig relevant als bij een gewoon huis.
De plaat zelf, de coating en de manier van felsen veranderen niet door de windbelasting. Het materiaal is hetzelfde staal met dezelfde verzinking en dezelfde laag GreenCoat Pural BT, of het dak nu op een beschutte plek ligt of op een heuvel in het open veld staat. Ook de koudvouwbaarheid tot -15 graden en de geringere uitzetting ten opzichte van zink hebben niets te maken met windbelasting; dat zijn eigenschappen die overal gelijk blijven. Wie dus zoekt naar een andere plaat of een andere coating omdat het huisje vrij in de wind komt te staan, zoekt in de verkeerde richting. Het antwoord zit in de bevestiging, niet in het materiaal.
Het is ook goed om te weten wanneer windbelasting geen rol van betekenis speelt. Staat het tiny house permanent op een beschutte plek, tussen bomen of gebouwen, en verandert die situatie niet meer, dan is de standaard klemafstand voor een normale situatie meestal toereikend en is er geen reden om zwaarder uit te voeren dan nodig. Overdimensioneren kost geld zonder dat het iets oplevert. De vraag is dus niet of het een tiny house is, maar hoe vrij en hoe hoog het precies komt te staan, en of dat blijvend zo is of kan veranderen.
Geef ons de hoogte van het huisje, de dakhelling en een beschrijving van de locatie: vrij in het veld, tussen bebouwing, op een tijdelijke of vaste standplaats. Op basis daarvan bepalen wij de klemafstand voor uw dak en werken we dat uit op tekening, zodat u vooraf weet wat de opbouw wordt en wat die betekent voor het gewicht van het geheel.