Klikzink

Felsplaten op een schilddak van garage of carport

Een schilddak heeft geen platte gevels maar vier hellende vlakken, die elkaar ontmoeten in vier hoekkepers. Op een groot pand valt dat detail nauwelijks op, simpelweg omdat de kepers hoog zitten en ver van de weg af liggen. Op een garage of carport is dat anders. Het dak zit laag, het bouwwerk staat vaak los en dicht bij de oprit of het pad, en wie eraan voorbijloopt kijkt bijna recht tegen de dakrand en de hoeken aan. Precies daar zit het meeste snijwerk, en precies daar valt het meeste op als het niet klopt.

De vier vlakken van een schilddak zijn nooit allemaal even groot. Bij een garage met een rechthoekige plattegrond zijn er twee lange vlakken en twee korte driehoekige stukken aan de zijkanten. Die driehoeken zijn het probleem. Een felsplaat is een rechte baan met een fels aan beide lange zijden; die baan loopt het soepelst over een rechthoekig vlak van nok naar goot. Op een driehoekig vlak moet elke baan op maat versneden worden, en de baan wordt van de ene naar de andere zijde steeds korter. Bij een garage van vier meter breed loopt dat driehoekige vlak vaak in een meter of twee op tot de nok, wat betekent dat de kortste baan bij de hoekkeper nog maar een fractie van de volle plaatbreedte is. Daar is precisie nodig, en die precisie is lastiger te leveren dan op een lang recht dakvlak, waar een verkeerde snede zich verspreidt over een baan van tien meter en dus minder opvalt.

De hoekkeper zelf is de plek waar twee schuine vlakken onder een hoek op elkaar aansluiten. Anders dan bij een nok, die horizontaal loopt, loopt een hoekkeper schuin omhoog. Dat betekent dat de platen aan beide zijden van de keper niet haaks maar onder een verstek versneden moeten worden, en dat die snede over de volle lengte van de keper gelijk moet blijven. Bij een garage van normale afmetingen is die keperlijn misschien drie tot vier meter lang, kort genoeg om in één stuk profiel af te werken, maar ook kort genoeg om een kleine afwijking in de hoek meteen zichtbaar te maken over de hele lengte. Op een lang bedrijfsdak wordt zo'n afwijking vaak pas gezien als je er specifiek naar zoekt. Op een garage ziet de eigenaar het dagelijks vanuit de keukenraam.

Onder de standaard dakhelling ligt hier scherper

Onze felsplaten zijn toepasbaar vanaf zes graden dakhelling, en dat geldt ook voor een schilddak. Bij een garage komt het regelmatig voor dat de bouwer voor een lage, gedrukte kap heeft gekozen, met een dakhelling die dicht bij die grens ligt. Op zo'n vlak vraagt de aansluiting bij de hoekkeper om meer aandacht dan bij een steil schilddak, omdat water bij een lage helling langzamer afvoert en dus langer op de plaat en in de keper blijft staan. Bij een steile kap loopt het water snel weg en is een kleine onvolkomenheid in de keper minder kritisch. Bij een lage helling is de marge kleiner, en dat is precies de reden waarom wij bij een garage altijd vragen naar de werkelijke hellingshoek van elk vlak, ook als de vier vlakken op het eerste gezicht identiek lijken. Kleine bouwtoleranties in de sporenkap zorgen er in de praktijk vaak voor dat het ene vlak net een graad of twee afwijkt van het andere.

De dakrand is hier het visitekaartje

Op een bedrijfshal of een woonhuis kijkt niemand van dichtbij naar de druiplijn. Bij een garage of carport staat de dakrand op ooghoogte, of net daarboven, en wie de auto erin zet kijkt er elke dag tegenaan. De druiprand, de hoekafwerking en de aansluiting van de fels op de gevel zijn hier geen bijzaak maar het eerste wat opvalt. Wij werken de dakrand af met dezelfde platen als het dakvlak, in dezelfde kleur en met dezelfde matte afwerking, zodat de rand niet als een los onderdeel oogt maar als voortzetting van het vlak. Bij een carport, waar vaak geen bovenverdieping of dakgoot het zicht op de onderzijde wegneemt, telt ook de manier waarop de plaat aan de onderzijde is afgekant. Een rafelige of scheve snede aan de druiprand van een carport zie je iedere keer dat je erlangs loopt; op een schuur van twaalf meter diep valt zo'n randje simpelweg niet op omdat niemand er recht onderdoor loopt.

Waar het misgaat, en waar het wringt

De meest voorkomende fout bij een schilddak op een garage is dat de baanindeling wordt bepaald door het grootste vlak, waarna de kortere driehoekige vlakken worden ingevuld met restmateriaal. Dat werkt op papier, maar in de praktijk ontstaan dan bij de hoekkepers kopse naden die niet in lijn liggen met de naden op het hoofdvlak. Van veraf is dat geen probleem; bij een garage, die je van dichtbij en van opzij bekijkt, springt die verspringing in het oog. Wij werken andersom: eerst de kepers en de kortste vlakken indelen, dan het hoofdvlak daarop afstemmen. Dat scheelt in de praktijk vaak een halve baan aan afval, en het scheelt vooral in het aanzicht.

Een tweede punt waar het misgaat is de aanname dat een schilddak per definitie de beste keuze is voor een klein bijgebouw. Dat is niet zo. Een schilddak met vier hoekkepers vraagt meer snijwerk, meer verstek en dus meer arbeidsuren dan een zadeldak met twee vlakken en een enkele nok, zonder dat het resultaat voor een garage van vier bij zes meter functioneel iets toevoegt. Bij een carport zonder wanden speelt dit nog sterker: daar is het schilddak vooral een esthetische keuze, en die keuze is prima te maken, maar hij moet weloverwogen zijn en niet uit gewoonte. Bij een garage die tegen een bestaand huis met schilddak aan staat, is aansluiten op die vorm vaak wel de logische keuze, om twee verschillende daksilhouetten op één kavel te vermijden.

Een derde valkuil is de klem onder de fels bij de hoekkeper. De klemmen die de felsplaat blind bevestigen, moeten bij een schuine keperlijn net zo goed grip houden als op een recht vlak, en dat vraagt een ondergrond die op die plek vlak en stevig genoeg is uitgevoerd. Bij een garage met een lichte houten dakconstructie is dat meestal geen probleem, maar bij een carport met een minimale spantconstructie komt het voor dat de kepergordels dunner zijn uitgevoerd dan de rest van de kap. Dat is een bouwkundig punt dat wij liever vooraf zien op tekening dan achteraf op het dak.

Wat u nu kunt doen

Heeft u een garage of carport met een schilddak, of overweegt u die vorm, dan denken wij graag mee op basis van een tekening of een foto van de bestaande kap. Wij kijken dan naar de vlakverdeling, de hellingshoek van elk vlak afzonderlijk en de lengte van de hoekkepers, en werken dat uit tot een baanindeling die op de millimeter is afgestemd op uw dak. Dat meedenken kost niets, en u weet vooraf hoe de rand en de hoeken eruit komen te zien voordat er een plaat gelegd is.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink