Klikzink

Felsplaten garage: doorvoeren en dakramen waterdicht

Op een garage of carport staat u er zelf naast. Het dak van een woonhuis bekijkt u van veraf, vanaf de stoep of vanuit de tuin. Het dak van een garage overzicht u in één keer, van dichtbij, vaak terwijl u de auto erin rijdt of de fiets pakt. Elke doorvoer, elk dakraam en elke aansluiting aan de rand valt daardoor op een manier op die bij een groot dak niet gebeurt. Dat is de reden waarom we dit onderwerp apart behandelen: niet omdat de techniek anders is dan bij een groot pand, maar omdat de marge voor een onhandig detail hier praktisch nul is.

Waarom een klein dak minder ruimte geeft voor fouten

Een garagedak is meestal een paar meter breed en een paar meter diep. Een rookgasafvoer, een ventilatiebuis of een lichtkoepel staat daar niet verstopt tussen andere elementen, zoals op een groot bedrijfsdak met meerdere doorvoeren, leidingen en installaties. Op een garage staat die ene doorvoer vaak op zichzelf, dicht bij de nok of dicht bij de rand, en u ziet hem elke keer dat u het pad op loopt. Een aansluiting die net niet mooi vlak ligt, een randje kit dat verkleurt, of een manchet die niet bij de kleur van de plaat past: op een woonhuis valt dat weg tussen de rest van het dakvlak, op een garage is het het eerste wat opvalt.

Dat heeft gevolgen voor hoe we een doorvoer aanpakken. Op een groot dak kan een doorvoer soms iets robuuster worden uitgevoerd, omdat het optisch niet zo zwaar telt. Op een garage kiezen we liever voor een oplossing die qua hoogte en omvang bij de schaal van het dak past. Een forse dakkap voor rookgasafvoer op een garage van drie bij vijf meter trekt meer aandacht dan diezelfde kap op een loods van dertig meter breed.

Hoe een doorvoer waterdicht in de plaat komt

Een felsplaat is een aaneengesloten stalen baan zonder naden in het vlak; de enige onderbrekingen zijn de felsen tussen de banen. Een doorvoer moet dus dwars door dat gesloten vlak heen, en de aansluiting moet het water dat over de plaat naar de rand loopt, om de doorvoer heen leiden zonder dat het naar binnen kan lekken.

Bij een ronde doorvoer, zoals een ventilatiebuis of een rookgaskanaal, werkt dat met een opstand die om de buis heen sluit en die aan de bovenzijde onder de fels of onder een volgende plaat doorloopt, en aan de onderzijde over de plaat heen valt. Het water dat van boven komt, wordt zo altijd over de opstand naar buiten geleid, nooit ertegenaan opgestuwd. Bij een rechthoekige doorvoer, zoals een lichtkoepel of dakraam, werkt hetzelfde principe met een randprofiel: aan de bovenzijde een overlap die het water afvangt voordat het bij de opening komt, aan de zijkanten een opstaande rand die het water naar de onderzijde stuurt, en aan de onderzijde een af tocht die vrij van de plaat afloopt.

Bij een garage komt daar een praktisch punt bij: de dakhelling. Felsplaten zijn toepasbaar vanaf zes graden, en op een garage zien we regelmatig daken die net op of net onder dat minimum liggen, vooral bij platte of bijna platte garages die later zijn omgebouwd naar een lichte helling. Bij zo'n lage helling loopt het water langzamer af, en dat betekent dat een doorvoer op een laag hellend garagedak een ruimere overlap nodig heeft dan diezelfde doorvoer op een steil dak. Wat op een dak van dertig graden met een paar centimeter overlap goed gaat, vraagt op zes graden meer marge, simpelweg omdat het water er langer blijft liggen voordat het wegloopt.

De plek van de doorvoer bepaalt de oplossing

Op een garage staat een doorvoer zelden midden op het dakvlak zoals bij een woonhuis met een schoorsteen op de nok. Vaker staat hij dicht bij de rand, omdat de garage zelf klein is en de installatie erachter, zoals een cv-ketel of een af zuiging, tegen de buitenmuur is geplaatst. Een doorvoer dicht bij de dakrand vraagt een andere aanpak dan een doorvoer midden op het vlak, omdat het water op die plek al bijna aan het einde van zijn weg is en de opstand van de doorvoer niet mag interfereren met de goot of de daktrim.

We zien in de praktijk dat een doorvoer die te dicht bij de rand is geplaatst, soms een eigen kleine afwatering nodig heeft die naast de doorvoer langs naar de goot loopt, in plaats van dat het water gewoon over de plaat naar de rand stroomt. Dat is geen standaardoplossing die overal hetzelfde uitpakt; het hangt af van hoe dicht de doorvoer bij de rand staat en hoe de goot daar is aangesloten. Bij een carport, waar vaak geen gesloten gevel is, speelt dit nog sterker: een doorvoer aan de rand van een open carport ligt in het zicht vanaf alle kanten, en een net wegvallend randje bepaalt of het geheel afgewerkt oogt of niet.

Dakramen op een klein dakvlak

Een dakraam op een garage dient meestal een concreet doel: licht in een werkplaats, een hobbyruimte boven de garage, of gewoon een lichtkoepel voor de auto zelf. Omdat het dakvlak klein is, ligt een dakraam op een garage vaak dichter bij de nok of dichter bij de rand dan wenselijk zou zijn op een groter dak, simpelweg omdat er niet veel andere plek is. Dat verandert niets aan hoe de aansluiting zelf werkt, maar het betekent wel dat de opstand van het raam op een klein dak relatief een groter deel van het totale dakvlak inneemt. Waar een dakraam op een groot dak een klein onderdeel van het geheel is, is het op een garage vaak het enige element op het dak buiten de dakrand zelf.

Dat maakt de keuze van het randprofiel rond het raam belangrijker dan de functie alleen zou doen vermoeden. Een profiel in dezelfde kleur als de plaat, bijvoorbeeld Nordic Night Black of Slate Grey, valt minder op dan een blinkend profiel in een afwijkende kleur. Bij een klein dak is dat verschil met het blote oog te zien vanaf de vaste plek waar u meestal staat, terwijl het op een groot dak vanaf de grond nauwelijks opvalt.

Wanneer een doorvoer beter niet door het dakvlak gaat

Er zijn situaties waarin we een doorvoer liever niet door het gesloten vlak van de felsplaten laten lopen. Bij een garage met een heel lage helling, dicht bij het minimum van zes graden, en een doorvoer die noodgedwongen dicht bij de rand moet staan, is het soms verstandiger om de afvoer via de gevel te laten lopen in plaats van via het dak. Dat scheelt een kwetsbare aansluiting op precies de plek waar het water het langzaamst wegloopt en het meest kans heeft om op te stuwen.

Ook bij een carport zonder gesloten onderconstructie, waar de doorvoer nergens op kan worden vastgezet behalve op de plaat zelf, kijken we eerst of een andere route mogelijk is. Een doorvoer die alleen steun heeft aan de dunne stalen plaat, zonder degelijke onderconstructie erachter, is minder stabiel dan een doorvoer die op een balk of gording is bevestigd. Bij twijfel over de onderconstructie is dat iets om vooraf te bekijken, niet achteraf te repareren.

Wat u kunt voorbereiden voordat u belt

Het helpt als u van tevoren weet waar de doorvoer of het dakraam moet komen, hoe groot de opening ongeveer moet worden, en of er al een installatie is die de plek bepaalt of dat er nog keuzevrijheid is. Ook de huidige dakhelling is nuttig om te weten, want die bepaalt mee hoe ruim de aansluiting rond de doorvoer moet worden uitgevoerd. Wij kijken graag mee op een foto of een tekening van uw garage of carport, en dat meedenken kost niets.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink