Klikzink

Onderhoudsarme dakkapel met felsplaten

Een dakkapel is qua oppervlak het kleinste dak dat wij beleggen, en dat kleine oppervlak is precies waarom de vraag naar onderhoudsarm materiaal hier anders uitpakt dan bij een gewoon schuin dak. Op een groot dakvlak valt een baan meer of minder amper op. Op een dakkapel van twee bij drie meter ziet u elke naad, elke fels en elke asymmetrie in één oogopslag vanaf de straat of vanuit de tuin van de buren. Onderhoudsarm begint hier dus niet bij het materiaal, maar bij de indeling van het vlak, en dat is een andere afweging dan bij het hoofddak.

Waarom onderhoud bij een dakkapel vooral een kwestie van indeling is

Bij klikfels zit het onderhoud niet in het materiaal zelf. Het staal is verzinkt en voorzien van een coating die niet is bedoeld om periodiek behandeld te worden; er is geen beits, geen verf en geen impregneermiddel dat u er na een paar jaar overheen moet zetten. Wat op een dakkapel wel onderhoud vraagt, zijn de plekken waar het dak overgaat in iets anders: de aansluiting op het hoofddak, de zijkanten tegen de dakkapelwangen, de onderkant bij de goot en eventuele doorvoeren voor een schoorsteen of ventilatiekanaal. Daar zit voeg-, kit- of loodwerk dat op termijn aandacht vraagt, en dat geldt voor vrijwel elke dakbedekking. Het felswerk zelf, de vlakken tussen die aansluitingen, vraagt in de praktijk niet meer dan een jaarlijkse visuele controle en het schoonhouden van bladafval bij de goot.

Wat op een dakkapel wel om aandacht vraagt, is de baanindeling. Omdat felsplaten in een vaste werkende breedte van 475 millimeter worden gelegd, moet u van tevoren bepalen hoeveel banen er op het vlak komen en hoe die zich verhouden tot de zijkanten van de kap. Bij een dakvlak van pakweg 1900 millimeter breed komt u op vier hele banen, en dat sluit mooi aan. Bij een breedte van 2100 millimeter moet er een baan versneden worden, en dan bepaalt de plaatsing van die versneden baan of het beeld symmetrisch wordt of scheef oogt. Op een groot dak lost zo'n randbaan zich op in de lengte van het vlak. Op een dakkapel, waar het hele vlak in één keer te overzien is, valt een asymmetrische randstrook direct op. Dat is geen onderhoudskwestie in de zin van scheuren of roest, maar het is wel de reden dat mensen na een paar jaar toch ontevreden naar hun dakkapel kijken: niet omdat het lekt, maar omdat het er niet recht uitziet.

Hoe de volgorde van het werk hier verloopt

Bij een dakkapel beginnen wij daarom niet met de plaat, maar met de opname. Wij hebben de exacte breedte en lengte van het vlak nodig, inclusief de overstekken en de plek van eventuele doorvoeren, voordat wij de baanindeling vaststellen. Omdat wij op de millimeter leveren, vanaf 450 tot 8000 millimeter, kunnen wij de platen zo laten zagen dat de indeling logisch uitkomt: bijvoorbeeld met twee gelijke randstroken in plaats van één brede en één smalle, of met de fels precies in het midden van het vlak in plaats van ergens uit het oog. Dat is een keuze die op tekening wordt gemaakt, niet op het dak zelf. Meedenken op die tekening kost niets, en bij een dakkapel is dat juist de stap waar de meeste tijd in gaat zitten, meer dan bij een regulier dak waar de platen vaak gewoon doorlopen.

Daarna volgt de bevestiging, en die verloopt bij een dakkapel niet anders dan elders: de platen worden blind bevestigd met klemmen onder de fels, zodat er geen schroeven zichtbaar zijn op het vlak. Op een houten dakbeschot gebeurt dat met schroeven in de ondergrond, op een stalen ondergrond met zelfborende schroeven. Bij een dakkapel is de ondergrond meestal hout, omdat dakkapellen doorgaans in houtskeletbouw of met een houten dakbeschot worden uitgevoerd. Dat verandert niets aan de manier van bevestigen, maar het is wel iets wat wij vooraf vaststellen, want de schroeflengte en het type schroef hangen ervan af.

Wat een klein vlak betekent voor materiaalgedrag

Staal zet uit en krimp met temperatuur, en dat geldt voor elk felsdak, groot of klein. Bij klikfels is die uitzetting ongeveer half zoveel als bij zink, wat betekent dat de platen minder bewegingsruimte nodig hebben in de felsverbinding. Op een dakkapel is dat gunstig, simpelweg omdat er weinig ruimte is om überhaupt met bewegingsruimte te schuiven. Een dakkapel van twee meter breed heeft nu eenmaal geen plek voor een royale dilatatievoeg zoals op een lange dakvlakte. Dat de platen relatief weinig uitzetten, maakt het eenvoudiger om het vlak strak en zonder rare speling af te werken, ook bij temperatuurschommelingen door de seizoenen heen.

Ook het gewicht speelt hier mee, al is dat bij een dakkapel meestal geen probleem. Met ongeveer vijf kilo per vierkante meter is klikfels een van de lichtere opties, en bij een vlak van een paar vierkante meter loopt de totale belasting op de dakkapelconstructie niet snel op. Dat maakt het materiaal ook geschikt voor toepassing op de verticale delen van de kap, de voorzijde en de wangen, waar wij hetzelfde materiaal soms doortrekken voor een rustig, doorlopend beeld zonder overgang naar een andere dakbedekking.

Wanneer dit voor een dakkapel niet de aangewezen weg is

Er zijn dakkapellen waarbij een felsdak niet de logische keuze is, en dat heeft minder te maken met onderhoud dan met vorm en schaal. Bij een dakkapel met een zeer flauwe of gebogen kap, waarbij het vlak niet recht en vlak is maar rond loopt, is felswerk niet geschikt: de platen zijn bedoeld voor rechte vlakken, niet voor een gebogen dakhuid. Bij een minimale dakhelling onder de zes graden, wat bij sommige platte dakkapellen voorkomt, is felswerk evenmin de juiste oplossing, omdat de afwatering dan niet voldoende is voor dit soort naadverbindingen.

Er is ook een praktische grens die specifiek bij dakkapellen speelt: als het vlak zo smal is dat er nog geen hele baan op past, bijvoorbeeld bij een heel compacte kap van onder de halve meter breed, dan verdwijnt het voordeel van de blinde felsverbinding. Op zo'n klein oppervlak is de verhouding tussen de fels aan de randen en het vlak daartussen zo ongunstig dat een ander materiaal, met een andere detaillering, vaak eenvoudiger aansluit. En als de dakkapel wordt gecombineerd met zonnepanelen op precies dat kleine vlak, is er een aparte afweging te maken die niets met onderhoud te maken heeft maar met bevestigingspunten, en die valt buiten deze vraag.

Wat u kunt doen

Wilt u weten hoe de baanindeling op uw specifieke dakkapel uitvalt, dan is het handigst om de maten van het vlak door te geven, inclusief de breedte tot aan de dakkapelwangen. Wij rekenen dan uit hoeveel hele banen erop passen en waar een eventuele randstrook het beste komt, zodat u van tevoren weet hoe het beeld wordt voordat er iets gezaagd is.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink