Klikzink

Dakkapel hoog en vrij in de wind: felsplaten daarop

Een dakkapel die alleen op een kap staat, boven een hoekwoning of vrijstaand pand, krijgt een andere windbelasting dan een dakkapel die tussen twee buurpanden in een rijtjeswoning zit. Op zichzelf is dat geen verrassing: hoe hoger en hoe vrijer een gebouw staat, hoe meer wind erop staat. Wat wij bij felsplaten op zo'n dakkapel concreet anders doen, ligt niet in het materiaal maar in twee dingen die vooraf worden bepaald: de afstand tussen de klemmen onder de fels, en de manier waarop de banen over het vlak worden verdeeld.

De klemmen die de felsplaat onder de opstaande naad vasthouden, zitten niet overal even dicht bij elkaar. Hoe hoger de windbelasting op een vlak, hoe korter de klemafstand moet zijn om de plaat op zijn plek te houden bij zuiging. Zuiging is de kracht waarmee wind een dakvlak juist omhoog probeert te trekken, en die kracht is groter aan de randen en de hoeken van een dakvlak dan in het midden. Bij een dakkapel die vrij in de wind staat, is bijna het hele vlak rand of hoek: het vlak is klein, dus de zone met verhoogde zuiging beslaat een groot deel van de oppervlakte. Bij een dakkapel die ingebouwd zit tussen twee andere kapellen, of laag op een lang dakvlak, is die zuigzone kleiner ten opzichte van het geheel. Dat is het eerste concrete verschil: bij een losstaande, hoge dakkapel rekenen wij met een kortere klemafstand over vrijwel het gehele vlak, niet alleen langs de randen.

Wat dit voor de aannemer betekent, is vooral een andere hoeveelheid klemmateriaal en een andere positionering bij het monteren, niet een ander soort plaat. De felsplaat zelf, de dikte, de coating, de fels van 35 mm: dat verandert niet. Alleen het onderliggende bevestigingspatroon wordt dichter. Voor een eigenaar die de rekening ziet, kan dat een paar euro's per vierkante meter extra klemmateriaal betekenen. Dat is geen reden om van felsplaten af te zien; het is een reden om bij een offerte te vragen of de windbelasting van dit specifieke dakkapelvlak is meegenomen, en niet een generieke klemafstand is aangehouden die voor een dakkapel in een rij prima werkt maar hier te ruim is.

De tweede kant van de zaak is de baanindeling, en die heeft niets met windkracht te maken maar met het feit dat een dakkapel een klein en zeer zichtbaar vlak is. Op een lang dakvlak van een schuur of loods vallen kleine onregelmatigheden in de baanbreedte niet op: er lopen tientallen banen naast elkaar en één baan die een paar centimeter smaller uitvalt, verdwijnt in het geheel. Op een dakkapel van bijvoorbeeld drie meter breed passen er met de werkende breedte van 475 mm zes tot zeven banen naast elkaar. Valt de laatste baan daar te smal uit, dan ziet dat iedereen die vanaf de straat naar het huis kijkt.

Bij een dakkapel die vrij en hoog op het dak staat, geldt dat extra zwaar, want zo'n dakkapel is precies het onderdeel waar het oog als eerste op valt. Een dakkapel ingebouwd tussen twee andere, of half verscholen achter een schoorsteen, trekt minder aandacht dan een dakkapel die als enige boven de nok van een vrijstaand huis uitsteekt. Daarom werken wij bij dit soort vlakken liever van het midden naar de zijkanten toe: de middelste baan wordt op de middellijn van het dakkapelvlak gelegd, en de resterende breedte wordt links en rechts symmetrisch verdeeld. Zo ontstaat een vlak waarbij eventuele smallere randbanen aan beide zijden precies even breed zijn, in plaats van dat er aan één kant een volle baan ligt en aan de andere kant een half zo brede reststrook.

Dat symmetrisch uitkomen is precies waarom wij vragen om de exacte maten van het dakkapelvlak voordat er iets op de wals gaat, en niet achteraf bijknippen. Felsplaten zijn op de millimeter leverbaar, van 450 tot 8000 mm, en dat is precies het soort maatwerk waarmee je op een klein vlak met een symmetrische indeling kunt uitkomen zonder dat er ergens een baan van tien centimeter tussen twee volle banen geklemd zit. Bij een dakkapel in een rijtjeswoning is deze zorgvuldigheid net zo goed op zijn plaats, maar valt een kleine asymmetrie minder snel op omdat het silhouet minder los in het zicht staat.

Waar deze twee punten, klemafstand en baanindeling, elkaar raken, is bij de nok en de randen van het dakkapeldak. Op een vrijstaande, hoge dakkapel liggen de randbanen vaak in exact het gebied waar de zuigkracht het grootst is. Dat betekent dat de smalste randbaan, die om esthetische redenen toch al zo breed mogelijk moet blijven, ook nog de zwaarste bevestiging nodig heeft. Bij het ontwerp van de baanindeling houden wij daarom niet alleen rekening met het aanzicht vanaf de grond, maar ook met de vraag of de resulterende randstrook breed genoeg is om er voldoende klemmen in te zetten. Een randstrook van vijf centimeter is esthetisch misschien net acceptabel, maar biedt te weinig plaat om de klemmen op de juiste afstand te plaatsen. Dan is het beter de indeling zo te verschuiven dat de randbanen wat breder worden, ook als dat betekent dat de middelste baan net niet precies op het midden van de nok uitkomt.

Er zijn ook situaties waarin dit hele verhaal weinig verschil maakt. Staat de dakkapel laag op een dakvlak dat door een naastliggend, hoger gebouw of dichte begroeiing goeddeels uit de wind ligt, dan is het onderscheid tussen vrijstaand en ingebouwd voor de klemafstand vrijwel verwaarloosbaar; de windbelasting wordt dan vooral bepaald door de hoogte boven het maaiveld en de blootstelling in de omgeving, niet door de plaats op het dak zelf. Ook bij een dakkapel die weliswaar op een vrijstaand huis staat maar zelf klein en laag is, met een dakhelling die ruim boven de minimale zes graden voor felsplaten ligt, is het verschil met een ingebouwde dakkapel doorgaans klein genoeg om met een standaard klemafstand te werken. Het is dus niet de vraag of een huis vrijstaand is die de doorslag geeft, maar de vraag hoe die specifieke dakkapel erbij staat: hoog, laag, beschut of open.

Wilt u weten of uw dakkapel in de categorie valt waar dit verschil maakt, stuur dan de maten en de foto's van de situatie naar ons op. Meedenken op tekening, inclusief het bepalen van de klemafstand en een symmetrische baanindeling voor uw vlak, kost niets.

Terug naar het overzicht

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink