Klikzink
Een boerenschuur isoleren lijkt op papier een kwestie van een pak isolatie tussen de gordingen leggen en er een nieuwe dakbedekking op zetten. In de praktijk werkt de opbouw van een schuur anders dan die van een woonhuis, en dat komt niet door het materiaal boven op het dak, maar door wat er onder het dak gebeurt. Een woonhuis heeft een min of meer constant binnenklimaat: een woonkamer van twintig graden, een beetje vocht van douchen en koken, en een ventilatiesysteem dat dat vocht afvoert. Een schuur met vee, hooi of machines heeft dat niet. Er hangt ammoniak, er verdampt vocht uit mest en voer, de deuren staan een groot deel van de dag open en dicht, en de temperatuur binnen wijkt soms nauwelijks af van die buiten. Dat verschil bepaalt waar de isolatie en de dampremmer horen, en dat is precies waar het vaak misgaat.
Bij een woonhuis is de vuistregel simpel: de dampremmer zit aan de warme, binnenzijde van de isolatie, direct onder de afwerking. Vocht uit de woonruimte mag niet ongehinderd de isolatie in trekken, want dan condenseert het tegen de koude buitenplaat en blijft het daar zitten. Bij een schuur is de binnenzijde niet per se de warme kant. In een ligboxenstal met open nokventilatie is de temperatuur binnen en buiten het grootste deel van het jaar bijna gelijk, en de belangrijkste vochtbron is niet de lucht die de dieren uitademen maar de damp die van onderaf uit mest, gier en natte vloeren opstijgt. Die damp trekt omhoog, de warmte van de dieren erbij, en zoekt de koudste plek: de onderkant van de dakplaat. Zonder dampremmer condenseert dat vocht tegen de plaat en druipt het terug op het isolatiemateriaal, dat daardoor natter wordt in plaats van droger. Bij zo'n gebruik leggen we de dampremmer aan de kant van de dierenruimte, direct tegen de gording of het binnenbeplating aan, met de overlappen goed afgeplakt bij de doorvoeren van stalen kolommen en gordingen. Bij een machineloods of een schuur die alleen droog materiaal opslaat, ligt dat weer anders, omdat daar geen constante vochtbron van onderaf is en de dampremmer minder kritisch is, maar nooit weglaten zonder dat te hebben nagedacht.
De opbouw van binnen naar buiten is bij een geïsoleerde schuur meestal: binnenbeplating of gaasconstructie, dan de dampremmer, dan de isolatie tussen de gordingen, dan een tengellaag voor de ventilerende spouw, en pas daarboven de felsplaat. Die spouw is niet optioneel. Zonder ventilerende luchtlaag tussen isolatie en dakplaat blijft vocht dat er toch doorheen komt onder de plaat staan, en dat is bij 0,55 millimeter verzinkt staal met een organische coating geen probleem voor de plaat zelf, maar wel voor de isolatie en de constructie erachter. De felsplaat wordt blind bevestigd met klemmen onder de fels, zodat er geen schroefgaten door de dakbedekking naar binnen lopen die vocht kunnen doorlaten; op een houten tengel gebeurt dat met schroeven, op een stalen gording met zelfborende schroeven.
Bij een woonhuis plan je een dakrenovatie rond het weer. Bij een boerenschuur plan je die rond het bedrijf. Een melkveehouder kan de koeien niet een week ergens anders zetten, een akkerbouwer kan de oogst niet uitstellen tot het dak klaar is, en een loonwerker met machines onder een lekkend dak wil niet wachten op de volgende bui. Dat betekent dat het werk in kortere blokken gepland wordt dan bij een woonhuis, vaak buiten het hoogseizoen van het bedrijf: na de oogst en voor het inkuilen, of in een rustige week tussen twee veeperiodes. Wij werken met platen op maat tot 8000 millimeter, geleverd op de millimeter vanaf onze eigen walsmachines, zodat er op de bouwplaats geen tijd verloren gaat aan het passend maken van standaardlengtes. Dat scheelt geen dagen op een gewoon dak, maar op een schuur waar iedere dag dat het dak open ligt een risico is voor het vee of de opslag eronder, telt elke stap die niet op de bouwplaats hoeft te gebeuren.
De volgorde van het werk is bij een isolatieslag ook anders dan bij een kaal dak vervangen. Eerst gaat de oude dakbedekking eraf, meestal in vakken zodat niet het hele dak tegelijk open ligt. Dan wordt gecontroleerd of de gordingen en spanten de extra belasting van isolatie, tengellat en nieuwe plaat kunnen dragen; een oud gordingprofiel dat ooit alleen een golfplaat van een paar kilo per vierkante meter droeg, is niet automatisch geschikt voor een pakket met isolatie erbij. Pas daarna komt de dampremmer, de isolatie, de tengels en de felsplaat, die met zijn gewicht van ongeveer vijf kilo per vierkante meter over het algemeen goed te combineren is met bestaande constructies, mits die van tevoren zijn nagerekend. Werken in vakken van een paar sporen breed betekent dat het dak nooit helemaal open ligt en dat het vee of de opslag onder een deel van het dak droog blijft terwijl aan het andere deel gewerkt wordt.
Veel schuren van voor de jaren negentig hebben nog een asbesthoudende dakplaat. Als die eraf moet voordat er geïsoleerd kan worden, verandert de volgorde van het hele project. De sanering is een apart traject met eigen regels voor afzetting, werkwijze en afvoer, en dat traject bepaalt wanneer de rest van het werk kan beginnen, niet de aannemer die de nieuwe felsplaten legt. In de praktijk plannen we de isolatie en de nieuwe dakbedekking pas na de sanering, en niet gelijktijdig, omdat het saneringsbedrijf een schoon, vrijgegeven dakvlak nodig heeft voordat er een nieuwe constructie op of onder mag komen. Voor een veehouder betekent dit dat de periode waarin het dak open ligt, of tijdelijk afgedekt is met een noodvoorziening, meestal langer duurt dan bij een schuur zonder asbest. Daar valt weinig aan te versnellen; wat wel helpt is dat de nieuwe felsplaten en de isolatie al besteld en op maat gewalst klaarliggen zodra de sanering is afgerond, zodat er geen tweede wachttijd ontstaat na de eerste.
Isoleren van een schuur is niet in elke situatie zinnig. Een loods die alleen droge machines of stro opslaat en geen verwarmde of door dieren opgewarmde ruimte is, heeft weinig te winnen bij een isolatiepakket; de meerkosten aan materiaal, tengelwerk en langere bouwtijd staan dan niet in verhouding tot het voordeel. Ook bij een schuur die binnen een paar jaar wordt afgebroken of van functie verandert, is instappen op alleen een nieuwe dakbedekking vaak logischer dan een volledig geïsoleerde opbouw neerzetten die niet meer gebruikt wordt. En bij een stal met zeer hoge en constante vochtbelasting, zoals een intensieve varkens- of pluimveehouderij, is de keuze van isolatiemateriaal en de uitvoering van de dampremmer een specialistisch vak op zich, waarbij wij vooraf op tekening meedenken over de opbouw, maar waarbij de klimaattechnische kant van het stalontwerp elders thuishoort.
Wilt u weten of isoleren bij uw schuur zin heeft en hoe de planning rond uw bedrijf te leggen is, neem dan contact met ons op. Meedenken op tekening, inclusief de plek van de dampremmer en de opbouw van de laag onder de felsplaten, kost niets.