Klikzink
Bij een tiny house komt de vraag isolatie in het paneel of isolatie in de constructie sneller op tafel dan bij een gewone woning. Het dakvlak is klein, dus elke baan die u legt is een groot deel van het totale oppervlak. En het geheel moet vaak op een trailer blijven passen of op een chassis blijven rusten dat een bepaald gewicht toestaat. Dat maakt de afweging tussen felsplaten en sandwichpanelen anders dan bij een schuur of een woonhuis, waar een paar kilo per vierkante meter meer of minder zelden de doorslag geeft.
Sandwichpanelen zijn twee stalen platen met daartussen een kern van PIR of PUR-schuim, meestal enkele centimeters dik. De isolatie zit dus al in het paneel; er is geen aparte laag nodig tussen sporen of op een dakbeschot. Dat scheelt bouwhoogte en het scheelt een bouwstap. Felsplaten zijn een dekking zonder isolatiewaarde: platte stalen banen met een fels van 35 mm die op elkaar klikken, blind bevestigd met klemmen. De isolatie moet u apart regelen, in de constructie onder de plaat.
Een sandwichpaneel van vier centimeter kern weegt per vierkante meter meer dan de felsplaat alleen, maar minder dan felsplaat plus een volledige isolatielaag met dampremmende folie en een afwerkplaat aan de binnenzijde. Bij een tiny house van twintig vierkante meter dakoppervlak loopt dat verschil op tot een aantal tientallen kilo's, en bij een verplaatsbaar huis telt elke kilo mee voor de aslast en voor wat de trekker nog aankan. Onze felsplaten wegen ongeveer 5 kg per vierkante meter; de rest van het gewicht zit dan in de opbouw eronder, niet in de plaat zelf.
De vraag is dus niet alleen wat de plaat weegt, maar wat de hele dakopbouw weegt inclusief isolatie, folies en binnenafwerking. Bij een sandwichpaneel is die opbouw in één stap klaar; bij felsplaten bouwt u de laag op en heeft u meer vrijheid in dikte en materiaal, maar ook meer onderdelen die samen gewicht toevoegen. Bij een tiny house waar de bouwer voor houtvezel of voor extra dikke isolatie kiest omwille van het binnenklimaat, kan de felsplaat-opbouw uiteindelijk zwaarder uitpakken dan het sandwichpaneel. Bij een dunne, lichte isolatielaag is het vaak andersom.
Op een groot bedrijfsdak vallen paneelbreedte en plaatlengte weg tegen het totale oppervlak. Op een tiny house van bijvoorbeeld drie meter breed telt elke baan. Sandwichpanelen hebben een vaste, meestal beperkte reeks breedtes en lengtes vanaf de fabriek; past een dakvlak niet precies op een veelvoud daarvan, dan snijdt u af en gooit u een strook weg, of u moet een naad accepteren op een plek waar u die liever niet had. Felsplaten leveren wij op maat, van 450 tot 8000 mm op de millimeter, met een werkende breedte van 475 mm. Voor een lessenaarsdak van 2,85 meter breed betekent dat: de banen worden precies op die lengte gewalst en u werkt zonder restmateriaal en zonder een naad die niet nodig was.
Dat scheelt op een tiny house meer dan op een grote loods, juist omdat de verhouding tussen wat u nodig heeft en wat een standaardmaat biedt hier zo ongunstig kan uitpakken. Een paneel van 600 mm breed op een dak van 2850 mm geeft vier hele panelen en een reststrook van 450 mm die u moet afkorten en apart moet afdichten. Met felsplaten op maat is die reststrook er niet.
Het is niet zo dat felsplaten hier altijd beter uitkomen. Bij een tiny house dat snel klaar moet zijn en waar de bouwer geen tijd of ervaring heeft met het opbouwen van een aparte isolatielaag, is een sandwichpaneel een eerlijke keuze: het paneel is drager, isolatie en (aan de binnenzijde) afwerking in één, en de montage is voor iemand die dit voor het eerst doet overzichtelijker. Bij een dakvlak dat toevallig wél goed aansluit op de standaardmaten van het paneel, vervalt ook het argument van de reststrook.
Sandwichpanelen zijn ook logischer wanneer de bouwer nadrukkelijk kiest voor een dunne, compacte dakopbouw omdat de totale hoogte van het huis een grens heeft, bijvoorbeeld door de maximale hoogte die op een trailer nog is toegestaan. Isolatie in het paneel neemt minder constructiehoogte in dan isolatie tussen sporen plus beschot plus felsplaat, en bij een tiny house waar elke centimeter binnenhoogte telt kan dat de doorslag geven, ook als het gewicht dan iets hoger uitvalt dan bij een lichte felsplaat-opbouw.
Felsplaten hebben de overhand wanneer de bouwer zelf wil bepalen hoe dik en van welk materiaal de isolatie is, bijvoorbeeld omdat er met natuurlijke isolatiematerialen wordt gebouwd of omdat er een dampopen opbouw nodig is die met een sandwichpaneel niet te maken is. Ook bij een dakvorm met een knik of meerdere vlakken, waar een paneel met vaste maatvoering lastig aansluit, geeft een plaat die op maat gewalst wordt meer ruimte om precies te passen. En bij een tiny house dat na een paar jaar verplaatst of aangepast wordt, is een dekking zonder zichtbare bevestiging en met een aparte, vervangbare isolatielaag makkelijker aan te passen dan een paneel waar drager en isolatie één geheel vormen.
De fels zelf, 35 mm haaks opstaand en blind bevestigd met klemmen, werkt vanaf een dakhelling van zes graden en is zowel op hout als op een stalen ondergrond te bevestigen, met schroeven op hout en zelfborende schroeven op staal. Dat maakt de plaat ook geschikt voor een gevel die verticaal wordt afgewerkt, iets wat bij een tiny house vaker voorkomt dan bij een gewoon huis, omdat gevel en dak in kleur en materiaal soms bewust doorlopen.
Wie een tiny house op een chassis bouwt en het gewicht al bijna vol heeft met vloer, wanden en interieur, doet er goed aan het dakgewicht als laatste post apart te berekenen, inclusief isolatie, folie en afwerklaag, niet alleen de buitenste plaat. Een leverancier van sandwichpanelen kan het paneelgewicht per vierkante meter opgeven; voor een felsplaten-opbouw telt u de plaat, de isolatie en de eventuele binnenafwerking los bij elkaar op. Pas dan wordt duidelijk welke van de twee voor uw specifieke opbouw het lichtst uitvalt, want dat verschilt per keuze van isolatiemateriaal en per dikte.
Wilt u de platen op de maten van uw dakvlak laten walsen, of wilt u eerst laten meedenken over wat de opbouw met felsplaten in totaal gaat wegen? Dat meedenken op tekening kost niets.