Klikzink

Felsplaten plat dak met afschot boerenschuur

Een boerenschuur met een plat dak heeft bijna nooit een echt vlak dak. Er zit afschot in, meestal net genoeg om het water naar een goot of een randafwatering te leiden. Dat afschot ligt vaak rond de ondergrens van wat wij met felsplaten aankunnen. Vanaf zes graden dakhelling kan het, maar bij een schuur die al twintig of dertig jaar staat, is die zes graden zelden nog exact zes graden. Verzakking, een doorbuigende gording of een dak dat ooit op het oog is gelegd, maakt dat de werkelijke helling per vlak en soms per baan verschilt. Voor ons is dat geen reden om nee te zeggen, maar wel om eerst op te meten voordat we iets vaststellen over de indeling.

Bij die lage helling verschuift het gewicht van de klus. Op een steil dak doet de plaat het meeste werk: het water loopt snel weg en een fels die net niet perfect zit, veroorzaakt zelden meteen een probleem. Op een dak met drie of vier graden afschot blijft water veel langer op de plaat staan, soms uren na een bui. Elke naad, elke overlap en elke aansluiting op de rand krijgt daardoor een taak die hij op een steil dak niet heeft. Niet de plaat bepaalt dan of het dak droog blijft, maar de afwerking van de fels en de randdetails.

De baanindeling volgt het water, niet het gebouw

Op een zadeldak is de logica van de baanindeling meestal simpel: van goot naar nok, en de fels staat in de looprichting van het water. Bij een plat dak met afschot ligt dat genuanceerder, omdat de looprichting van het water niet altijd samenvalt met de langste zijde van het dak. Bij een schuur die wij onlangs opnamen, liep het afschot dwars op de kapconstructie, van de ene lange gevel naar de andere, terwijl de gebruikelijke rijrichting van machines en het silhouet van het gebouw de indruk gaven dat de banen in de lengte zouden moeten lopen. Hadden we die indruk gevolgd, dan had elke baan een eigen minihelling gekregen die niet overeenkwam met de werkelijke waterafvoer, met stilstaand water op de overlappen als gevolg.

Wij bepalen de richting van de banen dus op de werkelijke afwatering, niet op de vorm van het gebouw. Dat betekent soms dat de felsen dwars op wat je zou verwachten komen te liggen, en dat is voor een eigenaar of aannemer die het resultaat pas op de tekening ziet niet altijd intuïtief. Bij twijfel leggen wij dat vooraf uit, want een baanindeling die er anders uitziet dan gedacht is geen fout, mits het water er wel de goede kant op door blijft lopen.

De randen zijn waar het meestal misgaat

Bij een dak met een duidelijk hellingspercentage is de gootrand een routineklus. Bij een plat dak met afschot is de rand vaak de plek waar het water het langst blijft staan, precies waar de plaat overgaat in een opstand, een dakrandprofiel of een aansluiting op een bestaande muurafdekking. Wij zien op schuurdaken regelmatig dat een eerder aangebrachte bitumen- of EPDM-rand niet aansluit op het nieuwe felssysteem, of dat een opstaande rand te laag is uitgevoerd voor de hoeveelheid water die bij een bui in korte tijd moet worden afgevoerd.

Een tweede plek waar het misgaat is de overgang tussen twee vlakken met een licht verschillende helling, wat bij oudere schuren vaker voorkomt dan je zou denken: het ene dakvlak is ooit apart aangebouwd of vernieuwd en wijkt een fractie af van het andere. Op die naad staat water het langst, en juist daar moet de fels het meeste kunnen. Wij lossen dat op door de felsrichting en de plaatsing van de overlappen op die specifieke naad af te stemmen, in plaats van de standaardindeling van het hele dak daar zonder aanpassing over te leggen.

De derde plek is rond doorvoeren: een ventilatiekoker, een lichtkoepel of een afvoerbuis die door het platte deel steekt. Op een steil dak leidt het water vanzelf om zo'n doorvoer heen. Bij een gering afschot blijft het water er juist tegenaan liggen, en een randafwerking die op een steil dak ruim voldoende zou zijn, is dat hier niet automatisch. Wij maken deze aansluitingen daarom hoger en met een ruimere overlap dan op een dak met meer helling gebruikelijk is.

Werken tussen de oogst en het vee door

Bij een schuur die in bedrijf is, komt er nog een praktische laag bovenop. Het dak moet er in korte tijd af en weer op, tussen twee bedrijfsmomenten door: na de oogst en voor het vee weer naar binnen moet, of tussen twee levering van veevoer. Dat betekent dat wij de platen vooraf op maat laten walsen op de exacte lengte die nodig is, zodat er op het dak zelf niet meer gezaagd of aangepast hoeft te worden. Bij een plat dak met afschot is dat精 belangrijker dan bij een steil dak, omdat de aansluitdetails op de randen preciezer moeten passen en er weinig ruimte is om ter plekke nog iets te corrigeren zonder het tijdschema te verstoren.

Daar komt vaak nog iets bij: onder de bestaande dakbedekking van dit type schuur ligt met enige regelmaat asbest, zeker bij golfplaten uit de periode voor de jaren negentig. Dat verandert de volgorde van het werk. De asbest moet eerst en gecontroleerd verwijderd worden voordat er iets nieuws op kan, en dat is een apart traject met eigen regels waar wij als plaatfabrikant niet over adviseren; dat ligt bij de saneerder en de aannemer. Voor onze planning betekent het vooral dat de levering van de felsplaten precies moet aansluiten op het moment dat de sanering klaar is, zodat het dak niet langer open ligt dan nodig. Bij een werkgebouw met vee of opgeslagen oogst is een dak dat een paar dagen langer openligt dan gepland geen theoretisch risico maar een praktisch probleem.

Wanneer dit niet de aangewezen oplossing is

Er zijn platte schuurdaken waarbij felsplaten niet de voor de hand liggende keuze zijn. Als de helling structureel onder de zes graden ligt, en dat na opmeting ook echt zo blijkt te zijn zonder dat verzakking of meetfout de oorzaak is, dan raden wij een felsdak af. Onder die grens is geen enkele detaillering van de naad voldoende om blijvend droog te blijven, en dan ligt een dakbedekking die wél voor een volledig vlak dak is ontworpen, zoals bitumen of EPDM, meer voor de hand. Ook als een dak zoveel kleine verzakkingen en plaatselijke laagtes heeft dat er op meerdere plekken plassen blijven staan onafhankelijk van de gekozen dakbedekking, is het probleem de ondergrond en niet het materiaal; dan is eerst een deel van de dakconstructie herstellen nodig voordat een nieuwe bedekking, van welk type dan ook, zin heeft.

Wilt u weten of het afschot op uw schuurdak voldoende is voor een felsdak, dan meten wij dat het liefst ter plekke op, inclusief de plekken waar u zelf al vermoedt dat het dak niet meer helemaal recht ligt. Op basis daarvan geven wij aan of en hoe de baanindeling en de randdetails voor uw dak ingevuld kunnen worden, en wij denken kosteloos mee op tekening als u al een aannemer heeft die de uitvoering doet.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink