Klikzink

Felsplaten op recreatiewoning: bestek voor de architect

Als u een recreatiewoning van felsplaten voorziet, tekent u meestal voor een gebouw dat zelf ook iets te vertellen heeft over wat wel en niet kan. Veel recreatiewoningen uit de jaren zestig tot tachtig hebben een lichte kapconstructie: dunne spanten, een gordingmaat die niet royaal is bemeten, soms een dakbeschot van 18 millimeter dat inmiddels wat is gaan werken. Dat gebouw is destijds ontworpen voor golfplaat of een lichte dakbedekking, niet voor iets dat een veelvoud daarvan weegt. Met felsplaten van ongeveer 5 kilogram per vierkante meter blijft u binnen wat die constructie oorspronkelijk moest dragen, en dat is precies waarom het materiaal in dit segment vaak op tekentafels van renovatiearchitecten terechtkomt. Maar het is bruikbaar en niet vrijblijvend: wat u tekent en specificeert, bepaalt of dat lichte gewicht ook echt licht blijft.

Wat in het bestek hoort

In het bestek voor felsplaten op een recreatiewoning leggen wij vast wat bij een groter project vaak wordt overgelaten aan de uitvoering, en dat is geen overdreven precisie maar noodzaak omdat er weinig marge in de constructie zit. Neem de ondergrond op als eis, niet als aanname: bij een bestaand dakbeschot dat blijft liggen, specificeert u de minimale dikte en de bevestiging van de tengels waarop de klemmen komen. Bij een nieuw beschot geeft u de houtsoort en de nokkering aan, want daar zit het verschil tussen een vlak dat strak blijft liggen en een vlak dat na een paar jaar golft. Neem de fabricagelengte op de millimeter op in de plattegrond in plaats van een standaardmaat te noemen: platen tot 8000 millimeter zijn leverbaar, en bij een recreatiewoning met een dakvlak van bijvoorbeeld 6200 millimeter voorkomt u zo een onnodige naad in het midden van het vlak. Benoem de klembevestiging expliciet als eis, ook als dat voor u vanzelfsprekend is: bij een lichte kapconstructie is onzichtbare bevestiging niet alleen een esthetische keuze maar ook een manier om puntbelasting op de plaat te vermijden die schroeven door het materiaal wel geven. En neem de kleurcode op, niet de kleurnaam: Nordic Night Black, Slate Grey en Metallic Dark Silver klinken eenduidig, maar de uitvoerder moet weten dat het om de matte, biobased coating van 50 micrometer gaat en niet om een gangbaar equivalent.

De details die wij tekenen

Bij een recreatiewoning zijn het vaak niet de dakvlakken zelf die het lastigst zijn, maar de randen en de aansluitingen waar de bestaande, lichte constructie de doorslag geeft. Een dakrand bij een woning met een smalle overstek vraagt om een andere daktrim dan bij een woning met een brede gootlijst, en dat detail tekenen wij mee op basis van de bestaande maatvoering, niet op basis van een standaarddetail uit een handboek. Bij een nokafwerking op een lichte spantconstructie kijken wij mee naar de bevestiging van de nokstukken, omdat een te zware nokoplossing juist op het zwakste punt van de kap belasting toevoegt. Bij dakdoorvoeren, denk aan een rookgasafvoer van een houtkachel die vaak achteraf is bijgeplaatst, tekenen wij de positie ten opzichte van de felsnaden, zodat de doorvoer niet dwars over een naad komt te liggen maar netjes binnen één baan valt. Ook de aansluiting op een bestaand dakkapel, veel recreatiewoningen hebben er een uit een latere verbouwing bijgekregen, tekenen wij mee, want de kapel staat meestal niet in het verband van het oorspronkelijke dakvlak en dat vraagt om een aangepaste plaatverdeling in plaats van een verlengstuk van de standaardmaat.

Waar de vrijheid zit

De vormgevingsvrijheid bij dit gebouwtype zit niet in de constructie, die ligt vast, maar in de richting en de kleur van de beplating. Op een recreatiewoning met een lang, laag dakvlak kiezen architecten regelmatig voor een horizontale legrichting op de gevel en een verticale op het dak, om de horizontale lijn van het gebouw juist te doorbreken in plaats van te herhalen. Dat is met felsplaten mogelijk zonder dat de kliksystematiek daarvoor aangepast hoeft te worden; de platen zijn geschikt voor beide richtingen, op dak en op gevel. De keuze tussen de drie kleuren is voor recreatiewoningen vaak minder een esthetische kwestie dan een landschappelijke: bij een woning tussen naaldbomen valt Nordic Night Black minder op dan Slate Grey, terwijl Metallic Dark Silver bij een open, duinachtige omgeving juist goed aansluit bij het licht. Dat is een afweging die wij niet voor u maken, maar wel graag meedenken als u een tekening met ons deelt, zonder dat daar kosten aan verbonden zijn.

Waar dit niet de aangewezen keuze is

Het is niet vanzelfsprekend dat felsplaten bij elke recreatiewoning passen, en dat hoort ook in het bestek benoemd te worden als afwegingspunt, niet alleen als productkeuze. Bij een dakhelling onder de zes graden is de plaat niet toepasbaar, en dat komt bij recreatiewoningen met een licht hellend lessenaarsdak vaker voor dan u zou denken; daar is een andere dakbedekking nodig, ongeacht de constructie. Bij een kapconstructie die al zichtbaar is doorgezakt of waarvan de spanten zijn aangetast door houtrot, is het gewicht van de nieuwe bedekking niet het eerste probleem dat u moet oplossen: eerst de constructie herstellen, dan pas de keuze van het materiaal maken. En bij een recreatiewoning die binnen een beeldkwaliteitsplan van het park valt met een voorschrift voor rode of bruine pannen, is de matte, donkere felsplaat esthetisch misschien precies wat u zoekt, maar procedureel niet inpasbaar zonder ontheffing; dat is een gesprek met de parkbeheerder of gemeente dat u voert voordat het bestek de deur uit gaat.

Wat u nu met ons kunt afstemmen

Als u een tekening heeft, ook een schetsmatige, kunt u die met ons delen zodat wij meekijken naar de platenmaat per dakvlak, de detaillering van randen en doorvoeren en de bevestiging op de bestaande constructie. Wij denken mee op tekening, en dat kost u niets.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink