Klikzink
Een boerenschuur staat zelden stil. Er moet vee in, er moet geoogst worden, en het dak dat vervangen wordt, ligt vaak nog vol asbestgolfplaten. Daarmee is de vraag of u een vergunning nodig heeft niet alleen een juridische kwestie, maar ook een planningsvraag: u wilt weten hoeveel tijd u nodig heeft voordat de stalling weer dicht moet, en of welstand nog een rol gaat spelen in een gebied waar de meeste schuren er al 40 jaar hetzelfde uitzien.
Of u een omgevingsvergunning nodig heeft voor het vervangen van het dak, hangt in de eerste plaats af van wat er al mag volgens het bestemmingsplan en van wat de gemeente als vergunningvrij bouwen aanmerkt. Bij een bestaand bedrijfsgebouw dat op dezelfde plek blijft staan, met dezelfde vorm en afmetingen, is het vervangen van dakbedekking op zichzelf vaak geen vergunningplichtige activiteit. U verandert de constructie niet, u verandert alleen het materiaal aan de buitenzijde. Dat verandert echter zodra u meer doet dan alleen het dakvlak vervangen: een andere kapvorm, een hogere nokhoogte, dakoverstekken die groter worden, of een schuur die in het buitengebied binnen de agrarische bestemming toch als afwijkend wordt gezien omdat hij aan de rand van een beschermd landschap of bij een rijksmonument staat. In die gevallen is een vergunning wel nodig, en dat kan een aanvraagtermijn van enkele weken tot maanden betekenen, iets waar u bij een schuur die na de oogst zo snel mogelijk weer dicht moet, geen rekening mee wilt houden als u het pas ontdekt wanneer de golfplaten er al af liggen.
Als er wel een vergunning nodig is, komt de welstandscommissie in beeld, en die kijkt naar iets anders dan de gemeente. Waar de gemeente toetst of het bouwwerk past binnen het bestemmingsplan, toetst welstand of het uiterlijk past bij de omgeving. Bij een boerenschuur in het buitengebied betekent dat meestal een beoordeling van kleur, glans en profiel, niet van het materiaal zelf. Een mat, donker dakvlak in een kleur die aansluit bij de bestaande bebouwing wordt in de meeste welstandsgebieden zonder discussie geaccepteerd; een felle glanzende kleur, of een dakvlak dat sterk afwijkt van de rest van het erf, kan wel vragen opleveren. Onze platen zijn leverbaar in Nordic Night Black, Slate Grey en Metallic Dark Silver, alle drie mat met een glansgraad onder de 5, wat in de praktijk aansluit bij wat welstandscommissies in agrarische gebieden gewend zijn te zien op nieuwe stalen daken. Dat is geen garantie dat een aanvraag zonder opmerkingen wordt afgehandeld, want dat verschilt per gemeente en per welstandsnota, maar het scheelt in de meeste gevallen een discussie die bij een felgekleurde plaat wel had kunnen ontstaan.
Bij veel oudere schuren ligt er nog asbesthoudende golfplaat op het dak, en dat raakt aan een heel ander vergunningstraject dan de bouwvergunning. Het verwijderen van asbest is in de meeste gemeenten meldingsplichtig, en moet worden uitgevoerd door een erkend saneringsbedrijf, met een eigen aanvraagprocedure die los staat van de omgevingsvergunning voor het dak zelf. Dat betekent dat u soms twee sporen tegelijk moet doorlopen: de sanering aanmelden, en als de nieuwe dakvorm daarom vraagt, ook een vergunning voor het bouwen aanvragen. Voor de welstandscommissie maakt het geen verschil of er eerst asbest verwijderd wordt of niet, die kijkt alleen naar het eindresultaat. Voor uw planning maakt het wel verschil, want de sanering moet afgerond zijn voordat het nieuwe dak erop kan, en dat kost tijd die u in het venster tussen twee bedrijfsmomenten moet inpassen.
De praktijk bij een schuur in gebruik is dat er geen ruimte is voor een dak dat weken openligt. Een melkveehouder die zijn stal in september dicht wil hebben voordat de koeien weer naar binnen gaan, of een akkerbouwer die de opslagschuur nodig heeft zodra de aardappelen binnenkomen, werkt met een venster van een paar weken, niet met een seizoen. Dat is een reden om de vergunningvraag zo vroeg mogelijk te beantwoorden, niet pas als de eerste plaat er al af ligt. Als blijkt dat er wel een vergunning nodig is, omdat de nokhoogte iets wijzigt of omdat de schuur in een gebied ligt waar het bestemmingsplan strenger is dan u dacht, wilt u dat weten voordat de asbestsanering gepland staat, niet erna. Andersom geldt ook: als bij navraag blijkt dat er geen vergunning nodig is en welstand niet van toepassing is omdat het om regulier onderhoud gaat, kunt u de sanering en de nieuwe felsplaten direct achter elkaar plannen zonder wachttijd voor een aanvraag die niet nodig was.
Deze uitleg gaat over de vergunning en de welstandstoets, niet over de vraag of felsplaten de juiste keus zijn voor uw schuur, of hoe de sanering en de nieuwe bedekking in de praktijk worden gecombineerd; dat leest u op onze pagina over asbest eraf, felsplaten erop. Wat hier vooral telt, is dat u de vergunningvraag los behandelt van de materiaalkeuze. Een aannemer die claimt dat felsplaten sowieso vergunningvrij zijn, generaliseert: dat hangt af van de gemeente, het bestemmingsplan en de exact geplande wijzigingen aan vorm en afmeting van het dak, niet van het materiaal dat erop komt. Andersom is het ook niet zo dat elke schuur in het buitengebied automatisch door de welstandsmolen moet: bij regulier vervangend onderhoud zonder vormwijziging is dat in veel gemeenten helemaal niet aan de orde.
Neem contact op met de afdeling omgevingsvergunningen van uw gemeente voordat u iets plant, en vraag specifiek naar twee dingen: of het vervangen van het dak in uw situatie vergunningplichtig is, en of er voor asbestverwijdering een aparte melding of vergunning nodig is. Vraag er ook naar of er voor uw locatie een welstandsnota geldt die van toepassing is op agrarische bebouwing, en zo ja, welke kleuren en materialen daarin acceptabel worden genoemd. Heeft u eenmaal duidelijkheid over het traject, dan denken wij op basis van uw tekening kosteloos mee over de platen zelf, van de juiste plaatlengte tot de kleur die op uw erf past. Vraag ook aan uw aannemer of dakdekker naar hun ervaring met vergelijkbare schuren bij uw gemeente; die weten vaak uit eerdere projecten hoe lang een aanvraag daar duurt en waar de welstandscommissie wel of niet moeilijk over doet.