Klikzink
Een aannemer die ons belt over een loodsdak vraagt bijna altijd twee dingen tegelijk: kan dit met felsplaten, en moet ik hiervoor naar de gemeente. Het tweede antwoord bepaalt vaak hoe het eerste wordt uitgevoerd, en dat verband wordt nogal eens overgeslagen. Daarom dit stuk apart, want bij een bedrijfsloods speelt iets wat bij een woonhuis of een schuur niet speelt: de dakvlakken zijn zo lang dat de manier van aanleveren en monteren zelf een vergunningkwestie kan worden, los van de vraag of het dakbeeld verandert.
Het vervangen van een dakbedekking is in de meeste gevallen vergunningsvrij als de loods niet in een beschermd stads- of dorpsgezicht staat, er geen monumentenstatus is, en de nieuwe dakbedekking geen wijziging van de bouwmassa met zich meebrengt. Een plat of licht hellend loodsdak dat nu bitumen of golfplaat heeft en waar felsplaten voor in de plaats komen, valt in de praktijk vaak in die categorie: het silhouet van het gebouw blijft gelijk, er komt geen dakopstand of extra hoogte bij, en het gaat om onderhoud aan een bestaand bouwwerk. Gemeenten toetsen dit aan het Besluit omgevingsplanactiviteiten, en de uitkomst hangt af van het bestemmingsplan of de gemeentelijke regels die daarvoor in de plaats zijn gekomen. Wij zeggen er meteen bij dat wij dat per gemeente niet kunnen beoordelen; dat gesprek voert u met de omgevingsdienst of het gemeentelijk loket, wij leveren het plaatmateriaal.
Het punt waar het vaker wringt is welstand, niet de vergunningplicht zelf. Een bedrijventerrein heeft doorgaans een beeldkwaliteitsplan, en daarin staat soms een voorgeschreven kleur of glansgraad voor gevels en daken die vanaf de openbare weg zichtbaar zijn. Bij een loods met een lang, goed zichtbaar dakvlak langs de rondweg is dat geen dode letter: wij hebben gevallen gezien waar de keuze voor een kleur pas laat in het traject nog moest worden aangepast omdat de eerder gekozen kleur niet paste bij het straatbeeld dat de gemeente voor dat bedrijventerrein voor ogen had. Onze felsplaten zijn leverbaar in Nordic Night Black, Slate Grey en Metallic Dark Silver, alle drie mat met een glansgraad onder de 5. Dat mat, ingehouden karakter helpt vaak juist om binnen welstandseisen te blijven, omdat glimmende of felle kleuren op een groot dakvlak eerder worden afgewezen dan een rustige, donkere tint. Toch is het verstandig de kleurkeuze vroeg in het traject al langs de gemeente te leggen als het beeldkwaliteitsplan iets specifieks voorschrijft, in plaats van pas bij de bestelling.
Het aspect dat bij een loods echt anders speelt dan bij een kleiner gebouw, zit niet in de vergunning zelf maar in de uitvoering die de vergunning mogelijk maakt. Loodsdaken hebben vaak dakvlakken van dertig, veertig, soms wel tachtig meter in één richting. Onze felsplaten zijn leverbaar van 450 tot 8000 millimeter op de maat, dus voor de meeste loodsdaken kunnen we een baan leveren die het volledige dakvlak in één stuk overspant, zonder dwarsnaad. Dat is aantrekkelijk voor de esthetiek en beperkt het risico op lekkage bij een naad, maar het stelt eisen aan transport en montage die bij een kleiner gebouw niet aan de orde zijn. Een baan van vijftig meter moet worden aangevoerd, gehesen en op de juiste plek gelegd zonder dat de plaat knikt of beschadigt, en dat vraagt om een bouwlogistiek die van tevoren is doordacht, met een kraan die op de juiste plek kan staan en een aanvoerroute die zo'n lange lading toelaat. Dat heeft zelden iets met de vergunning te maken, maar heeft er wel invloed op hoe snel een project vergunningsvrij kan doorlopen: een aanvraag voor een tijdelijke inrit of een ontheffing voor bijzonder transport is een ander loket dan de omgevingsvergunning voor het dak zelf, en wie dat niet op tijd regelt loopt vertraging op die met de daadwerkelijke dakvervanging niets te maken heeft.
De tweede praktische kwestie die bij lange dakvlakken meespeelt is thermische uitzetting. Staal zet minder uit dan zink, ongeveer de helft, maar bij een baan van tientallen meters loopt die uitzetting toch op tot een grootheid waarmee rekening gehouden moet worden in de bevestiging. Onze platen worden blind bevestigd met klemmen onder de fels, zodat de plaat bij temperatuurschommelingen enigszins kan bewegen zonder dat er schroeven doorheen zitten die dat tegenhouden. Bij een dakvlak van pakweg zestig meter is het daarom gebruikelijk om de baanlengte te verdelen in stukken die elk voor zich kunnen bewegen, met een overgang die die beweging opvangt, in plaats van het gehele dakvlak als één ononderbroken stalen oppervlak te beschouwen. Dat is een detail dat in het bouwkundig plan moet staan voordat de vergunningaanvraag de deur uit gaat, want een gemeente die het bouwplan beoordeelt op basis van een dakopbouw die in de uitvoering toch anders wordt ingedeeld, kan om een aangepaste aanvraag vragen. Beter is het om dit gelijk goed uit te werken.
Er zijn situaties waarin de vervanging van een loodsdak wel vergunningplichtig wordt, en die worden bij een bedrijfsloods eerder over het hoofd gezien dan bij een woonhuis. Als de nieuwe dakopbouw de bouwhoogte van het gebouw verhoogt, bijvoorbeeld omdat er onder de felsplaten een extra isolatiepakket komt dat de nok optilt, kan dat een toetsing aan het bestemmingsplan noodzakelijk maken. Datzelfde geldt als de dakvervanging samenvalt met een wijziging van de dakvorm, zoals het aanbrengen van lichtstraten, dakopeningen voor installaties, of een verhoogde rand voor zonnepanelen. Bij een loods die vergunningsvrij aan de dakbedekking zelf werkt, maar tegelijk een grote luchtbehandelingskast op het dak plaatst, kan die installatie zelf weer vergunningplichtig zijn, ook als het dakvlak eronder dat niet is. Het is dus zaak om het hele pakket aan werkzaamheden in kaart te brengen voordat u concludeert dat de hele operatie vergunningsvrij is, en niet alleen naar de platen te kijken.
Als u een loodsdak wilt vervangen, is de eerste stap niet de plaatkeuze maar het gesprek met de gemeente over wat voor dit specifieke gebouw en dit bestemmingsplan geldt, zeker als het bedrijventerrein een beeldkwaliteitsplan heeft. Parallel daaraan kunt u bij ons de dakvlakken laten opmeten om te bepalen of het dakvlak in één baanlengte kan worden uitgevoerd of dat er een onderverdeling nodig is vanwege de uitzetting; dat plan hebben we dan klaar tegen de tijd dat de vergunning binnen is. Meedenken op tekening kost niets, en wie ons de dakvlaktekening en het beeldkwaliteitsplan tegelijk toestuurt, krijgt in één keer antwoord op de vraag of dit qua materiaal en kleur past.