Klikzink

Felsplaten of riet bij een aanbouw of uitbouw

Bij veel oudere boerderijen, villa's en landhuizen is het hoofdgebouw ooit gedekt met riet, en is er op een later moment een aanbouw of uitbouw tegenaan gezet. Soms in riet uitgevoerd om het geheel te laten kloppen, soms in een ander materiaal omdat riet op een klein, plat of laag hellend dakvlak eigenlijk niet goed werkt. Wie nu die aanbouw aanpakt, staat voor een andere afweging dan wie het hele rieten dak vervangt. Het gaat hier niet om het dakvlak van de aanbouw zelf, dat is meestal het makkelijkste deel van het verhaal. Het gaat om de plek waar dat dakvlak tegen de bestaande gevel van het hoofdgebouw aan loopt.

Riet op een aanbouw: waarom het vaak toch niet de beste keuze was

Riet heeft op een groot, hellend dakvlak zijn eigen logica: het is dik, het isoleert vanzelf, en de helling zorgt dat water snel wegloopt. Op een aanbouw is die logica er vaak niet. Aanbouwen hebben regelmatig een flauwere helling, een kleiner oppervlak, en een aansluiting tegen een verticale gevel die veel gecompliceerder is dan een nok of een dakrand op het hoofdgebouw. Riet heeft daar dikte nodig om goed te kunnen aansluiten, en die dikte past niet altijd bij de maatvoering van een aanbouw. Wij zien regelmatig dat het riet op de aanbouw vooral is gekozen om esthetische reden, om het bij het hoofdgebouw te laten passen, en dat het onderhoud daarna zwaarder is gebleken dan bij het hoofddak. Kleinere rietdaken drogen minder snel, liggen vaker in de schaduw van het hoofdgebouw, en hebben relatief meer randlengte per vierkante meter dak. Dat laatste is precies waar het misgaat: bij riet zit het risico vrijwel altijd in de randen en de aansluitingen, niet in het midden van het vlak.

Waar het risico bij dit gebouw echt zit

De overgang tussen een rieten dak op het hoofdgebouw en een aanbouw ertegenaan is een van de moeilijkste aansluitingen die er bestaan. Riet werkt met een dikke, ademende laag die water aan de oppervlakte afvoert. Een gevel is glad, hard en vaak van metselwerk of een andere bekleding. Op die overgang moet het riet netjes aflopen zonder dat er water tussen het riet en de gevel kan trekken. Bij veel aanbouwen die wij tegenkomen, is precies daar het lek ontstaan: niet in het dakvlak van de aanbouw, maar in de aansluitnaad tegen de gevel van het hoofdgebouw. Vocht trekt onder het riet door, blijft tegen de gevel staan, en tast op de langere termijn de voeg, het pleisterwerk of de houten regel erachter aan. Wie alleen naar het dakvlak kijkt en concludeert dat het riet daar nog goed ligt, mist vaak het eigenlijke probleem.

Een felsplaat biedt op dat punt een ander soort aansluiting. De plaat wordt langs de gevel omhoog gezet en aangesloten met een muurafdekking of inkassing, een detail dat standaard is in de dakbedekking met staal en dat niet afhankelijk is van de dikte of de conditie van het rietpakket ernaast. Voor een aannemer of architect die deze aansluiting moet ontwerpen, is dat een prettiger uitgangspunt: het is een bekend, herhaalbaar detail in plaats van een vakmanschap dat leunt op de ervaring van de rietdekker. Dat betekent niet dat de aansluiting bij felsplaten zonder aandacht goed komt. Ook hier moet de plaat goed opgezet worden tegen de gevel, met voldoende overlap en een goede afwerking van de kraal, anders verplaatst het probleem zich alleen van riet naar staal.

Onderhoud: twee heel verschillende ritmes

Riet vraagt onderhoud met een vaste herhaling: mos en algen moeten eraf, de nok moet op tijd vernieuwd worden, en na een storm moet iemand kijken of er geen plekken zijn opgewaaid. Bij een aanbouw komt daar iets bij: omdat het dakvlak klein is en dicht tegen het hoofdgebouw ligt, is de inspectie ervan vaak minder vanzelfsprekend. Een rietdekker die het hoofddak onderhoudt, kijkt niet altijd apart naar de aanbouw ertegenaan, vooral niet als die aanbouw op het eerste gezicht nog in orde lijkt. Wij horen van eigenaren dat het rieten dakje van de aanbouw pas opvalt als er binnen een vochtplek verschijnt tegen de gevel van de woonkamer, en dan is de schade meestal al verder dan alleen het riet.

Felsplaten hebben een ander onderhoudsritme. Er is geen mosgroei die het materiaal aantast, geen nok die periodiek vernieuwd moet worden, en de plaat zelf heeft geen vaste levensduur waarop onderhoud verplicht wordt. Dat betekent niet dat er nooit naar gekeken moet worden: klemmen en aansluitingen verdienen af en toe een inspectie, vooral na storm of na werk aan de gevel ernaast. Maar de aard van dat onderhoud is anders: het is controleren of een detail nog goed zit, niet het vervangen van een verouderend natuurlijk materiaal.

Verzekering en het gemengde dak

Een aanbouw met een ander dakmateriaal dan het hoofdgebouw levert in de praktijk een gemengd risico op voor de verzekering. Rieten daken worden door verzekeraars vaak apart beoordeeld, met eigen voorwaarden voor brandveiligheid en onderhoud. Zodra een deel van het dak, de aanbouw, is uitgevoerd in een ander materiaal, moet dat bij de verzekeraar bekend zijn, anders ontstaat er onduidelijkheid bij een eventuele schadeclaim over welk deel van het dak onder welke voorwaarde valt. Wij zijn geen verzekeringsadviseur en raden aan dit vooraf met de eigen verzekeraar te bespreken, maar het is wel een reden waarom eigenaren er soms voor kiezen de aanbouw juist niet in riet uit te voeren: het maakt de polis eenvoudiger, met één duidelijk niet-rieten dakdeel waarvoor de gangbare voorwaarden gelden.

Welstand: wat mag, en wat vooral mag blijven staan

Bij monumentale boerderijen en beeldbepalende panden met een rieten hoofddak kijkt de welstandscommissie vaak scherp naar wat er met een aanbouw gebeurt, juist omdat die in het zicht staat vanaf de straat of vanaf het erf. Dat betekent niet automatisch dat de aanbouw ook in riet moet. Veel gemeenten accepteren een ander materiaal op een aanbouw, mits de kleur en de vormgeving rustig aansluiten bij het hoofdgebouw en de aanbouw ondergeschikt blijft aan het hoofdvolume. Een matte, donkere felsplaat, bijvoorbeeld in Nordic Night Black of Slate Grey, valt in de praktijk vaak minder op dan een glanzend of licht materiaal, en wordt daardoor gemakkelijker geaccepteerd naast riet dan men vooraf zou denken. Bij twijfel is het verstandig om vooraf met de gemeente te overleggen wat wel en niet kan, zeker als het pand een monumentenstatus heeft. Dat overleg gaat dan niet primair over het materiaal, maar over de vraag of de aanbouw ondergeschikt en rustig blijft ten opzichte van het rieten hoofddak.

Wanneer riet op de aanbouw toch de betere keuze blijft

Er zijn situaties waarin wij eerlijk zeggen dat riet op de aanbouw de logischere keuze blijft. Bij een aanbouw met voldoende dakhelling, een goede oriëntatie zonder veel schaduw, en een aansluiting die door een ervaren rietdekker vakkundig is uitgevoerd, kan riet op de aanbouw net zo goed functioneren als op het hoofdgebouw. Ook als de aanbouw een beeldbepalend onderdeel is dat vanaf de weg goed zichtbaar is en de welstandscommissie sterk hecht aan eenheid van materiaal, kan het verstandiger zijn om bij riet te blijven, ook al is het onderhoud dan zwaarder. Materiaal is dan niet het enige argument; de samenhang van het geheel telt mee.

Onze rol daarin is beperkt tot het stalen deel van die keuze: wij leveren felsplaten op maat voor het dakvlak van de aanbouw en denken mee over de aansluiting op de bestaande gevel, zodat die aansluiting een standaard bouwdetail wordt in plaats van een zwakke plek. Heeft u een tekening van de bestaande situatie, dan kijken wij daar kosteloos naar mee.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink