Klikzink

Felsplaten op plat dak met afschot drijvende woning

Een plat dak met afschot op een drijvende woning zit vaak op de grens van wat nog werkt met felsplaten. Zes graden is de ondergrens die wij hanteren, en op een drijvende woning komt die grens vaker in beeld dan op een dak op vaste grond. Drijvende woningen worden constructief zo licht en compact mogelijk gehouden, en dat betekent dat de dakopbouw vaak minder hoogte krijgt dan een architect op een gewoon perceel zou toepassen. Het gevolg is dat het afschot soms net aan de rand van het haalbare zit. Op dat punt bepaalt niet het materiaal of het kan, maar de manier waarop de naden zijn afgewerkt.

Waarom de naad de doorslag geeft

Bij een vlak dak met weinig helling loopt water traag af en blijft het langer op het oppervlak staan dan op een dak met flink verval. Elke overgang, elke naad en elke aansluiting krijgt daardoor meer belasting te verduren dan op een steiler dak. Onze felsplaten hebben een haaks opstaande fels van 35 millimeter die de banen met elkaar verbindt zonder doorboring op de plaats waar water zich kan verzamelen. Bij weinig afschot is de kwaliteit van die felsnaad en van de dwarsnaden bepalend voor of het dak droog blijft. Een naad die bij tien graden helling probleemloos functioneert, kan bij zes graden een ander detail vragen, met name bij de kopnaden waar banen in de lengte worden onderbroken. Wij kijken daarom niet alleen naar de hellingshoek op de tekening, maar ook naar de looprichting van het water en de plek van elke naad in dat traject.

Baanindeling op een dak met weinig verval

Op een drijvende woning proberen wij de baanindeling zo te kiezen dat het water de kortst mogelijke weg over het minste aantal naden aflegt. Bij voorkeur lopen de banen in de richting van het afschot, van hoog naar laag, zodat water evenwijdig aan de fels wegloopt in plaats van ertegenaan. Onze platen zijn leverbaar tot 8000 millimeter op de millimaal, en op een drijvende woning is dat een reëel voordeel: een dakvlak van vier of vijf meter diep kan vaak in één baan zonder kopnaad. Waar het dakvlak breder is dan lang, ontkomen we soms niet aan een dwarsverbinding. Die leggen wij dan op de plek waar de afvoer het meest continu is, niet op de laagste plek waar water het langst blijft staan. Bij een woonark die wij vorig jaar van advies voorzagen, bleek de oorspronkelijke tekening een kopnaad te hebben net op het punt waar twee dakvlakken samenkomen in een kil. Door de baanrichting negentig graden te draaien kwam die naad op een plek waar het water sneller wegloopt, en scheelde dat een extra afdichting die anders nodig was geweest.

Gewicht boven de waterlijn telt dubbel

Bij een gebouw op vaste grond is een paar kilo meer of minder op het dak nauwelijks een issue. Bij een drijvende woning ligt dat anders. Het gewicht boven de waterlijn beïnvloedt de stabiliteit en de drijfhoogte van de woning, en dat weegt door in de keuze van het volledige pakket, niet alleen van de dakbedekking. Onze platen wegen ongeveer 5 kilogram per vierkante meter, wat licht is in vergelijking met veel andere harde dakbedekkingen. Dat is een van de redenen waarom felsplaten vaak juist wél in beeld komen bij drijvende bouw, ook als het afschot beperkt is. Maar het is geen vrijbrief om de rest van de opbouw zwaar te maken. Bij weinig afschot wordt er soms extra isolatie of een dikkere onderconstructie toegepast om het beperkte verval te compenseren met een vlakkere ondergrond. Op een drijvende woning moet die keuze in overleg met de constructeur worden gemaakt, want elke laag telt mee in het drijfvermogen. Wij denken daarin mee vanaf de tekening, zonder dat daar kosten aan verbonden zijn, maar de eindverantwoordelijkheid voor de gewichtsverdeling ligt bij de constructeur van de woning.

Elke starre aansluiting werkt tegen de beweging

Een drijvende woning staat nooit helemaal stil. Golfslag, waterstandverschil en temperatuurwisseling zorgen voor een voortdurende, kleine beweging van de hele constructie. Dat is een fundamenteel verschil met een woning op palen of een fundering, en het raakt direct aan de detaillering van een dak met weinig afschot. Onze platen zijn koud vouwbaar tot -15 graden en zetten door temperatuur ongeveer half zoveel uit als zink, wat op zichzelf gunstig is. Maar uitzetting door temperatuur is iets anders dan de beweging van een drijflichaam op water. Een randafwerking die star aan de gevel is vastgezet, zonder enige speling, staat op gespannen voet met een gebouw dat blijft bewegen. Bij een dak met veel afschot valt dat effect meestal weg tegen de andere krachten die op het dak werken. Bij een vlak dak, waar de randdetails vaak al kwetsbaarder zijn omdat er weinig water zelfreinigend wegloopt, telt een starre aansluiting harder. Wij passen bij drijvende woningen daarom randprofielen en overgangen toe die enige beweging kunnen opvangen, met voldoende overlap en zonder de plaat op meerdere punten star vast te zetten aan een vaste kade-constructie waar de woning tegenaan kan liggen.

Waar het misgaat in de praktijk

De meeste problemen die wij tegenkomen bij platte daken met afschot op drijvende woningen ontstaan niet bij de felsplaat zelf, maar bij de randen en de doorvoeren. Een dakrand die is afgewerkt als bij een dak op vaste grond, met een vast kraalprofiel zonder ruimte voor beweging, kan na verloop van tijd los gaan werken of gaan lekken op de plek waar de plaat de rand ontmoet. Een doorvoer voor een schoorsteen of ventilatiekanaal die star is ingewerkt, kan hetzelfde probleem geven: de doorvoer beweegt niet mee met de plaat en de romp, en daar ontstaat een naad die niet was voorzien. Ook zien wij weleens dat bij een beperkt afschot de plaatsing van de hemelwaterafvoer niet op de laagste plek van het dakvlak zit, waardoor water zich langer op één plek verzamelt dan bedoeld. Dat is meestal geen fout van het materiaal maar van de tekening, en het is precies waarom wij liever meekijken voordat de constructie vaststaat dan achteraf een oplossing zoeken voor een dak dat al is opgebouwd.

Wanneer dit niet de aangewezen oplossing is

Is het afschot van het dak kleiner dan zes graden, dan raden wij felsplaten af, ook al is het gewicht op papier gunstig. Een correcte afwatering gaat dan boven de gewichtsvoordelen van het materiaal, en een ander systeem is dan verstandiger. Datzelfde geldt wanneer de romp van de woning zodanig licht is uitgevoerd dat elke extra kilogram in de dakopbouw al problemen geeft voor de drijfhoogte: dan is een grondig gewichtsoverzicht met de constructeur een eerdere stap dan de keuze voor een dakbedekking. En bij een woning die aan een zeer beweeglijke ligplaats ligt, met veel golfslag of getijverschil, is de detaillering van de randen zo doorslaggevend dat wij liever eerst die situatie in kaart brengen dan op voorhand een standaardoplossing voor te stellen.

Wat u nu kunt doen

Heeft u een tekening van het platte dak met het afschot en de plaats van de afvoeren, stuur die dan naar ons op. Wij kijken mee naar de baanindeling, de plek van de naden en de randdetails, en geven aan of de helling op uw dak voldoende is voor felsplaten of dat een aanpassing nodig is. Dat meekijken op tekening kost niets, en juist bij een drijvende woning is het de moeite waard om dat te doen voordat de dakopbouw wordt vastgelegd.

KKlikzink
Pagina'sHomeSpecificatiesKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlogContact
Contact
Adres
© Klikzink