Klikzink
Wie klikfels overweegt, stuit al snel op een technische vraag: klikfels dikte staalplaat welke maat kiezen. Een logische vraag, want de plaat is de basis van het hele dak, en een verkeerde keuze valt pas op als het te laat is. Het antwoord is minder eenvoudig dan één getal, omdat de juiste dikte afhangt van waar en hoe de plaat wordt toegepast.
Bij klikfels wordt de staalplaat vaak op volledige ondersteuning gelegd, bijvoorbeeld op dakbeschot of een bestaande dakbedekking. In dat geval hoeft de plaat zelf weinig kracht te dragen: het beschot vangt de belasting op en de plaat vormt vooral de waterdichte en esthetische afwerking. Een dunnere plaat volstaat dan, en dat scheelt in gewicht en kosten.
Anders ligt het wanneer de plaat over een afstand moet overspannen zonder volledige ondersteuning, bijvoorbeeld tussen gordingen of panlatten met tussenruimte. Dan moet de plaat zelf stijf genoeg zijn om niet door te buigen onder eigen gewicht, wind of een opeenhoping van regenwater. Hoe groter de overspanning, hoe dikker de plaat nodig is om vlak te blijven liggen. Een te dunne plaat op een te grote overspanning gaat golven of deuken vertonen, en dat is niet meer te herstellen zonder de plaat te vervangen.
Naast de ondergrond spelen ook de lengte van de platen en de vorm van het dak een rol. Lange platen hebben meer kans op zetting en uitzetting door temperatuurverschil, wat vraagt om een plaat die stabiel genoeg is om die beweging op te vangen zonder te vervormen. Op een complex dak met veel hoeken, kilgoten of aansluitingen kan een iets dikkere plaat bovendien prettiger werken bij het op maat maken en monteren, simpelweg omdat de plaat zich beter laat vormen zonder te knikken.
Windbelasting is een derde factor, vooral bij hoger gelegen daken of locaties die bekendstaan om harde windstoten. Hier geldt niet dat dikker altijd beter is: een te dikke plaat op een goed ondersteund dak voegt vooral gewicht en kosten toe zonder dat dit nodig is. Dikte is dus geen kwestie van veiligheidsmarge opstapelen, maar van de plaat laten passen bij de constructie eronder.
Er is geen vaste maat die voor elk project geldt, en wantrouw een aanbieder die zonder uw situatie te kennen al een dikte noemt. De juiste keuze vraagt om te kijken naar de ondergrond, de overspanning tussen steunpunten, de platenlengte en de windbelasting op die specifieke locatie. Voor een carport met een beperkte overspanning geldt een andere afweging dan voor een bedrijfshal met grote dakvlakken, ook al gebruikt men in beide gevallen klikfels.
Wilt u weten welke dikte bij uw dak past, dan is het verstandig om de ondergrond en de overspanning in kaart te brengen voordat u een aanbieder benadert: is er volledige ondersteuning, of moet de plaat een afstand overbruggen? Met die informatie, eventueel aangevuld met een foto of tekening van de dakconstructie, kan een installateur gericht adviseren welke maat staalplaat voor uw situatie geschikt is.