Klikzink
Voordat er een felsplaat gelegd wordt, moet er een keuze gemaakt zijn over wat daaronder komt. Die keuze wordt vaak te snel genomen, of juist helemaal niet bewust genomen, omdat de aannemer de opbouw kiest die hij altijd toepast. Dat is niet per se verkeerd, maar het is wel de vraag of die standaardopbouw past bij wat het gebouw moet gaan doen. Een schuur die over vijf jaar misschien wordt afgebroken, vraagt om een andere opbouw dan een kantoorpand dat er nog veertig jaar moet staan. De felsplaat zelf verandert niet, die ligt er bovenop in beide gevallen hetzelfde. Het verschil zit in wat eronder ligt en hoe dat is opgebouwd.
Een dakopbouw bestaat in de basis uit een draagconstructie, eventueel een dampremmende laag, isolatie, en de felsplaat als afdekking. Bij een tijdelijk gebouw, denk aan een bouwkeet, een noodopslag of een paviljoen dat na een seizoen weer weg moet, is de vraag vooral of de investering in een zware, duurzame opbouw zich terugbetaalt. Vaak niet. Daar kiezen we voor een eenvoudiger pakket: minder isolatiedikte, een goedkopere drager, en soms zelfs een opbouw zonder volledige dampremmende laag als het gebouw niet continu verwarmd wordt en er geen vochtgevoelige inhoud in staat. Dat is geen slordigheid, dat is een opbouw die past bij de levensduur die gevraagd wordt.
Bij een gebouw dat voor lange tijd blijft staan, een bedrijfshal, een woning, een schoolgebouw, ligt dat anders. Daar telt niet alleen wat het vandaag kost, maar ook wat het over twintig jaar oplevert aan een gebouw dat nog steeds droog en comfortabel is. Een dampremmende laag die net niet goed aansluit, isolatie die in het eerste jaar al inklinkt, of een drager die niet is berekend op de volle levensduur van het dak, dat merk je niet meteen. Je merkt het pas na een paar jaar, als het te laat is om het goedkoop te herstellen. Bij langlevende gebouwen loont het daarom om in de opbouw te investeren die het langst meegaat, ook als die iets duurder is in aanschaf.
Een voorbeeld dat we vaker zien: een agrarische loods die ooit is neergezet als tijdelijke opslag, met een lichte isolatieopbouw, en die twintig jaar later nog steeds in gebruik is, inmiddels als werkplaats met verwarming. De opbouw die paste bij een schuur zonder verwarming, past niet meer bij een verwarmde werkplaats. Er ontstaat vochtoverlast, de isolatie doet niet meer waar hij voor bedoeld was, en de felsplaat zelf, die nog prima in orde is, krijgt de schuld terwijl het probleem in de laag daaronder zit. Dat is precies waarom de vraag naar de opbouw onder de plaat losstaat van de vraag naar de plaat zelf.
Omgekeerd zien we ook het tegenovergestelde: een gebouw met een gebruiksduur van een paar jaar, waarvoor een dikke, dure isolatieopbouw is aangelegd omdat de aannemer dat nu eenmaal altijd zo doet. Dat is geen probleem voor het dak, maar wel een onnodige kostenpost voor de opdrachtgever. Bij een kortlevend gebouw is de winst niet in de isolatiedikte te vinden, maar in een opbouw die snel te monteren en eventueel weer te demonteren is.
De manier waarop isolatie en drager samenkomen, verschilt sterk per situatie, en dat verschil hoort dan ook per gebouwtype bekeken te worden. Bij nieuwbouw wordt de opbouw vanaf de tekentafel bepaald en is er ruimte om de isolatiedikte en de dampremmende laag precies af te stemmen op de functie van het gebouw. Bij het vervangen van een bestaand dak ligt dat anders: daar is de bestaande constructie een gegeven, en moet de nieuwe opbouw daar wel op aansluiten. Wie een dak vervangt of over bestaande dakpannen heen werkt, vindt de uitwerking van die situaties op de pagina's die daar specifiek over gaan. Ook een verduurzamingstraject, waarbij isolatie wordt toegevoegd aan een dak dat er al ligt, heeft een eigen aanpak die we op de betreffende pagina verder uitwerken.
De felsplaat is in alle situaties hetzelfde stalen product: 0,55 millimeter dik, met een fels van 35 millimeter, blind bevestigd met klemmen zodat er geen schroeven door het oppervlak heen zichtbaar zijn. Die plaat weegt ongeveer 5 kilo per vierkante meter en is op hout of op staal te bevestigen. Wat daaronder zit, de dikte van de isolatie, het type drager, de aanwezigheid van een dampremmende laag, heeft daar geen invloed op. De felsplaat functioneert als waterkerende bovenlaag, wat er ook onder ligt. Dat betekent dat de keuze voor de opbouw eronder volledig los staat van de keuze voor de felsplaat zelf, en dat die keuze dus gemaakt moet worden op basis van wat het gebouw nodig heeft, niet op basis van wat er nu eenmaal boven op ligt.
Het is verleidelijk om bij twijfel voor de lichtste, goedkoopste opbouw te kiezen, ook bij een gebouw waarvan de gebruiksduur nog niet vaststaat. Dat is een risico. Een tijdelijke opslagloods die na een paar jaar toch permanent blijft staan, zoals in het voorbeeld hiervoor, laat zien wat er dan kan gebeuren. Als er twijfel is over de gebruiksduur, is het verstandiger om uit te gaan van de langere termijn. Een opbouw die te licht is aangelegd, is achteraf lastig en duur te verzwaren, omdat daarvoor het hele dak weer open moet. Een opbouw die iets zwaarder is dan strikt noodzakelijk voor de kortste inschatting van de gebruiksduur, is achteraf niet spijtig als het gebouw langer blijft staan dan gepland.
Bij Klikzink leveren wij de felsplaten, gewalst op maat vanaf 450 tot 8000 millimeter, in de kleuren Nordic Night Black, Slate Grey en Metallic Dark Silver. De keuze voor de opbouw daaronder, de isolatiedikte, het type drager en de dampremmende laag, wordt gemaakt door de aannemer of architect in overleg met de opdrachtgever, op basis van de functie en de verwachte levensduur van het gebouw. Wij denken daar wel in mee als het gaat om wat die opbouw betekent voor de bevestiging van de plaat: op welke ondergrond de klikzink-profielen moeten worden vastgezet, welke schroeven daarbij nodig zijn, en of de opbouw voldoende draagkracht biedt voor de platen. Dat meedenken op tekening kost niets en helpt om vroeg in het proces te zien of de gekozen opbouw en de felsplaat goed op elkaar aansluiten.
Bepaal eerst hoe lang het gebouw moet meegaan en wat de functie ervan is, nu en naar verwachting in de toekomst. Leg dat naast de opbouw die de aannemer voorstelt en vraag u af of die opbouw daar logisch bij past. Twijfelt u, kies dan liever voor de opbouw die bij de langere gebruiksduur past. Heeft u een tekening of een concreet dakvlak, dan kijken wij daar kosteloos naar mee, met name naar de aansluiting tussen de gekozen opbouw en de bevestiging van de felsplaten.